Dans politici en bureaucraten om Japanse geldpers

Moet de Japanse centrale bank simpelweg massaal geld bijdrukken om de economie uit de recessie te halen? De druk van politici is groot. Maar de centrale bank verdedigt haar net verworven onafhankelijkheid.

Door stimuleringspaketten stijgt de Japanse staatsschuld naar recordhoogte, de enig overgebleven stap is geld drukken. Deze opinie is steeds vaker te beluisteren en heeft deze maand tot sterke druk geleid op Japans centrale bank onmiddellijk nieuw uit te geven staatsobligaties te kopen. De roep van politici uit de regerende Liberaal Democratische Partij wordt gesteund door topeconomen als de Amerikaan Paul Krugman. En ook het gezaghebbende blad Financial Times hield een dergelijk pleidooi.

Deze maatregel is echter, noodgevallen daargelaten, illegaal onder de huidige Japanse wetgeving. Het direkte gevolg is inflatie. Dit heeft voordelen zoals een waardedaling van schulden van overheid en bedrijven, en een verhoging van de druk op de bevolking eindelijk zijn spaargeld uit geven. Maar Japan heeft bittere herinneringen aan een dergelijke maatregel. In de jaren dertig beval het leger de geldpersen te laten draaien voor de financiering van de oorlog in China met als gevolg hoge inflatie.

Directe aanleiding voor de huidige oproep is de sterke stijging sinds december van de rente op de kapitaalmarkt als gevolg van de impopulariteit van Japanse staatsobligaties. De hoge rente is niet prettig voor het Japanse bedrijfsleven en zou de positieve effecten van de overheidsstimulering weer te niet kunnen doen. Het ,,geruïneerde-land-scenario'' noemde Hiroshi Takeuchi van het effectenhuis Daiwa onlangs de combinatie van hoge rente, dure yen en lage aandelenkoersen.

Maar achter de stijging van de rente ligt `het incident', zoals het inmiddels in de Japanse pers wordt aangeduid. Dit `incident' is de aankondiging van minister Kiichi Miyazawa (Financiën) in december dat het Trust Fund Bureau van zijn ministerie – dit bureau beheert de gelden van Japans postspaarbank – geen staatsobligaties meer zal kopen. Terwijl het Trust Fund Bureau juist een van de grootste afnemers van staatsobligaties is. Het kwam op het moment dat Japan een record begrotingstekort moet financieren. Vertrouwt de overheid haar eigen waardepapieren dan niet meer?

Een samenzweringstheorie deed de ronde, die door het serieuze economische weekblad Toyo Keizai werd genoteerd. De theorie is dat het ministerie van Financiën bewust een chaos creëert door te stoppen met aankoop van de obligaties. Het ministerie verzette zich uit begrotingsconservatisme de afgelopen jaren tegen grote uitgaven voor stimulering van de economie. Het ministerie wist in 1997 een BTW-verhoging door te voeren, waardoor de economie in elkaar zakte. Dit gaf het initiatief aan politici die in een nieuw stimuleringspaket een mooie kans zagen bevriende bedrijven een vette kluif toe te werpen. Ook heeft de LDP grote behoefte aan economische groei om de publieke belofte van premier Keizo Obuchi in te lossen en de verkiezingen van volgend jaar te kunnen winnen. Zoals een commentator stelt: de LDP heeft geen economische strategie, slechts een verkiezingsstrategie.

Terugkerend naar de `samenzwering': door nu een chaos te creëren kan het ministerie het failliet van dat beleid aantonen. Vervolgens kunnen de ambtenaren weer het initiatief terugnemen. Dat Toyo Keizai de theorie noteert geeft in elk geval aan dat er weinig duidelijkheid is over het beleid dat de Japanse overheid wil volgen.

Na `het incident' van december kwam de druk van politici op de centrale bank om de obligaties direct op te kopen. Ze moeten hun obligaties toch ergens kwijt. LDP-politici als kabinetssecretaris Hiromu Nonaka – ook al lijkt zijn titel anders te suggereren, hij heeft de rang van minister en een van de invloedrijkste posten binnen het kabinet – voerden de druk op. Nonaka stelde omineus ,,verwachtingen te hebben'' ten aanzien van de centrale bank. In de Japanse pers werd ook de Amerikaanse minister van Financiën Rubin opgevoerd als medestander, al ontkende deze zoiets hebben gedaan.

Ruim een week geleden kwam het bestuur van de centrale bank bijeen maar de verwachtingen van Nonaka werden niet ingelost. De bank zal niet de geldpersen aanzetten door direct nieuw uit te geven obligaties aan te kopen, ook de hoeveelheid obligaties die het op de open markt koopt gaat niet omhoog. De bank heeft juist sinds april vorig jaar een onafhankelijker status gekregen en gouverneur Masaru Hayami heeft zijn fort verdedigd.

Op zijn persconferentie zei hij: ,,Als de centrale bank steeds meer obligaties gaat kopen verliest de overheid budgettaire matiging. Er blijft het gevaar dat de koers van obligaties daalt en de rente stijgt. Ter discussie staat het vertrouwen in Japan zelf.'' Zo ontkende Hayami dat vergroting van de aankoop van obligaties automatisch verlaging van de rente als resultaat zou hebben. Om goede wil te tonen verlaagde de bank wel de daggeldrente, al zei Hayami ,,geen vertrouwen te hebben dat hierdoor ook de lange termijnrente daalt''.

Het resultaat was dat minister van Financiën Kiichi Miyazawa een week geleden moest terugkomen op het `december-incident': het Trust Fund Bureau hervat de aankoop van staatsobligaties. Direct daalde de veelbesproken rente en de yen volgde. De Nihon Keizai Shinbun (Japans Economisch Dagblad) sprak van ,,zwalkend'' beleid.

Directe aankoop van nieuwe obligaties is voorlopig uit het nieuws. Wat voortgaat is actie van onder meer de tweede ambtenaar van het ministerie van Financiën, Eisuke Sakakibara, ofwel `Mr. Yen', om de yen naar beneden te praten. De taakverdeling tussen zijn ministerie en de centrale bank even vergetend zei hij afgelopen week nog dat ,,de centrale bank vastbesloten is om met alle middelen meer liquiditeit in de markt te pompen''. De ministers van Financiën van de G7 gaven afgelopen weekeinde in Bonn stille goedkeuring aan de lagere yen-koers, die gunstig is voor Japanse bedrijven. Over een gewenste koers werd volgens Sakakibara namelijk ,,niet gesproken''.