Zelfs geen Mars

Je gaat naar het lunchconcert van het symfonie-orkest. Gezellig, die oude mensen uit de tweede en derde ring van de stad, die de binnenstad weer durven bezoeken omdat het niet donker is. Terwille van de laagdrempeligheid komt het orkest op in vrijetijdskleding.

Er komen enkele dames voor je zitten. Zeven dames van kantoor die een mooie invulling voor het uurtje tussen de middag hebben. Eén dame is het aardigst, dat zie je zo. Maar ze staat laag in de pikorde. Dat blijkt bij het aanschuiven en het stapelen van de jassen. Ze liep sowieso al achteraan en was de enige die geen kordate stem liet horen bij de plaatskeuze.

Haar tas houdt deze vrouw bij zich. Nadat ze verheugd om zich heen heeft gekeken, zegt ze: ,,Goh, wat een mooie zaal, hè!''

De collega's trekken een doorgewinterd abonnement-C houder gezicht. ,,Ben jij hier nog nooit geweest?'' vraagt er een. De nieuwkomer laat zich niet uit het veld slaan. Onder het stemmen begint ze vrolijk in haar tas te rommelen. Ze haalt er zeven knisperende zakjes uit. Verrassing! Voor iedereen van kantoor een broodje en een Bounty of Mars naar keuze!

De doorgegeven pakketjes hebben het einde van het rijtje nog niet bereikt of de eerste afgemeten protesten klinken al. Het is wel een lunchconcert, maar zó gaat dat niet hoor. Het gaat om echte muziek en dit geeft maar viezigheid en herrie. Al even afgemeten wordt, als de bazin van het clubje het voorbeeld geeft, ieder pakje plompverloren teruggestuurd door de rij.

De gulle geefster blijft nog even met het stapeltje op schoot zitten, terwijl er naast haar in onderonsjes wordt gelachen. `Ook geen Mars?' probeert ze nog, `daar kun je toch op zuigen?' Ze wordt genegeerd.

Een voor een stopt ze de zakjes terug in haar tas en ritst die heel zachtjes dicht, omdat de dirigent al is opgekomen. (Die mocht wel in het pak, maar die komt dan ook uit hoogdrempelig buitenland.)

De andere dames zitten al met kennersgezichten geconcentreerd te wezen. Ze kuchen nog even nadrukkelijk net voordat de dirigent het startsein geeft. Zij weten hoe het hoort.

Mooie muziek volgt. Maar het blijft toch vooral een concert van één goedmoedig vergissinkje en zes menselijke tekorten, met zo'n terneergeslagen vrouw voor je, die die hele zaal al niks meer aan vindt maar het niet wil laten merken.

Omdat zij als laatste aanschoof, is zij na het slot de eerste van de rij bij het verlaten van de zaal. Maar die leiderspositie houdt ze maar kort. Zij loopt met haar tas de trap op, precies dezelfde weg terug als die heen werd afgelegd. Maar de andere dames weten een betere uitgang, en gaan de trap af.

Nee, de dames zeggen niets als ze die andere weg inslaan. Daar moet ze maar achter komen. En ja, ze komt erachter. Ze twijfelt. En volgt.

    • Frans van der Helm