Brinkman ziet zijn gelijk bevestigd na afgang van Amsterdam

Het was hem nooit eerder overkomen in zijn lange loopbaan: verliezen en toch een heimelijke glimlach op het gezicht. Maar tot morele winnaar wenste Jacques Brinkman gisteren niet uitgeroepen te worden na de ontluisterende nederlaag (4-1) die Amsterdam incasseerde tegen SCHC. ,,Want ik heb deze vervelende uitslag niet nodig om te weten dat ik gelijk heb.''

Zonder de geblesseerde Brinkman (32) begon Amsterdam gisteren aan de tweede helft van de hockeycompetitie. Uitgerekend in de woonplaats van de in onmin geraakte middenvelder, uitgerekend tegen de club waar hij zijn loopbaan ooit begon en vermoedelijk ook zal beëindigen. Brinkman was ervan overtuigd dat de wanprestatie niet uit de lucht was komen vallen en dat hij, vorige maand als coach weggestuurd na een opstand binnen de spelersgroep, het al die tijd dan misschien toch bij het rechte eind had gehad. ,,Deze jongens kunnen niet omgaan met tegenslag. Eén kink in de kabel en ze zijn het spoor bijster.''

Dat zag ook Brinkmans opvolger Joep Brenninkmeijer. Terug op de post die hij niet zegt te ambiëren, onderging de huisarts uit Amstelveen een hardhandige ontgroening. Vier kansen creeërde SCHC en vier keer was het raak. Tot verbijstering van Brenninkmeijer die in de slotfase Frank Rutgers en Marten Eikelboom met een tijdstraf naar de kant zag vertrekken.

Als excuus voor de zeperd kon de interim-coach verder de afwezigheid aanvoeren van vijf spelers, naast Brinkman (ontstoken botvlies) verder Bruggink (rug), Van Hout (hamstring), Peters (botsplinter) en Windt (griep). Tel daarbij de matige voorbereiding en Brenninkmeijer was snel klaar met zijn wedstrijdanalyse. ,,We modderen voort, maar houden vertrouwen in een goede afloop.''

Van de suggestie dat de affaire-Brinkman nog lang niet is uitgewoekerd, wilde Brenninkmeijer niets weten. Fel: ,,Dat staat hier helemaal los van. Heeft er niets, maar dan ook niets mee te maken.'' Hoop putte hij uit de eerste helft toen Amsterdam de tegenstander zijn wil oplegde. ,,We kunnen wel hockeyen, alleen nog geen twee keer 35 minuten.''

Brinkman zag het echec hoofdschuddend aan vanaf de zijlijn. Groen en geel ergerde hij zich onder anderen aan Rochus Westbroek, de spits die het waagde zonder scheenbeschermers op het kletsnatte kunstgras te verschijnen. ,,Een gebrek aan discipline'', foeterde Brinkman. ,,Dat was bij mij niet gebeurd.''

Het liefst was de karaktervolle middenvelder halverwege de wedstrijd over de boarding gesprongen om zijn ploeg de helpende hand te reiken. Gevolgen waren niet uitgebleven, verzekerde Brinkman. ,,Dan waren er een paar over het hek gegaan.'' En, enigszins overmoedig: ,,Als sommigen mijn karakter hadden gehad, dan was dit niet gebeurd.'' Dat mag worden betwijfeld. Feit is dat Amsterdam gisteren overrompeld werd door een ploeg die dit seizoen blij mag zijn als het niet degradeert. SCHC staat momenteel negende.

Tegen Amsterdam moest de ploeg van afzwaaiend coach Norbert Nederlof het bovendien doen zonder twee ervaren krachten, oud-internationals Bastiaan Poortenaar en Tahir Zaman. De eerste blesseerde zich gisteren tijdens de warming-up, de tweede overwinterde in zijn geboorteland Pakistan. Sindsdien werd taal noch teken van hem vernomen.

Het ploegje in het rood-blauw kan wel wat versterking gebruiken en Brinkman lijkt de aangewezen man. Zelf houdt de 292-voudig international een slag om de arm (,,Ik beslis pas aan het einde van dit seizoen''), al vleide het de verloren zoon natuurlijk dat hij de laatste weken meer dan eens werd gevraagd of zijn terugkeer aanstaande was. ,,Niet verstandig'' noemde SCHC-coach Nederlof gisteren desondanks de pogingen om Brinkman los te weken. ,,Laat Amsterdam eerst maar eens zelf orde op zaken stellen.''

Dat is hard nodig. Na dertien wedstrijden bezet de ploeg de zesde plaats op de ranglijst, op tien punten achterstand van koploper Bloemendaal. Zondag komt de nummer drie, Oranje Zwart, op bezoek in het Wagener-stadion. ,,Als we die niet winnen, kunnen we de play-offs wel schudden'', wist Brinkman.

Harde maatregelen luidt derhalve zijn advies aan Brenninkmeijer om te voorkomen dat het seizoen over een week als mislukt kan worden beschouwd. ,,De waarheid moet op tafel. Als we elkaar weer met fluwelen handschoenen aanpakken, gaat het ook mis tegen Oranje Zwart.''

Rogier van 't Hek was minder spraakzaam. ,,Ik heb niks te vinden. Hockeyen en smoel houden lijkt me de beste oplossing'', aldus de verdediger en een van de vijf dissidenten die Amsterdam dreigde te verlaten als Brinkman aan zou blijven als coach. Bij Brenninkmeijer is de zaak voorlopig in goede handen, beweerde Van 't Hek. ,,Joep is de enige die zijn neus in dit wespennest kan steken.''

Het slotakkoord kwam gisteren op naam van Brinkman. ,,Wat zei Hekkie'', wilde de routinier bij het afscheid weten. En na het antwoord, met een sarcastische glimlach: ,,Misschien was deze nederlaag dan toch ergens goed voor.''

    • Mark Hoogstad