Kunstenaars die films manipuleren

Wat kan je allemaal met film doen behalve er naar kijken? Het geluid uitzetten zodat je alleen de beelden overhoudt; of andersom. De beelden vertragen of versnellen. Je kan er stills uithalen en die in de vorm van foto's, al dan niet in een verhalende volgorde, laten zien, en je kan ook het tegenovergestelde doen, namelijk een film maken op een manier alsof je aan het fotograferen bent, dus met een stilstaande filmcamera gericht op een vaststaand, omkaderd beeld. Je kan slotscènes van verschillende films isoleren en die na elkaar laten zien; je kan beelden en geluid vervangen door een beschrijving ervan in de vorm van een boek of een wandtekst; of een film na laten spelen door non-professionele acteurs.

De tentoonstelling Cinéma, Cinéma in het Van Abbemuseum, waar werk is bijeengebracht van elf kunstenaars, laat van dit alles voorbeelden zien. Het Van Abbe wil hiermee `een groeiende belangstelling van jonge beeldende kunstenaars voor film' signaleren. De exposanten bewerken bestaand filmmateriaal, of passen filmtechnieken toe om een beeldend kunstwerk te maken. `Gewone' (video-)films zijn hier dus niet te zien.

Uit het geëxposeerde werk maak ik op dat het eigenlijke thema van deze kunstenaars niet een fascinatie voor film is, maar de postmoderne overtuiging dat de grote verhalen geen bestaansrecht meer hebben. Deze verhalen zijn leeg, hebben geen betekenis meer, omdat, kort gezegd, de geschiedenis zich niet langer naar een doel ontwikkelt, geen diepere samenhang meer heeft. Hiermee heeft ook iedere notie van waarheid zijn geldigheid verloren. Wat overblijft zijn fragmentarische, subjectieve interpretaties van gebeurtenissen en van de geschiedenis.

De deconstructivistische aanpak van de film levert in de meeste gevallen geen boeiende resultaten op. De Engelse Fiona Banner maakt `tekstwerken', eindeloze, gedetailleerde beschrijvingen van bijvoorbeeld The Deer Hunter of Apocalypse Now, in de vorm van een dik boek of handgeschreven op een metersgroot vel papier. Een hoofdstuk-, alinea- of regelindeling is er niet zodat de tekst als geheel onleesbaar is. Een tekstwerk van Banner oogt als een herhalingsoefening van het minimalistische werk van kunstenaars als Roman Opalka of Hanne Darboven. De herkenning van een scène uit een film geeft even een prettige Aha-beleving, maar meer ook niet.

De Deense Joachim Koester maakte een serie foto's in de voormalige legerstandplaats Christiana in Kopenhagen, die in 1971 gekraakt en sindsdien huisvesting biedt aan een hippie-achtige leefgemeenschap. Koester maakte de opnamen met een blauw filter dat door filmers gebruikt wordt om de dag het aanzien van de nacht te geven. Het trucje is direkt zichtbaar: dit zijn dagopnamen die er uit moeten zien als geheimzinnige nachtscènes. Een gewone fotografische documentaire van de commune op deze vreemde plek lijkt me spannender dan deze nep-raadselachtigheid.

Een enkele keer is een kunstwerk met duidelijke beeldende kwaliteiten ontstaan. Zoals No Forever (Golden) van de Duitser Christoph Girardet. Op een bijna vier meter hoog scherm zien we een uiterst vertraagde close-up van het gezicht van een blonde vrouw met grote blauwe ogen. De bewegingen zijn nauwelijks waarneembaar: zij kijkt ons aan, de ogen lijken zich met tranen te vullen, zij wendt haar blik af. De `tranen' blijken te worden veroorzaakt door het feit dat de vertraging zó sterk is dat de computer niet weet welke pixels hij moet kiezen. Het aantrekkelijke zit hem in de dubbelzinnigheid van de veranderende gelaatstrekken; dat dit een close-up is uit de Nazi-film Die Goldene Stadt (1942) is aardig om te weten maar voegt aan de ervaring van het werk niet per se iets toe.

Sharon Lockhart is geobsedeerd door symmetrie en door zeer exacte encadreringen. Haar fotografische opnamen, bijvoorbeeld van vrouwen op stoeltjes wachtend in een bankgebouw, krijgen hierdoor een vervreemdende werking: het beeld is zo perfect dat het volkomen tot stilstand komt en bijna abstract wordt hoewel de voorstelling natuurlijk herkenbaar blijft. De stilte in deze schitterende opnamen is intens.

Douglas Gordon toont het prachtige werk Between Darkness and Light (After William Blake) dat hij in 1997 op de beeldhouwkunst-expositie in Münster exposeerde. De opzet is simpel: twee films worden tegelijk vertoond, ieder aan een kant van een scherm, op zo'n manier dat de beelden door elkaar heen zijn te zien. De combinatie van beelden is toevallig, want de ene film is langer dan de andere en ze lopen in een loop, en toch lijken er steeds betekenisvolle samenhangen te ontstaan tussen het verhaal van het meisje dat een visioen van Maria heeft en het meisje dat bezeten is door de duivel. Het valt op hoezeer beide films over `het kijken' gaan: in extase aanschouwt Bernadette Maria, omstanders kijken in afschuw naar het door het kwaad bezeten meisje.

De werken van Lockhart, Girardet en Gordon zijn de enige op de expositie die ons bewust maken van het kijken, ze zetten ons op het verkeerde been of maken ons bewust van gemakkelijke vooronderstellingen; en bovenal zijn het zelfstandige, visueel boeiende kunstwerken. Alle andere blijven een afgeleide van datgene dat ze proberen te ontleden, de film.

Tentoonstelling: Cinéma, cinéma, hedendaagse kunst en de cinematografische ervaring. Met werk van elf kunstenaars. Van Abbemuseum, Vonderweg 1, Eindhoven. T/m 24 mei. Geopend di-zo 11-17 uur. Catalogus, 128 blz., ƒ65,-.