Als het maar beweegt

We erkennen Fries, kijken niet op of om als iemand Turks of Marokkaans spreekt, en spreken een woordje Papiaments mee. Maar van bewegende woorden kijkt iedereen nog steeds vreemd op. En dat terwijl voor 1,3 miljoen Nederlanders bewegende woorden, of gebarentaal, de moedertaal is.

In maart 1996 ging onder leiding van de Amsterdamse hoogleraar taalwetenschappen A. Baker een commissie aan de slag die moest onderzoeken of de Nederlandse Gebarentaal kon worden beschouwd als een volwaardige taal. In juni 1997 was een volmondig `ja' het antwoord: de Nederlandse Gebarentaal moest formeel worden erkend. Maar dat is nog steeds niet officieel gebeurd.

De commissie Baker deed voorts 64 voorstellen: van gebarenonderwijs en tolkvoorzieningen tot het ondertitelen van televisieprogramma's en een programma in de Nederlandse Gebarentaal. De NOS moet zorgen dat 50 procent van de Nederlandstalige programma's wordt ondertiteld, van de commerciële omroepen, die niets verplicht kan worden en die het zelf zouden moeten betalen, ondertitelt alleen SBS6. Uit het feit dat alleen de jaarlijkse Troonrede in gebarentaal wordt vertaald - de NOS zegt dat het voor horende kijkers hinderlijk is om een doventolk in beeld te zien - mag wel duidelijk zijn dat ook van de voorstellen nog niet veel is verwezenlijkt.

Het tijdschrift Woord & Gebaar, met als voornaamste doelgroep doven en slechthorenden, heeft wél begrepen dat voor veel doven gebarentaal toegankelijker is dan geschreven Nederlands. Het nieuwste nummer van Woord & Gebaar is naast de gewone geschreven vorm en een Internet-editie, ook in videovorm verschenen. Nieuwtjes, reportages, en zelfs de columns zijn in beeld en gebarentaal opgenomen. ,,Woord & Gebaar zou moeten bewegen'', legt de redactie uit. ,,Op een videoband, via de televisie, via Internet of anderszins. Als het maar beweegt.''

Ook voor horende lezers is het tijdschrift, in beide vormen, interessant. Nooit geweten bijvoorbeeld dat bij rampen iedere burger gewaarschuwd wordt de ramen en deuren te sluiten, maar doven niet. Binnenkort begint er een proef met buzzers. In gebarentaal en met ondertitels en een vertaalstem wordt de buzzerproef op de videoband uitgelegd. En ook mooi: een gedicht in gebarentaal, dat net zoveel emotie oproept als een gesproken of geschreven gedicht.

Hinderlijk zo'n doventolk? Nee, heel logisch eigenlijk, die bewegende woorden.

    • Titia Ketelaar