Senior leeft niet alleen bij flexibiliteit

Hoe valt de oudere werknemer langer voor betaalde arbeid te bewaren? Krijn van Beek pleit voor het afschaffen van het functioneel leeftijdsontslag (NRC Handelsblad, 18 januari), terwijl Carolien Evenhuis juist een aanpak voorstelt ,,die aansluit bij de diversiteit en flexibiliteit die vrouwen in hun arbeidspatronen ontwikkelen'' (NRC Handelsblad, 2 februari). Voor beider aanpak zijn argumenten aan te voeren.

Maar wat wil de `Senior' zelf? Moet Seniorenbeleid antwoord geven op een toenemende krapte op de arbeidsmarkt en de AOW betaalbaar houden, òf moet de Senior in staat worden gesteld zo prettig mogelijk zijn of haar loopbaan te vervolgen?

Uit onderzoek naar loopbaanperspectief onder circa 100 universitaire medewerkers van 50 jaar en ouder, blijkt dat het draagvlak voor een Seniorenbeleid vooral bepaald wordt door de mate waarin dat aansluit op de wensen en behoeften van de Senior, en dat het meer dient te omvatten dan taakverlichting, werktijdverkorting of vervroegd uittreden. Onderzocht zijn de wensen ten aanzien van verschuiving in takenpakket, interne mobiliteit, werksfeer, ondersteuning, arbeidstijd en -duur en Seniorenregelingen.

Wat takenpakket, interne mobiliteit, werksfeer en ondersteuning (assistentie) betreft, valt een zekere overeenstemming te ontdekken. Op het gebied van moment en wijze van uitstroom en `gewenste regelgeving' lopen de wensen redelijk uiteen. Ongeveer eenderde van de ondervraagde 50-plussers had voor de inventarisatie nauwelijks over de voortzetting van de loopbaan nagedacht. Toch wisten zij hun wensen te formuleren. Geregeld was sprake van `wensenpakketten', zoals het eerder afbouwen van een loopbaan als de werknemer bepaalde taken mag blijven verrichten en er assistentie komt zodat zijn/haar collega's niet extra worden belast.

Door inventarisatie van deze wensen kunnen loopbaanafspraken worden gemaakt. Daarbij staat niet de uitstroom, maar het gemotiveerd blijven functioneren voorop. Ofwel, hoe lang wil de Senior nog werken, wat wil hij tot die tijd doen en onder welke omstandigheden. Dit soort loopbaanafspraken leidt tot meer helderheid wat inzet en het te verwachten personeelsverloop betreft. Zij die dat willen, gaan met (pre)pensioen. Voor hen die na hun 65ste willen doorwerken moeten beperkingen (zoals het functioneel leeftijdsontslag) worden opgeruimd. Vrijkomende plekken kunnen tijdig worden ingevuld. Wanneer de noodzaak tot langer werken zich aandient, kunnen de loopbaanafspraken opnieuw ter discussie worden gesteld. De Senior bevindt zich dan in de comfortabele positie dat hem een gunst gevraagd wordt. Concessies zijnerzijds zullen eerst gedaan worden wanneer daar iets tegenover staat, zoals inzet op gewenste taken, een prettige werksfeer en op voorkeurtijden.

Een effectief Seniorenbeleid dient in eerste instantie aan te sluiten bij de wensen van de individuele medewerkers. Vervolgens kan bekeken worden hoe deze binnen de behoefte van de organisatie passen. Medewerkers uitnodigen tot langer doorwerken vereist de nodige overtuigingskracht en creativiteit.

Drs. Onno van der Vlerk is loopbaanadviseur.