Zeker 100 doden bij opstand Z-Irak

De zaterdag uitgebroken onlusten in Zuid-Irak en de shi'itische wijken van Bagdad, die al snel het karakter van een volkopstand kregen en zeker honderd mensen het leven hebben gekost, zijn nog steeds niet bedwongen. Dat melden zowel onafhankelijke getuigen als de shi'itische oppositie van Irak. Direct na de officiële bekendmaking dat de hoogste geestelijk leider van de Iraakse shi'ieten, Groot-Ayatollah Mohammed Sadek al-Sadr, met twee van zijn zoons was vermoord, kwamen overal in het land shi'ieten de straat op om tegen het bewind van president Saddam Hussein te betogen.

,,Maar in ons deel van de wereld hebben protestdemonstraties een andere betekenis dan in het Westen'', zegt een gevluchte Irakees. ,,En zeker in Irak, waar iedereen weet dat als hij niet met de wapens in de hand protesteert, hij onmiddellijk wordt neergeschoten.''

De veiligheidsdiensten sloegen keihard terug. Volgens een woordvoerder van de in Teheran zetelende Opperste Raad van de Islamitische Revolutie in Irak (SCIRI) zouden alleen al in Bagdad 300 doden zijn gevallen. Dezelfde organisatie, die overigens niet bekend staat om haar correcte weergave van de feiten, meldde vanochtend dat er nog steeds wordt gevochten in bepaalde wijken van Bagdad en in de shi'itische steden Nasseriya en Kerbala.

Zaterdag vertelde de Iraakse vice-president Taha Yassin Ramadan in een vraaggesprek met de krant al-Khaleedj, die in de Verenigde Arabische Emiraten wordt uitgegeven, dat shi'itische strijdkrachten, komend uit Iran, op 17 december hadden geprobeerd in Zuid-Irak te penetreren. Zij maakten gebruik van de Amerikaans-Britse bombardementen die toen in volle gang waren en ten doel hadden deze shi'itische opstandelingen te helpen. De Iraakse strijdkrachten hadden deze inval echter verijdeld.

Ayatollah Mohammed Baqr al-Hakim, de leider van de Opperste Raad van de Islamitische Revolutie in Irak, zei in een vraaggesprek met de Koeweitse krant al-Rai al-Aam dat dit `leugens` waren.

Groot-Ayatollah4