Film Krabbé is een hit in Zuid-Afrika

In Zuid-Afrika is voor het eerst een Nederlands filmfestival georganiseerd. Jeroen Krabbé wordt er onthaald als een ster. En de organisatie spreekt van `een fantastisch succes.'

Het licht en de lucht van het Groningse land ontrollen zich op het doek. De Poolse Bruid draait in het Labia theater aan de Kaapse Oranjestraat. Bij de aftiteling blijft de hele zaal zitten, alsof men weet dat Ede Staals lied Hogelaand nog één keer zal klinken. Pas als de laatste melancholieke tonen wegsterven zoekt men onwillig een weg naar de deur. ,,Wat ongelooflijk mooi'', daast een bezoeker, ,,de Engelse ondertiteling was geheel overbodig – er werd zo weinig gezegd en de beelden spraken voor zich.'' Filmcriticus Owen Williams, van het dagblad Argus, is helemaal lyrisch na afloop. Hij noemt de film ,,een zeldzame kleine edelsteen.''

Tulpen op de aanplakbiljetten, rode koontjes bij de hoogwaardigheidsbekleders, drank in overvloed en vele natte zoenen voor eregast Jeroen Krabbé – het is de openingsavond van het 1st Dutch Filmfestival, met Krabbé's eigen film Left Luggage als blikvanger. Left Luggage blijkt in de dagen daarna de grote hit te zijn. Gistermiddag voor de deur van het theater: een stoet bejaarden probeert zich voor de – goedkopere – matinee naar binnen te wringen. Directeur Michiel Berkel, een in Zuid-Afrika neergestreken Nederlander, heft de handen ten hemel. De 194 stoelen zijn al tot de laatste bezet, maar een lange rij oudjes wacht nog. Ze worden woedend. ,,Waarom mogen we niet naar binnen?'' ,,Het is vol'', zegt Berkel, maar dat begrijpen ze niet want het is 's middags nooit vol, waarom nu wel. Boos keren ze Berkel de rug toe.

Het Labia theater is één van de knusse filmhuizen van Kaapstad, gebouwd in 1949 en ingewijd door een gevluchte Italiaanse `prinses', die naar men zegt uitweek naar de veilige haven van het apartheids-Zuid-Afrika na de val van de fascistische dictator Mussolini. Maar wie denkt nog aan die vervelende historische fossielen te midden van `Het feest van Nederlandse Films' - in de woorden van de Cape Times. Na Kaapstad doet het festival nog Pretoria aan.

Ook Zusje (Little Sister) van Robert Jan Westdijk, met lovende recensies, en de Gordel van Smaragd (Tropic of Emerald) van Orlow Seunke die een minder goede persbeoordeling kreeg, trekken veel bezoekers. Maar bij Hufters en Hofdames (Bastards & Bridesmaids) van Eddy Terstall valt een deel van het publiek in slaap, anderen lopen na een half uur verveeld weg.

Michiel Berkel, die het Labia theater samen met een vennoot bestiert, is als één van de organisatoren van het festival in de wolken. ,,We hebben hier ook een Duitse week gehad, maar dat liep voor geen kant. Dit gaat fantastisch, veel beter dan ik had gedacht. Het merendeel van de bezoekers is Engelstalig, niet Nederlands of Afrikaans zoals je misschien zou denken.'' De Labia-directeur droomt nu al van een vervolg, volgend jaar, dan mogelijk ook met Belgische inbreng. ,,Maar je hebt natuurlijk wel een paar kanjers nodig als trekpleisters, anders red je het niet.''

Jeroen Krabbé is als een kind zo blij dat zijn Left Luggage ook in Zuid-Afrika volle zalen trekt. Tijdens een dinertje onder de kroonluchters van restaurant d' Vijff Vliegen in de Keeromstraat verklapt hij dat Kuifje zijn grote inspiratie is geweest. En schreef Hergé ook niet Kuifje in Afrika?

De Nederlandsche Club, boven het restaurant, is 's avonds het decor waar de Nederlandse gemeenschap Krabbé ontmoet en vragen mag stellen. De club is een verstild stukje Holland uit lang vervlogen tijd. Een mozaïek van witte en zwarte vloertegels, velours fauteuils, lambrizeringen van palissanderhout, slechts verstoord door de moderniteit van de televisie en de aanwezigheid van de regisseur/acteur. ,,Het voelt alsof je in een museum ergens in Nederland zit'', zegt hij. Een afgeladen zaal vol gebronsde gezichten vraagt Krabbé het hemd van zijn lijf. De Amsterdammer snuift vergenoegd een heerlijk avondje Holland aan de Kaap op en vertelt vol passie over de totstandkoming van zijn film.

In het Afrikaanstalige dagblad Die Burger is Gabriël Botma de volgende dag verbijsterd over Krabbé's gewoonheid. ,,Ondanks sy status en prestasies, wat rolle in belangwekkende films insluit, is hy sommer plat op die aarde, geheel en al sonder die aanstellerigheid en pretensie wat selfs mindere Hollywood sterre dikwels kenmerk.''