Hoge Raad kapittelt actie van Vermeend

De belastingkamer van de Hoge Raad heeft deze week in een arrest staatssecretaris Vermeend van Financiën op de vingers getikt. In een zaak die betrekking had op belastingfaciliteiten voor rederijen stelde de Hoge Raad dat daarvoor op een ,,oneigenlijke manier gebruik gemaakt (is) van de loonbelastingwetgeving''.

Fiscaal specialist prof. dr. M. Feteris, partner bij het adviesbureau PricewaterhouseCoopers, zei in een reactie dat dit ,,ongebruikelijk scherpe bewoordingen zijn van de Hoge Raad, die zeer zorgvuldig pleegt te formuleren''. Volgens Feteris betekent het arrest dat de staatssecretaris voorzichtig moet zijn bij het gebruiken van fiscale wetgeving als instrument om subsidies voor specifieke activiteiten toe te kennen.

In het onderhavige geval ging het om een rederij, die door fiscale leningen recht kreeg op loonkostensubsuidie. Omdat de rederij een technische fout had gemaakt bij het toepassen van de regels, wilde de belastingdienst het bedrijf zijn voordeel onthouden. De subsidie is gedurende een aantal jaren op een uiterst complexe manier toegekend door middel van een verlaging van de loonbelasting voor de Nederlandse zeescheepvaart. De procedure was aangespannen door een reder die de technische regels van de loonbelasting niet helemaal goed had toegepast. De belastinginspecteur legde een naheffingsaanslag op waarmee hij de subsidie terugeiste.

De belastingdienst kreeg in deze zaak nog gelijk van het Gerechtshof in Den Haag, maar de Hoge Raad heeft die uitspraak nu vernietigd.

Volgens Feteris doet Vermeend er verstandig aan de opvattingen van de hoogste belastingrechter ter harte te nemen. Volgens hem blijkt uit het arrest dat de regering een groot risico loopt bij het vasthouden aan het zogenoemde instrumentele gebruik van fiscale wetgeving.

Als de rechter de als belastingvoordelen verpakte subsidies ook toekent aan anderen, kan dat zeer grote gevolgen voor de schatkist hebben, meent Feteris.