Papoea Nieuw Guinea moet huurlingen betalen

De regering van Papoea Nieuw Guinea heeft België gevraagd te helpen om haar diplomatieke vertegenwoordiging in Brussel te bechermen. De noodkreet komt na een uitspraak van een rechtbank in Luxemburg, waarin het Britse huurlingenbedrijf Sandline International toestemming krijgt om beslag te laten leggen op bezittingen van Papoea Nieuw Guinea in Europa.

Het in Londen gevestigde bedrijf Sandline sloot twee jaar geleden een contract met de toenmalige premier van Papoea Nieuw Guinea, sir Julius Chan, om 150 huurlingen in te zetten in de strijd van het regeringsleger tegen het afscheidingsleger op het eiland Bougainville. De inschakeling van Sandline liep op een grote mislukking uit: het regeringsleger van Papoea Nieuw Guinea zelf kwam in opstand tegen het inschakelen van `dure' buitenlandse uitzendkrachten; de huurlingen moesten hals over kop het land uit en de affaire kostte uiteindelijk de kop aan premier Chan, tot dan de `grote man'van de politiek in Papoea Nieuw Guinea..

Het contract dat Sandline met premier Chan sloot, omvatte een bedrag van 36 miljoen dollar. Sandline claimt dat het nog 18 miljoen dollar tegoed heeft van de regering in Port Moresby. Die probeert op haar beurt de al betaalde 18 miljoen dollar terug te vorderen, maar heeft al eerder een rechtzaak om deze kwestie verloren. Een internationaal tribunaal bepaalde vorig jaar dat de regering ook de resterende 18 miljoen dollar moet betalen. Na de uitspraak deze week van de rechtbank in Luxemburg hebben diplomaten van Papoea Nieuw Guinea in Londen, Bonn en Parijs al hun tegoeden op banken teruggetrokken om in beslagneming te voorkomen. (AP)