`Omlijst' komt Hamlet beter tot zijn recht

Op 1 januari ging de voorstelling Hamlet van Het Nationale Toneel in première. Johan Doesburg regisseerde het in Den Haag in `De Regentes', een voormalig zwembad dat werd omgevormd tot theaterzaal. Het is een ruimte met een vlakke vloer, zodat de toeschouwers vanaf een tribune neerkijken op de planken. Er zijn gaanderijen rondom. Decorontwerper André Joosten gebruikte het voormalige bad als een diepe kuil vol zand, een symbolisch kerkhof. Misschien, bij nader inzien, al te beladen met betekenissen.

Ik vroeg me toen af hoe deze voorstelling in een traditioneel lijsttheater zou staan. De voorstelling is nu op tournee, ik zag hem gisteravond in de Amsterdamse Stadsschouwburg, met zijn barok versierde zuilen aan weerskanten van het lijsttoneel en de transformatie is wonderwel geslaagd. In elk opzicht is deze Hamlet versoberd ten opzichte van de Haagse, gestileerder, vereenvoudigd. Dat verhoogt de concentratie van het kijken, en daardoor de intensiteit. De kuil met zand is verdwenen. De acteurs spelen op verrijdbare plankiers, boven en in een ondiepe, lege en zwarte ruimte. Een nogal anekdotisch hobbelpaard – in Den Haag teken van Hamlets kindertijd – heeft het moeten afleggen, en terecht.

De toneelspelersscène, opnieuw schitterend gedaan als Hollywood-pastiche, speelt zich niet hoog op de galerij af, maar gewoon op de speelvloer. De spelers, die Claudius (Rik van Uffelen) als moordenaar van Hamlets vader moeten ontmaskeren, staan nu dicht bij hem, en bij Gertrude (Will van Kralingen), wat het drama verhoogt.

Een groot winstpunt vormt de spiegelwand aan de achterzijde. In De Regentes was dat een wat diffuse, beslagen glazen muur. Hamlet, vertolkt door Gijs Scholten van Aschat, kon zichzelf er ternauwernood in herkennen en het publiek zag een wazig spel. Nu, met die glasheldere spiegels, komt de essentie van Doesburgs visie tot haar recht: de hele wraakopdracht van de vermoorde vader speelt zich af in Hamlets geest, het is een schim in zijn hersenen. De stem van de vermoorde koning is Aschats eigen, verlaagde stem en als hij terugdeinst voor het spookbeeld van zijn vader, ziet hij zichzelf.

Anderhalve maand staan de acteurs nu in Hamlet. Ze zijn ingespeeld, de voorstelling gaat zelfs `vliegen', zoveel tempo en snelheid bezit ze. De drijvende kracht achter de voorstelling is Gijs Scholten van Aschat in de titelrol. Met energie en souplesse, listige lenigheid en vooral met een prachtig arsenaal aan handbewegingen stuwt hij de voorstelling voort. Hij toont geen ogenblik van aarzeling of terughoudendheid, met ogenschijnlijk het grootste gemak neemt hij overgangen. Scholten van Aschat, zojuist genomineerd voor de Louis d'Or, balanceert tussen luciditeit en waanzin. Hij kan trefzeker een mesjokke Hamlet neerzetten, pratend in raadsels, een toonbeeld van zinsbegoocheling. De Hamlet is gegroeid naar een spannende voorstelling, fraai en zelfs noodzakelijkerwijs omsloten door de lijst van, in dit geval, de Amsterdamse Schouwburg. Er zal nooit een geldige reden zijn daar ook maar een millimeter ornamentiek of zuil weg te halen.

Voorstelling: Hamlet van William Shakespeare door Het Nationale Toneel. Regie: Johan Doesburg. Spelers: Gijs Scholten van Aschat, Angelique de Bruijne, Rik van Uffelen e.a. Gezien 16/2 Stadsschouwburg, Amsterdam. Te zien t/m 20/2 aldaar. Tournee t/m 17/4. Inl.: (070) 356 53 63.