Consument niet vrijuit bij merkinbreuk

Fabrikanten van merkartikelen kunnen beslag laten leggen op namaakproducten, ook als die in bezit zijn van particulieren. Dat heeft de rechtbank in Utrecht bepaald in een kort geding dat twee Amsterdammers hadden aangespannen tegen de horlogefabrikant Rolex.

Tot dusverre werden alleen handelaars in nep-artikelen aangepakt, maar uit het vonnis valt af te leiden dat de rechtbank ook bij particulieren eerder `economisch verkeer' en `kwade trouw' aannemelijk acht.

De twee Amsterdammers hadden begin maart vorig jaar tijdens een dagje winkelen in Antwerpen elk een tweedehands gouden horloge gekocht van het merk Rolex. De vrouw betaalde omgerekend 5.500 gulden voor haar horloge, de man 4.500 gulden. Enige tijd later lieten zij hun sieraden zien aan een kennis uit de juweliersbranche. Die constateerde dat de horloges geen goudmerkteken bevatten en beval de twee aan dat merk alsnog aan te laten brengen door het bedrijf Waarborg Platina, Goud en Zilver NV in Gouda.

Het Goudse bedrijf constateerde vervolgens dat beide horloges vals waren en schakelde de Economische Controledienst (ECD) in. De horloges gingen vervolgens naar advocaat mr. F.V.B.M. Mutsaerts van het Utrechtse kantoor Derks, Star Busmann, Hanotiau, die in Nederland optreedt voor Rolex. Afgelopen zomer verzochten de twee Amsterdammers via de ECD om teruggave van hun horloges. Mutsaerts weigerde dat echter. Eind december besloot het Openbaar Ministerie niet tot vervolging van de twee over te gaan, omdat er geen sprake leek van `kwade trouw'.

Volgens de advocaat van de eisers, mr. G.J. van Oosten, mag een merkgerechtigde alleen optreden tegen inbreuk als dat in het `economisch verkeer' gebeurt en niet in de `particuliere sfeer'. Volgens hem is ook duidelijk dat de horloges door de twee voor privé-gebruik zijn gekocht en niet met het oog op economisch voordeel.

Mutsaerts stelt daar tegenover dat aan de goede trouw mag worden getwijfeld, omdat de prijzen van de Rolexen ver beneden de gangbare tweedehandsmarktwaarde lagen. Wie zo'n uitgaaf doet, zal zich daarin hebben georiënteerd en kan dat dus weten, stelt Mutsaerts namens Rolex. De twee hebben niet weersproken dat de prijzen die zij voor de horloges hebben betaald, in geen verhouding staan tot de prijzen van echte tweedehands Rolex-horloges. Dat zij er alsnog een goudmerk in wilden laten slaan, zou er bovendien op kunnen wijzen dat zij de horloges wilden verhandelen. De president van de Utrechtse rechtbank, zo blijkt uit het vonnis, is in die redenering meegegaan.