`Duitsers kennen ook medeleven'

Een concert op 4 mei in Appingedam, samen met een Duits koor, gaat niet door. De burgemeester vreest verstoring van de dodenherdenking. De koren zijn het daar niet mee eens.

Het is 4 mei. Een militaire erewacht staat op het Kerkplein van Appingedam. Honderden mensen, die zojuist aan een stille tocht hebben deelgenomen, luisteren naar koralen van het plaatselijke muziekkorps. De dominee houdt een toespraak en gedenkt de gevallenen van de Tweede Wereldoorlog. Bij de gedenknaald, het oorlogsmonument, worden kransen gelegd.

De gedenknaald staat naast een poortje dat toegang geeft tot de Nicolaïkerk. Daar stond voor 4 mei om negen uur een uitvoering gepland van `Ein Deutsches Requiem' van Johannes Brahms door het Toonkunstkoor Delfzijl en de Emder Sangverein. Maar het concert gaat niet door. Burgemeester J. Jonkers van Appingedam raadde het koor sterk af op deze plaats en dit tijdstip op te treden. Bezoekers van de kerk zouden de herdenking met geloop en gepraat verstoren, meent hij. ,,En het zou extra vervelend kunnen zijn als dit door Duitsers gebeurt'', stelt hij. ,,U en ik kunnen niet ontkennen dat deelnemers aan een stille tocht die de doden van de Tweede Wereldoorlog herdenken, geïrriteerd kunnen worden door concertbezoekers. En die irritatie zou groter kunnen zijn als het Duitsers betreft.''

Geen misverstand: Appingedam heeft een vriendschapsband met het Duitse Aurich. Er zijn tal van uitwisselingen met Duitse koren. Jonkers kan het niet genoeg beklemtonen: hij heeft het concert niet verboden . ,,Het gaat niet om Duitsers. Maar waarom juist op deze dag en op deze locatie?''

Maar volgens voorzitter E. Jansen van het Toonkunstkoor Delfzijl, dat zijn tachtig leden uit de hele regio betrekt, speelde de aanwezigheid van Duitsers wél een rol. Ze is verbijsterd door Jonkers reactie. ,,Hij heeft ons gezegd dat hij nabestaanden van slachtoffers niet wil kwetsen. Wethouder Van Hal vond het een provocatie. `Haalt u hier Belgen naar toe of Schotten. Duitsers kunnen hier 364 dagen per jaar optreden, maar niet op 4mei', is ons gezegd.'' Jonkers ontkent dit. ,,Mevrouw Jansen houdt van een stuk dramatiek.''

Het Toonkunstkoor treedt al zeven jaar op met koorleden uit Emden. Twee jaar geleden ontstond het plan om gezamenlijk de dodenmis van Brahms op te voeren. Eerst op 4 mei in de middeleeuwse Nicolaïkerk met zijn fraaie, grote koor; daarna op 14 november in Emden, waar die dag de Duitse slachtoffers van de beide wereldoorlogen worden herdacht. Voor het project werd met succes Europese subsidie aangevraagd. Jansen: ,,Ondanks alles wat gebeurd is, wilden we laten zien dat we nu gezamenlijk in een verenigd Europa naar de toekomst moeten kijken.'' Ze is zich ervan bewust dat er gevoeligheden kunnen zijn. ,,Ik wil niets afdoen aan wat slachtoffers meemaakten. We hebben het er uitgebreid over gehad en alle koorleden eerst gepolst. Maar niemand had bezwaar om op 4 mei samen met Duitse collega's op te treden. Ook in Duitsland leven gevoelens van medeleven met slachtoffers. We wilden samen invulling geven aan die dag, want we moeten samen verder.''

Dat het gemeentebestuur bezwaren maakte was pijnlijk, stelt Jansen. Verbieden konden B en W het optreden niet. Om ,,verdere trammelant'' te voorkomen, zal het koor uitwijken naar de Kruiskerk in Delfzijl.

Voorzitter M. Kolk van de Emder Sangverein vindt het spijtig dat Appingedam niet gediend was van een optreden. ,,We zijn er droevig over. We hadden dit ook niet verwacht, maar moeten het accepteren.'' De uitvoering van Brahms' dodenmis is volgens Kolk bedoeld als ,,vriendschapsconcert'' en als ,,teken van verzoening''.

Burgemeester E. Haaksman van Delfzijl heeft ,,goede'' ervaringen met Duitse deelname aan herdenkingsplechtigheden op 4 mei. ,,Twee jaar geleden was burgemeester Menzel van Wilhelmshafen, waar in de oorlog een kamp stond, hier. Hij liep keurig mee in de stille tocht en legde een krans. Daar is geen enkele negatieve reactie op gekomen.''