Unilever vindt oplossing luxeprobleem

Het lijkt een luxeprobleem, maar menig bedrijf zit ermee in zijn maag: te veel geld op de bankrekening waar nauwelijks een goed doel voor te vinden is. Unilever keert daarom 16 miljard gulden uit aan de aandeelhouders.

Ondernemers houden er niet van om in hun eerlijk verdiende geld te zwemmen. Dat bleek gisteren weer eens, toen Unilever bekendmaakte binnenkort 16 miljard gulden aan de aandeelhouders te willen overhandigen. ,,We hebben het gewoon niet nodig'', lichtte bestuursvoorzitter Morris Tabaksblat de donatie luchtig toe. De uitkering komt overeen met 10 procent van de beurswaarde van het concern.

Unilever is er het afgelopen jaar niet in geslaagd een goede besteding voor het geld te vinden: overnamekandidaten zijn volgens het voedings- en wasmiddelenconcern te duur of niet aantrekkelijk genoeg. ,,De vraag was steeds of wij na een overname waarde kunnen toevoegen'', zei Tabaksblat.

Is het superdividend nu een terechte geste aan de aandeelhouder of een gebrek aan ondernemingszin?

,,Het is in elk geval geen uiting van groot optimisme over de groeikansen van het concern'', reageert J. Klaassen, hoogleraar economie aan de Vrije Universiteit. ,,Natuurlijk mag een onderneming geen geld onder zich houden als zij toch geen nuttige besteding kent, maar het is zeer de vraag of de aandeelhouder het geld met meer rendement gaat besteden. Dat weet niemand.''

De Tilburgse hoogleraar P.W. Moerland, lid van de zogeheten commissie Peters die aanbevelingen heeft gedaan over effectief ondernemingsbestuur, noemt de actie van Unilever verstandig. ,,Het concern is geen spaarbank. Als je geld nodig hebt voor goede investeringen, ga je naar de kapitaalmarkt. Op het moment dat je geld over hebt, breng je het terug. Het zou pas onverstandig zijn op het moment dat Unilever te dure overnames doet. Dat is ook in maatschappelijk opzicht niet efficiënt''.

Met name de vertegenwoordigers van de werknemers hebben zich tot nu toe uitgesproken negatief uitgelaten over het superdividend. ,,Een teken van armoede van het management'', vindt G. Baltes, voorzitter van de Europese ondernemingsraad van Unilever. ,,Met overgemotiveerde aandeelhouders en ondergemotiveerde werknemers kan een onderneming niet succesvol zijn.''

Klaassen noemt het verwijt van de vakbonden onterecht. ,,Aandeelhouders hebben principieel recht op een winstuitkering, dus dat verwijt zie ik niet. Je zou kunnen zeggen dat het superdividend en de klacht van de bonden dezelfde onderliggende oorzaak hebben: gebrek aan groeimogelijkheden.''

Unilevers superdividend mag dan door zijn omvang uniek zijn, maar de gedachte om overtollig geld aan de aandeelhouder uit te keren is niet nieuw. In de Verenigde Staten gebeurt dit in de regel via het inkopen van eigen aandelen. Gevolg is dat het stuwmeer van slecht renderend kasgeld daalt en de winst per aandeel stijgt doordat de ingekochte aandelen niet meer meetellen bij de winstverdeling.

Door de hoge belasting op de rechtstreekse inkoop van eigen aandelen (ongeveer een kwart van het ingekochte pakket moet naar de fiscus), gebruiken Nederlandse bedrijven meestal een omweg. Unilever biedt per aandeel een dividend van 14,50, terwijl de belegger voor elke 112 aandelen 100 nieuwe aandelen terugkrijgt. Voor de aandeelhouder verandert er niet veel, want ook op deze manier wordt het aantal aandelen teruggebracht. ,,Het is geen `buy back'-operatie'', zei Tabaksblat. ,,Maar het heeft wel hetzelfde effect.''

Ook Philips maakte eind vorig jaar een gelijke constructie bekend, waarmee het elektronicaconcern 3,3 miljard gulden aan overtollig kasgeld loost. Eerder beloonden het opgesplitste conglomeraat KNP BT (nu Buhrmann), chemieconcern DSM en familiebedrijf SHV (een superdividend van 22 gulden per aandeel na de verkoop van de Makro) hun aandeelhouders. Volgens een onderzoek van ABN Amro van een jaar geleden zouden 45 onderzochte beursfondsen maar liefst 106 miljard gulden kunnen besteden aan de inkoop van eigen aandelen. Ook rijke bedrijven als Reed Elsevier, Shell en KLM kunnen binnenkort wel eens met een douceurtje voor de aandeelhouders komen.

Toch zitten er ook nadelen aan de beperking van het aantal aandelen. Wat gebeurt er bijvoorbeeld wanneer over een aantal jaren de rente flink gaat stijgen en de aandelenkoersen in elkaar zijn geklapt? Lenen wordt op zo'n moment heel duur, terwijl het uitgeven van goedkope aandelen tot een fikse verwatering van de winst leidt. ,,Maar een verhoging van de rente wordt voor de eerste drie jaar niet voorzien en om al die tijd op 16 miljard gulden te zitten, lijkt me niet slim'', stelt directeur P. de Vries van de Vereniging Effectenbezitters. ,,Dat geld kan beter via de beurs naar bedrijven als Aegon en Ahold worden gesluisd die er grote overnames mee kunnen doen.''

De bezwaren van de werknemers bij Unilever vindt De Vries onterecht. ,,Eigenlijk zou heel Nederland blij moeten zijn, want het superdividend bewijst dat deze bedrijven efficiënt zijn en dat is voor de werkgelegenheid op termijn het beste. Niet-efficiënte bedrijven vallen automatisch van de ladder: zie wat er met de werkgelegenheid bij bedrijven als Nedlloyd en Hoogovens is gebeurd.''