Klokkenluiden

AMERIKA IS HET land van de klokkenluiders, of whistleblowers zoals men daar zegt: werknemers die interne misstanden extern aan de kaak stellen. Een employee uit de gezondheidszorg kreeg onlangs zelfs een beloning van bijna dertig miljoen dollar toegekend omdat zij een lucratieve verzekeringsfraude door haar werkgever had aangegeven. Het belang van het klokkenluiden is in Amerika zelfs voor de ambtelijke dienst erkend. Twintig jaar geleden kregen federale ambtenaren die de vuile was naar buiten brachten een speciale wettelijke erkenning.

Toch bleef er zelfs in het land van de whistleblowers iets wringen, zo bleek uit een enquête over de vraag of ambtenaren die weet hadden van verspilling of andere wantoestanden in de organisatie dat uit vrees voor represailles voor zich hielden. Ondanks de klokkenluiderswet verdubbelde het percentage ambtenaren dat kritiek liever voor zich hield. Het is te gemakkelijk dergelijke uitkomsten af te schuiven op intimidatie. Geen organisatie kan het stellen zonder loyaliteit. Bij de overheid is daar bovendien het hele stelsel van politieke verantwoordelijkheid op gebaseerd.

Is er echter geen hogere loyaliteit dan de ambtelijke dienst? Deze vraag is in Nederland gerezen ten aanzien van de kwaliteit van de adviezen van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne en bij de Europese Gemeenschappen ten aanzien van verspilling en vriendjespolitiek door Eurocommissarissen. In beide gevallen werden problemen door ambtenaren naar buiten gebracht.

NEDERLAND HEEFT het er moeilijk mee, maar fractieleider Thom de Graaf van D66 heeft een ei van Columbus. Bij de lancering van de campagne voor de Provinciale Staten stelde hij voor in ambtelijke organisaties vertrouwenspersonen aan te stellen bij wie bezwaarde ambtenaren hun nood kwijt kunnen. Het is een waardevolle suggestie. Ambtelijke routines kunnen ook te ver gaan, zoals de Bijlmer-enquête leert. Tegelijk moet er tegen worden gewaakt dat ambtenaren vetes via de publiciteit uitvechten of al te gemakkelijk met hulp van buiten hun gelijk proberen te halen.

Een vertrouwenspersoon verschaft de aspirant-klokkenluider op zijn minst een reality check. En binnen de organisatie vormt hij een signaal tégen ,,hofhoudingsgedrag'', de kliekvorming die een voedingsbodem is van allerlei soorten onwenselijk gedrag. De vraag is natuurlijk of men deze zorg kan uitbesteden, een vraag die trouwens al geldt voor andere meer gespecialiseerde vertrouwenspersonen tegen seksuele intimidatie of voor gelijke behandeling van gehandicapten of leden van minderheidsgroepen.

Klokkenluiden raakt als het iets voorstelt de kernactiviteit van de betrokken organisatie en daarmee de kern van de politieke verantwoordelijkheid. Dat is een dimensie van het probleem waarmee D66 als partij van de staatsrechtelijke hervorming zich in het verleden nogal placht bezig te houden. Deze dimensie ontbreekt nu wel een beetje in het plan van De Graaf.