Bestuurlijke chaos rond varkens

De rechtbank heeft gisteren gezegd dat de varkensboeren hun varkensrechten vooralsnog mogen houden. Minister Apotheker kan kiezen: schadevergoeding betalen of de wet beter onderbouwen.

Het politieke lijk dat Wet Herstructurering Varkenshouderij heet is gisteren met een daverende klap uit de kast komen vallen. Het hing al een tijdje tegen de kastdeur, vertoonde tekenen van verval en menigeen had al eens angstvallig een kiertje van de kast geopend om te kijken hoe het ermee stond. Maar met de uitspraak van de president van de Haagse rechtbank gisteren was er geen houden meer aan.

Gisteren besliste de Haagse rechtbank-presidente E. Dil-Stork dat het ministerie van Landbouw moet aantonen dat de wet niet strijdig is met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Lukt dat niet, dan moet het ministerie met een adequate schadevergoeding komen. Tot die tijd hoeven de leden van de varkensvakbond NVV, die de deugdelijkheid van de wet in een kort geding had aangevochten, zich niets aan te trekken van de gedwongen inrkrimping van hun varkensstapel. In plaats van twee keer tien procent te moeten korten, mogen zij hun varkensstapel gewoon uitbreiden.

Op een inderhaast ingelaste persconferentie toonde minister Apotheker (Landbouw, D66) zich, anders dan zijn voorganger Van Aartsen, opnieuw een minister die het liefst in overleg met de sector tot oplossingen wil komen. Alsof er van een conflict geen sprake was stelde hij ,,met de sector eens te willen bekijken welke onderdelen van de wet we dit jaar zonder juridische meningsverschillen gewoon kunnen uitvoeren.'' Vanmorgen zat Apotheker zowel met de voorzitter van de NVV als met de voorzitter van LTO om de tafel. ,,Het is volgens mij juridisch onhoudbaar om verschil tussen beide verenigingen te maken'', zo beargumenteerde hij zijn keuze en stemde met de wet in. Maar Apotheker zit er intussen mooi mee in zijn maag. De Wet Herstructurering Varkenshouderij gold als het grote succesnummer van zijn liberale voorganger Van Aartsen. Die toonde nog eens lef, was steeds het idee, door de varkenshouderij, jarenlang vertroeteld door het CDA, hard aan te pakken: veertien miljoen kilo fosfaat uitstoot minder, via een reductie met een kwart van de varkensstapel. Er was weliswaar kritiek, en niet uit de minste hoeken: Raad van State, Tweede Kamer én Eerste Kamer wezen erop dat er wellicht een schadevergoeding moest komen. Maar menig politicus liet bij de definitieve stemmingen het gevoel prevaleren boven het verstand. Minder varkens, luidde het credo, is goed voor het milieu.

Sindsdien verliep de herstructurering minder goed dan gedacht. C. Kalden, directeur generaal van het ministerie, liet gisteren, vlak voor de rechterlijke uitspraak, in een interview met het weekblad Boerderij weten dat door de vele uitzonderingsregels op de wet de geplande fosfaatreductie niet gehaald zou worden. De meeste van die uitzonderingsregels waren gemaakt door Van Aartsens opvolger Apotheker: bedoeld om onrechtvaardigheden tegen te gaan, wat de boeren gunstiger had kunnen stemmen. Maar dat is niet gelukt. En met de uitspraak van de rechter is het alleen maar waarschijnlijker geworden dat de wet zijn doel niet zal halen.

Intussen is de hele operatie al wel in volle gang: de eerste korting van tien procent dateert van eind vorig jaar. Duizenden boeren hebben al een deel van hun rechten afgestaan, enkele honderden hebben vanwege de slechte toekomstverwachtingen hun bedrijf al beëindigd. De schade voor de sinds gisteren overbodige beëindiging willen zij nu ook op het ministerie verhalen.

Toch komt de uitspraak van de rechter niet als een verrassing. Behalve door Raad van State, Tweede en Eerste Kamer hebben ook de landbouworganisaties gewaarschuwd. In hun woorden was het het zonder schadevergoeding afnemen van varkensrechten `pure diefstal'. En nog voordat er een varkensrecht uit de markt was genomen, lagen er al twee zaken bij de rechter. LTO Nederland spande een bodemprocedure aan, waarmee het alsnog een schadevergoeding wilde afdwingen.

De radicalere NVV gooide het op een kort geding, verloor dat, spande een verkorte bodemprocedure aan en kreeg tussentijds gedeeltelijk gelijk. Het ministerie ging echter onverminderd voort met de uitvoering van de wet. De NVV spande wederom een kort geding aan, om opschorting van de wet te bewerkstelligen totdat de bodemprocedure was afgerond, en won dat gisteren glansrijk. LTO-Nederland eiste gisteren meteen ook uitstel van de korting. ,,Binnen 24 uur moet er hetzelfde gelden als voor de NVV-leden'', dreigt LTO, ,,en anders spannen we ook een kort geding aan''. De kans dat een dergelijk kort geding wordt gewonnen is nu vrij groot.

De vraag is hoe het zo ver heeft kunnen komen. Door Van Aartsen werd de kritiek afgedaan met de stelling dat ,,je bij dit soort wetten altijd procedures hebt''. Zijn juristen lijken zich daar echter lelijk op verkeken te hebben.