Universiteit wil `Animal House' temmen

De studenten in het gemoedelijke Amerikaanse universiteitsstadje Hanover, in de staat New Hampshire, zijn des duivels. Het bestuur van Dartmouth College, de universiteit die model heeft gestaan voor de klassieke `college movie' Animal House, wil het studentenleven temmen. Maar dat gaat niet zonder verzet.

Dartmouth hoort bij de oudste Amerikaanse universiteiten aan de oostkust, de zogeheten Ivy League scholen. Maar het college is ook bekend om zijn uitbundige studentenleven, dat gedomineerd wordt door de 28 fraternities en sororities (disputen) met hun uit Griekse letters bestaande namen, hun studentenhuizen en hun daverende slemppartijen. Het plaatsje Hanover, niet veel meer dan de campus met wat omringende bebouwing, dankt er zijn bijnaam Hangover (kater) aan.

De nieuwe president van de universiteit, James Wright, kondigde onlangs aan dat het zogeheten Griekse systeem van de studentenclubs op de helling moet, om een einde te maken aan het grootschalige drankmisbruik. Ook wil hij meer respect tussen de seksen kweken. En in het algemeen wil hij het leven op de campus gevarieerder maken. Om dat alles te bereiken moeten de disputen, die nu vrijwel allemaal uitsluitend mannen danwel vrouwen toelaten, studenten van beide geslachten gaan opnemen.

Dat was groot nieuws voor menige Amerikaanse krant (met koppen als: Animal House Goes Co-Ed! – Animal House gaat mengen). Verontwaardigde studenten organiseerden protestbijeenkomsten. Reunisten uit het hele land, belangrijk vanwege hun financiële steun aan de universiteit, mengden zich per e-mail in het debat. En een studentenleider brieste gisteren in The New York Times: ,,Ze hebben een kolossale bom op de gemeenschap hier gegooid''.

Dat de ingreep een cultuurschok van historische proporties is, ontkent Wright niet. Hij noemt het de meest ingrijpende verandering in het sociale leven op Dartmouth sinds de toelating van vrouwen, in 1972. Maar hij is ervan overtuigd dat het de universiteit en de studenten goed zal doen.

Een oud-student die in Washington woont maar zich nog nauw met Dartmouth verbonden voelt, juicht de verandering toe. Met schaamte denkt hij terug aan de talloze bier-estafettes, het gezamenlijk kotsen om nog meer te kunnen drinken en de veelal vijandige houding ten opzichte van vrouwen. Hij erkent dat hij er vrienden voor het leven heeft opgedaan. Maar ,,het was walchelijk. Je kunt je tijd veel beter besteden.''

Op Dartmouth is bijna de helft van de studenten lid van een dispuut, op andere universiteiten is dat gemiddeld zo'n tien procent. Bij drinkgelagen van de studentenclubs valt elk jaar wel een dode.

    • Juurd Eijsvoogel