Literaire prijzen

Voorzitter Borré van de jury die 27 maart de Gouden Uil gaat toekennen, schetste maandag bij de bekendmaking van de drie kanshebbers voor die prijs (Geerten Meijsing, Hugo Claus en Esther Jansma) een akelig beeld van de Nederlandstalige literatuur. Van de ruim 230 boeken die hij met zijn collega's had gelezen, hadden hooguit twintig voldoende niveau. Het grootste deel had beter niet gedrukt kunnen worden.

Voor Daniël Dullers van Standaard-boekhandels (de voornaamste sponsor van de prijs) is de klacht van Borré geen reden de Gouden Uilen voortaan maar in de kast te houden. ``Als Borré gelijk heeft, zou het verkeerd zijn met de prijs te stoppen. Het gaat ons erom die boeken te bekronen die boven de middelmaat uitsteken. Zolang die twintig er nog zijn, is er geen probleem.''

Behalve veel middelmatige boeken, zijn er in het Nederlandse taalgebied ook veel literaire prijzen. ``Het zijn er zeker niet te weinig,'' zegt Dullens voorzichtig. Pogingen van de Gouden Uil om haar prijsuitreiking niet alleen op de Vlaamse maar ook op de Nederlandse televisie uitgezonden te krijgen, zijn gestrand op een gebrek aan animo voor nog een boekenprijs bij de Nederlandse omroepen.

Een aantal prijsuitreikingen speelt zich dan ook in de relatieve luwte af. Zo kreeg Arthur Japin begin deze maand de ECI-prijs, die tweejaarlijks wordt toegekend aan een veelbelovende nieuwe schrijver. Televsie en kranten besteedden er nauwelijks aandacht aan. Volgens directeur Maarten Eikelenboom van de boekenclub is die prijs ook niet bedoeld om landelijke publiciteit te krijgen. ``Wij nomineren ieder kwartaal een schrijver, die dan in onze gids uitgebreid wordt aangeprezen. Het gaat ons niet om grote artikelen in de krant. Ik weet niet of ik als hoofd van een boekhandelsketen ook een literaire prijs in het leven zou roepen. Voor het grote publiek is het nu erg onduidelijk wat wat precies is.''

Voor een van de gevestigde Nederlandse prijzen is de toekomst onduidelijk. De Generale Bank sponsort in ieder geval het komend jaar nog de gelijknamige prijs, maar het is onzeker of dat contract wordt verlengd door de recente overname van dat bedrijf door Fortis. ``Drie jaar geleden hebben we de prijs overgenomen om onze naam bekender te krijgen in Nederland'', zegt Janik Verpoes van de Generale Bank. ``We worden nu een andere bank.''

Henk Pröpper, jurylid van de Generale Bank literatuurprijs, heeft zich verbaasd over de uitlatingen van de Uilenjury. ``Ik vind twintig tot vijfentwintig boeken die de moeite waard zijn niet weinig. Helaas zijn er ook nog tweehonderd andere. Die hoef je in de praktijk ook niet helemaal te lezen. Na twintig pagina's weet je het meestal wel''.

De Libris literatuurprijs maakte deze week de longlist voor 1999 bekend. Secretaris Umtul Kiekens is onaangenaam verrast door de uitspraken van Borré: ``Die vind ik schadelijk voor het vak. Uitgeverijen steken hun nek uit om boeken te produceren, ik vind het schofferend om dan te zeggen dat negentig procent de moeite niet waard is. Dit jaar was inderdaad geen florissant jaar, maar niet meer dan een derde van de boeken is echt slecht. Zoals ieder jaar.''

Perdu

Een week vakantie vieren in het Zeeuwse zomerhuisje van een dichter. Dat is een van de goederen die zondag onder de hamer komen bij de poëzieveiling van Perdu, de Amsterdamse literaire stichting die dit weekend zijn 15-jarig bestaan viert. De opbrengst van de veiling gaat naar Perdu zelf, dat wordt bestierd door studenten. Behalve Frans van Dixhoorn, de eigenaar van het vakantiehuisje, hebben nog 25 dichters curiosa ter veiling aangeboden, zoals H.H. ter Balkt, Anneke Brassinga, Tom van Deel, Judith Herzberg en Simon Vinkenoog. Zij schonken vooral manuscripten. Tonnus Oosterhoff biedt een aflevering van het tijdschrift Mijn Geheim aan, waarin hij een van de verhalen zegt te hebben geschreven. Sascha van der Aa van Perdu verwacht de hoogste opbrengst van een `gedicht in wording' van Gerrit Komrij. ``Dat is getaxeerd op ongeveer 300 gulden.'' Het Letterkundig Museum heeft zich nog niet gemeld. ``Onbegrijpelijk.''