Mijnwerkers Roemenië weer op mars

In de Jiu-vallei in Roemenië zijn driehonderd mijnwerkers vandaag begonnen aan een mars op Boekarest. De kompels zijn woedend over de veroordeling, gisteren, van hun voorman Miron Cozma.

Het Hooggerechtshof veroordeelde Cozma gisteren in hoogste instantie tot achttien jaar gevangenisstraf wegens zijn aandeel in de mijnwerkersopstand van 1991. Het hof vernietigde een eerder vonnis van achttien maanden celstraf.

Cozma vroeg vandaag zijn aanhang in Petrosani, in de Jiu-vallei, zich op te maken voor een nieuwe mars op Boekarest ,,waarbij we tot het eind gaan''. Kort daarop vertrokken driehonderd mijnwerkers in autobussen voor de nieuwe tocht. Honderden anderen wachtten in Petrosani op autobussen om de voorhoede te volgen. Of Cozma zelf de tocht leidt is onduidelijk.

Het vonnis van het Hooggerechtshof – verrassend door zijn zwaarte en door het grote verschil met het vonnis van de lagere rechter – joeg gisteren een schok door Roemenië. Cozma leidde in september 1991 vijfduizend mijnwerkers uit de Jiu-vallei, die in Boekarest overheidsgebouwen aanvielen, het hoofdkwartier van de regering in brand staken en passanten die hun niet bevielen in elkaar sloegen. De mars kostte drie mensen het leven. Driehonderd mensen raakten gewond. De toenmalige premier Petre Roman moest aftreden en het blazoen van de toenmalige president Ion Iliescu bleef voor altijd besmet door de verdenking dat hij de mijnwerkers naar Boekarest had geroepen.

Cozma werd vorig jaar voor zijn aandeel in de mineriada veroordeeld tot anderhalf jaar gevangenisstraf wegens het verstoren van de openbare orde. De rechter schrapte de beschuldigingen van ondermijning van de staat, onwettig vuurwapenbezit en het verstoren van het treinverkeer. Cozma werd kort daarop vrijgelaten, omdat hij ruim een jaar in voorlopige hechtenis had gezeten. Hij keerde terug naar de Jiu-vallei, waar de mijnwerkers hem een heldenwelkom bereidden. De rechter in dat proces is vorige week door de minister van Justitie met pensioen gestuurd. Het Hooggerechtshof bracht de vorig jaar geschrapte aanklachten opnieuw in en bevond Cozma op die punten schuldig.

Drie weken geleden leidde Cozma een nieuwe mars van de mijnwerkers naar Boekarest, met het doel betere werkomstandigheden voor de kompels van de Jiu-vallei af te dwingen. Een herhaling van de gebeurtenissen van 1991 werd voorkomen door premier Radu Vasile, die in Râmnicu Vâlcea, halverwege de afstand naar Boekarest, met Cozma onderhandelde en een compromis bereikte. De crisis van drie weken geleden was de meest serieuze bedreiging van de stabiliteit in Roemenië in de laatste jaren en zeker sinds het aantreden van de huidige Roemeense driepartijencoalitie in 1996.

Cozma, die binnen tien dagen door de politie moet worden gearresteerd en die geen beroepsmogelijkheden meer heeft – hij kan hooguit hopen op amnestie door president Emil Constantinescu – heeft de uitspraak als ,,absurd en illegaal'' van de hand gewezen en laten weten er niet over te piekeren zich te laten arresteren voor het uitzitten van zijn straf. ,,Als we weer naar Boekarest moeten, dan doen we dat, en ditmaal gaan we tot het eind'', riep hij vanochtend op een bijeenkomst van mijnwerkers in Petrosani.

Een van zijn advocaten zei gisteren dat Cozma ,,echt geschokt'' is door de uitspraak en dat hij de zaak nu voor een internationaal gerechtshof voor de rechten van de mens zal brengen. Of Cozma in de Jiu-vallei door de politie kan worden gearresteerd, betwijfelde deze advocaat: ,,Hij heeft er veel aanhang.'' (Reuters, AP)