Vadertje Kok

GAAT HET NOG wel goed met de minister-president? Op zijn voorlaatste persconferentie schoffeerde hij ambtenaren van de luchtverkeersleiding, afgelopen vrijdag waren het Tweede-Kamerleden en de pers die openlijk door hem in de hoek werden gezet. De premier van alle Nederlanders ontpopt zich meer en meer als premier over alle Nederlanders. Maar dat laatste past nu net niet binnen de Nederlandse verhoudingen.

Kok ging twee weken geleden veel te ver met zijn uithaal naar de medewerkers van de luchtverkeersleiding die ten tijde van de ramp boven de Bijlmer met de El Al-Boeing bepaalde informatie niet zouden hebben doorgegeven. De premier kwam al met een oordeel (,,onvergeeflijk'' en ,,ontoelaatbaar'') terwijl het `proces' — de parlementaire enquête — nog in volle gang was. Afgelopen vrijdag reageerde Kok op het uitlekken van een gesprek tussen Tweede-Kamerleden en koningin Beatrix. Op zijn wekelijkse persconferentie na afloop van de ministerraad zei hij onaangenaam getroffen te zijn door het ,,onfatsoen'' van de Kamerleden die tegenover een journalist van de Volkskrant inhoudelijke mededelingen over dat gesprek hadden gedaan. In een politieke cultuur die wordt gedomineerd door Torentjesoverleg en intensief contact tussen bewindspersonen en politieke `vrienden' in het parlement is het soms moeilijk de scheidslijnen te zien. Toch is het nog altijd zo dat Kamerleden een geheel eigen verantwoordelijkheid hebben. Het is dan ook niet aan de minister-president zijn controleurs op deze wijze de maat te nemen.

NOG BONTER MAAKT Kok het als hij vervolgens ook nog de krant die als eerste melding maakte van de gesprekken van onfatsoen beticht. Het is het zoveelste bewijs van de krampachtigheid die zich meester maakt van bestuurders als het gaat om het koningshuis. Het was Kok zelf die vorig jaar in een televisie-interview verklaarde dat koningin Beatrix voluit de mogelijkheden en verantwoordelijkheden gebruikt die ze heeft. Volgens het geldende staatsrecht gaat het hier om het recht van de vorst te worden geïnformeerd, te waarschuwen en te manen. Eerder was het Koks' voorganger Lubbers die zei dat in de omgang met de koningin ,,een royale en geen angsthazige interpretatie van ministeriële verantwoordelijkheid'' de moeite waard was gebleken. Er is dus blijkbaar sprake van een grijze zône waarbinnen het staatshoofd opereert. Een pers die zichzelf serieus neemt gaat vanzelfsprekend op zoek naar dat grijze gebied.

KOK HEEFT GESPROKEN.

Eerst was het voor zijn beurt, nu is het buiten de orde. Kok-II is duidelijk anders dan Kok-I. Nu het regeren met iets meer tegenwind gepaard gaat, vertoont de premier een navenant korzelig gedrag. Kortom, er is de komende tijd veel te doen: voor Kamerleden en pers.