Ruud van Empel plakt de hele wereld aan elkaar

Nieuwe lulligheid. Zo zou je het werk van vormgever-kunstenaar Ruud van Empel (1958) kunnen noemen. Een collage waarop een bizar clubje variété-artiesten poseert voor een wand met bloemetjesbehang. Of het clichébeeld van de ploeterende kunstenaar op een zolderkamertje in Parijs, met aan de muur ansichtkaarten als het huilende zigeunermeisje. Met voorliefde voor kitscherige dingen en geïnspireerd op de sfeer uit de jaren '50-'70 maakt Van Empel afficheontwerpen en fotowerken.

Op twee tentoonstellingen, in FotoForum in Amersfoort en het Groninger Museum, is zijn werk nu te zien. Van Empel is bekend geworden door zijn affiches voor het reizende theaterfestival De Parade (waarvan hij ook medeoprichter was), als art-director van de speelfilm Theo en Thea en de ontmaskering van het tenenkaasimperium en vooral door zijn vormgeving voor Kreatief met kurk. Met name voor dit VPRO-programma van Arjan Ederveen en Tosca Niterink ontving hij in 1993 de Charlotte Köhlerprijs.

Na Kurk – een hoogtepunt volgens Van Empel – is hij van de televisie verdwenen. Nu concentreert hij zich op vrij werk. De serie fotowerken The Office (1996-98) bij FotoForum verbeeldt de vormelijkheid die op kantoren heerst. De geportretteerde personages achter hun bureau zijn één met de ruimte waarin ze zich bevinden. Vanwege de eigen sfeer die ze om zich heen weten te creëren, maar vaker uit angst om op te vallen. Zoals de stoffige kantoorbediende die bedolven onder extreem hoge stapels boeken op het bureaublad wazig in de lens van de fotograaf kijkt. In een ander kantoor leest een dame met vlinderbril, omringd door moderne kunstwerken, wat verveeld in een tijdschrift. Doordat de objecten in het interieur ten opzichte van elkaar en ten opzichte van het kantoorpersoneel niet de juiste verhoudingen hebben, zijn het overduidelijk fotomontages. Opgebouwd uit plaatjes uit Van Empel's beeldarchief van kunstbladen, laboratoriumcatalogie en oude biologieboeken, zouden de collages, hoewel ze met hulp van geavanceerde computermanipulatie tot stand zijn gekomen, ook geknipt en geplakt kunnen zijn.

De latere series Photo-Portrait en Frame Story (Groninger Museum) zien er gelikter uit. Het is alsof Van Empel de digitale techniek beter onder de knie heeft gekregen, waardoor de afbeeldingen in eerste instantie minder `lullig' overkomen. Photo-Portrait zijn portretten van (fictieve) stereotiepe kunstenaars, die net als de kantoortypes helemaal opgaan in hun omgeving. Maar waar de mensen in de kantoren met hun rug tegen de muur zitten en de inrichting bestaat uit een platte opstapeling van dingen, hebben de ateliers van de kunstenaars perspectief. Je kunt er zelfs door een raampje naar buiten kijken.

Dat een raam niet per definitie tot een interessant uitzicht leidt bewijzen de afgebeelde vensters in Frame Story. Zo komt het daglicht wel via de openstaande dubbele ramen binnen, maar belemmeren de flats aan de overkant het uitzicht. Een ander venster, met een reepje geplooide vitrage aan de bovenkant en op de vensterbank twee plantjes, kijkt uit over een mistroostig grijs wolkendek. Met gevoel voor detail – hij vergeet bijvoorbeeld niet om een radiator onder de ramen te plaatsen – probeert Van Empel de ondraaglijke lichtheid of leegheid van het bestaan weer te geven. Daar slaagt hij in. Met ironie, dat wel.

Tentoonstellingen: Ruud van Empel/The Office. FotoForum. De Elleboogkerk, Langegracht 36, Amersfoort. T/m 21 maart. Di-vrij: 11-17.00 u, za-zo: 12-17.00 u. Waterpas of optisch recht afficheontwerpen en fotowerken van Ruud van Empel. Groninger Museum. Museumeiland 1, Groningen. T/m 28 maart. Di-zo: 10-1700 u

    • Nathalie Faber