ECD zoekt naar ontbrekende lading El Al

De parlementaire enquêtecommissie die de Bijlmerramp onderzoekt heeft de Economische Controle Dienst (ECD) betrokken in de naspeuringen naar de ontbrekende twintig ton vracht van het verongelukte El Al-toestel.

De ECD onderzoekt momenteel, in opdracht van de commissie, of er meer gegevens over dit deel van de lading zijn te vinden via de verzekering. Daartoe zijn documenten opgevraagd bij de Engelse verzekeraar Lloyds in Londen. Volgens de ECD is het goed mogelijk dat de vracht uit de rampvlucht uiteindelijk via dit bedrijf verzekerd is geweest. Via assurantiepapieren zou meer informatie kunnen worden achterhaald over de aard van de lading.

Het verzekeringstraject wordt gezien als de enige nog openstaande weg om op papier meer te weten te komen over het onbekende deel van de vracht. Het is echter nog onduidelijk of het ECD-onderzoek, ruim zes jaar na de ramp, nog relevante informatie zal opleveren.

De enquêtecommissie onderzoekt ook waarom niet eerder via de verzekeringspapieren is geprobeerd aanvullende gegevens over de lading te krijgen. De Kamer vraagt al sinds 1996 om een meer volledig en gedetailleerd inzicht in de vracht van de El Al-Boeing.

De enquêtecommissie is er inmiddels achter gekomen dat de ECD enkele maanden geleden de Rijksluchtvaartdienst (RLD) reeds het aanbod heeft gedaan om via de verzekering van de vracht verder onderzoek te doen. De RLD zag daar echter weinig heil in, zo blijkt uit correspondentie tussen beide overheidsinstanties over deze kwestie die de enquêtecommissie in haar bezit heeft. Aanstaande donderdag zullen twee ECD-rechercheurs in het openbaar over de zaak worden gehoord.

De ECD had al eerder bemoeienis met de lading van de El Al-vlucht. In november 1992 vroeg de dienst in de Verenigde Staten informatie op over twee zendingen militaire goederen die aan boord waren. Uit het eindrapport van de commissie Hoekstra, die in 1998 de gang van zaken rond de vrachtdocumentatie onderzocht, is gebleken dat de ECD destijds ook al hulp heeft aangeboden bij het vervolgonderzoek naar de lading van het toestel. Ook toen is daar door de RLD geen gebruik van gemaakt. De ECD heeft vervolgens geen eigen initiatieven meer genomen.

Het hoofd van de afdeling internationale economische recherche van de dienst, J. Stalenhoef, zei in zijn verhoor voor de commissie-Hoekstra dat hij andere overheidsorganen niet voor de voeten wilde lopen.

De ECD is pas weer bij het onderzoek betrokken geraakt na het verschijnen van het eindrapport van Hoekstra in juli 1998. Daaruit bleek dat voor circa 34 ton vracht detailinformatie ontbrak. Inmiddels is dat getal teruggebracht tot ongeveer 20 ton.

De El Al-Boeing vervoerde op 4 oktober 1992 ruim 114 ton vracht. De afgelopen zes jaar zijn stukje bij beetje de bijbehorende documenten boven water gekomen. Er bleken grote verschillen te zitten in het pakket vrachtdocumentatie dat El Al vestrekte aan één van de advocaten van de slachtoffers van de ramp, en de RLD. Over twintig ton lading zijn slechts algemene gegevens bekend. Deze goederen staan op de vrachtbrieven voor het overgrote deel omschreven als `general cargo' of `various goods'. Het is de RLD de afgelopen jaren niet gelukt om meer informatie over dit gedeelte van de lading boven water te krijgen. Daarnaast bestaan er nog vragen over de militaire vracht die het vliegtuig vervoerde.

Voorzitter Th. Meijer van de enquêtecommissie zei onlangs nog dat hij goede hoop heeft om duidelijk te krijgen wat de totale vracht van het ramptoestel was. Eerdere pogingen om gegevens van El Al los te krijgen zijn echter op niets uitgelopen. Volgens de Israelische luchtvaartmaatschappij kan zij niet aan nadere informatie komen en beschikt zij ook niet meer over aanvullende documenten.

Over de militaire lading aan boord heeft El Al het ministerie van Verkeer en Waterstaat op 3 juni 1998 nog laten weten dat ,,staatsveiligheidsredenen El Al verhinderen en zullen blijven verhinderen meer informatie op te vragen over lading voor het Israelische ministerie van Defensie''.

Het Israelische hoofd van de burgerluchtvaartdienst, A. Yarkoni, bevestigde gisteren in Nederland nogmaals dat er geen nieuwe vrachtdocumenten op tafel zullen komen.

De enquêtecommissie begint morgen aan verhoren over het thema `de lading'. Volgende week zijn er geen openbare verhoren. In de twee daarop volgende weken gaat het over de gezondheidsklachten en staan verhoren van (oud-)politici op de agenda. De commissie hoopt begin april haar eindrapport klaar te hebben.