Geesink staat niet op zwarte lijst Nagano

Anton Geesink behoort niet tot de negen IOC-leden die de ethische regels hebben overtreden in de aanloop naar de aanwijzing van Nagano als organisator van de Winterspelen van 1998. Dat blijkt uit een onderzoek dat het Japanse Olympisch Comité heeft uitgevoerd in opdracht van het Internationaal Olympisch Comité (IOC).

Eerder deze week werd de naam van Geesink door een Japanse krant genoemd als een van de IOC-leden die gebruik zou hebben gemaakt van de `buitensporige gastvrijheid' van het organisatiecomité van de Winterspelen van Nagano. Op de gisteren in Japan gepubliceerde lijst ontbreekt het Nederlandse IOC-lid.

Vier IOC-leden hebben de bezoekregels wel overtreden. Het Japans Olympisch Comité heeft de namen niet vrijgegeven, maar volgens de Japanse krant Asahi Shimbun gaat het om de Algerijn Zerguini, de Amerikaan Helmick, de Ecuadoraan Arroyo en de Mexicaan Rana. Zij zouden twee of meer keren Japan hebben bezocht en/of medische behandelingen hebben ondergaan op kosten van het Japans olympisch Comité.

Helmick maakt al sinds 1991 geen deel meer uit van het IOC. Arroyo behoort tot de IOC-leden die geschorst zijn naar aanleiding van corruptiepraktijken rond de aanwijzing van Salt Lake City als locatie voor de Olympische Winterspelen van 2002.

Vijf andere IOC-leden hebben de regels eveneens overtreden, maar in minder ernstige mate. Het gaat om de Noord-Koreaan Yu Sun Kim, de Brazilianen Padilha en Havelange (oud-voorzitter van de wereldvoetbalfederatie FIFA), de Portugees Bello en de Marokkaan Benjeloum. Een voorbehoud wordt nog gemaakt, omdat het organisatiecomité (NAOC) een laatste kans krijgt een nader onderzoek te doen.

Kim en Padilha zijn overigens net als Helmick al enige tijd geen lid meer van het Internationaal Olympisch Comité.

Het Zuid-Koreaanse hoofdbestuurslid van het IOC, Kim Un-yong, heeft fel gereageerd op de beschuldigingen als zou hij de regels in zake de toekenning van Salt Lake City als locatie van de Winterspelen hebben overschreden. In een brief van drie pagina's aan IOC-voorzitter Samaranch, waarvan een kopie aan het persbureau AP werd overhandigd, weerlegt hij alle beschuldigingen. De brief is ondertekend door zijn Amerikaanse advocaat Howard Graff. Hij zegt maar één maal Salt lake City te hebben bezocht en verweert zich tegen de verklaringen dat zijn zoon John Kim een speciale behandeling genoot van mensen die bij Salt Lake City betrokken waren.

Kim zegt zich beledigd te voelen door de schandalige beschuldigingen, die volgens hem vooral gebaseerd zijn op geruchten. Hij vermoedt een politiek complot, die wordt gevoed door de Amerikaanse media die in handen zijn van grote mediatycoons. ,,Als de tijd rijp is, zal ik terugvechten'', zei Kim eerder deze week. ,,Ik heb heel wat munitie achter de hand.''