Wijn

De productie van wijn in Europa is omgeven door een woud van regelingen. Grootste probleem vormt de tafelwijn, die jaarlijks de helft tot meer van het totaal uitmaakt. De Europeaan drinkt steeds meer kwaliteitswijn, die meer en meer uit derde landen als de Verenigde Staten, Zuid-Afrika, Australië en Chili komt. Gevolg daarvan zijn jaarlijks forse overschotten aan tafelwijn uit met name Griekenland, Italië, Porugal en Spanje. Die overschotten worden gedistilleerd.

Bedoeling van Agenda 2000 is de overschotten af te bouwen en de wijnproducenten te laten overschakelen op het maken van kwaliteitswijn die op de wereldmarkt kan concurreren. Daartoe is een rooiregeling voorgesteld van wijngaarden waarop kwalitatief matige druiven worden verbouwd. De aanplant van een beter druivenras wordt door Brussel gepropageerd. Al enkele jaren geldt een verbod op aanplant van nieuwe wijngaarden, al is nu weer 1 procent verruiming van die regel toegestaan.

Er is ook al enkele jaren geen `crisisdistillatie' meer, waardoor boeren die met overschotten blijven zitten hun wijn tegen een door Brussel betaalde vaste prijs bij distillateurs kwijt kunnen. In het oogstjaar `93/'94 was dat nog wel het geval. Er werd toen 18.200.000 hectoliter wijn in alcohol omgezet, die vervolgens als motorbrandstof wordt gebruikt. Dat is naar het oordeel van de Commissie een geldverslindende zaak. In de voorstellen blijft deze `crisis distillatie' als vangnet bestaan.

Niet te voorzien valt hoe de raad hieruit komt, omdat vooral in de zuidelijke lidstaten een aantal verschillende kampen bestaat. Naar verwachting zal Frankrijk relatief de minste bezwaren hebben omdat de Franse wijn zich op de wereldmarkt goed manifesteert.

De wijnsector kostte de EU in `97 zo'n 805 miljoen euro.