Nog een onderzoek

HET KENMERK VAN een opzienbarende parlementaire enquête is dat deze altijd naar meer smaakt. De enquêtecommissie die de Bijlmerramp met de El Al Boeing onderzoekt is nog volop bezig, maar nu al is duidelijk dat haar werkzaamheden op sommige terreinen tot baanbrekende resultaten hebben geleid. Hoewel alles de afgelopen jaren onderzocht leek, heeft de commissie de nodige hiaten in al dat speurwerk blootgelegd. Het was dus te verwachten dat de vraag zou rijzen of het enquêtewapen ook niet elders moet worden ingezet. Dat vervolgens onmiddellijk het woord Srebrenica valt, past in dezelfde wetten van de logica.

Zoals gisteren werd uiteengezet in een artikel op de opiniepagina van deze krant is er sprake van een aantal opmerkelijke parallellen tussen de Bijlmer en Srebrenica. Bij beide gebeurtenissen zijn vraagtekens te zetten bij de kwaliteit van het (ambtelijke) onderzoek. In beide gevallen is sprake van verdwenen informatie: de voice-recorder in de Bijlmer-kwestie en het veelbesproken fotorolletje als het gaat om de gevallen moslimenclave in Bosnië. Er is in beide zaken een moeizame strijd gevoerd om van de direct betrokkenen medewerking te krijgen om de volledige waarheid boven tafel te krijgen. En ten slotte hangt zowel bij de Bijlmer als in de kwestie-Srebrenica de politieke verantwoordelijkheidsvraag als een donderwolk boven elk onderzoek. De conclusie van de auteur luidde dat na de Bijlmer ook de kwestie-Srebrenica een parlementaire enquête waard is.

EN DAN WORDT interessant wie dat zegt: Bert Kreemers, de plaatsvervangend directeur voorlichting van het ministerie van Defensie die de afgelopen jaren de belangrijkste woordvoerder was als het ging om de Srebrenica-affaire. De man die in die hoedanigheid jarenlang het apaiserende defensieverhaal uitdroeg, zegt nu dat het debriefingrapport van het ministerie op tal van punten in strijd met de werkelijke gang van zaken is, dat defensiemedewerkers die de waarheid aan het licht wilden brengen op grote weerstand konden rekenen, dat bij de val van Srebrenica betrokken hoofdpersonen valse verklaringen hebben afgelegd en dat de gretigheid van de militaire inlichtingendienst voor sommige gebeurtenissen een vingerwijzing naar een doofpotactie zou kunnen zijn.

Het is de zoveelste aanwijzing dat in de Srebrenica-affaire nog steeds vele verhalen niet of slechts gedeeltelijk zijn verteld. De Tweede Kamer heeft vorig jaar na lang wikken en wegen bewust afgezien van een parlementaire enquête naar deze zwarte bladzijde in de Nederlandse geschiedenis. In afwachting van het wetenschappelijke onderzoek van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie beperkt de Kamer zich vooralsnog tot een analyse naar de besluitvorming bij deelneming aan vredesoperaties.

ONDERZOEKEN OM het onderzoek mag nooit een drijfveer zijn bij het instellen van een parlementaire enquête. Daarbij komt dat in het geval-Srebrenica de internationale component een belangrijke rol speelt. Op dat terrein heeft een enquêtecommissie weinig mogelijkheden. Dat neemt echter niet weg dat de nationale component van deze zaak inmiddels dusdanige vormen begint aan te nemen, dat de terughoudende rol die de Kamer zichzelf heeft aangemeten bizarre trekken begint te vertonen.