Gedanste Toverfluit drijft vooral op spektakel

Het leek allemaal zo spannend en interessant te worden, het nieuwe door Wayne Eagling en Toer van Schayk te maken avondvullende sprookjesballet Toverfluit bij Het Nationale Ballet. Toverfluit en heel nadrukkelijk niet Dé Toverfluit, want met Mozarts befaamde opera zou het ballet weinig gemeen hebben en zeker niet de muziek. Wel is als muzikale begeleiding een boeket van andere Mozart-composities uitgekozen. Ook gaat het om dezelfde personages als in de opera, zij het dat het verhaal van de door haar vader Sarastro ontvoerde dochter Pamina, die door held Tamino en zijn compagnon Papageno terug naar haar moeder Perifirime (Koningin van de Nacht) zou moeten worden gevoerd, wat andere accenten heeft gekregen.

De verwachtingen waren hoog gespannen, de vorige gezamenlijke productie van Eagling en Van Schayk – Notenkraker en Muizenkoning – was immers een overweldigend succes gebleken en de muziekkeuze uit Mozarts oeuvre leek interessant. Maar ach, wat viel deze Toverfluit bitter tegen. Zeker, de decors ontworpen door Toer van Schayk waren indrukwekkend met de zware wat Egyptisch of Azteeks aandoende tempelmuren, de hemelse tronen, de hoge verschuivende zuilen, de uiteenwijkende panelen, het imposante gouden voertuig van Sarastro, de uit de bodem oprijzende en daarin weer verdwijnende personages en groepen, de rookpluimen, de fantasiemonsters en die enorme toneeldiepte van veertig meter.

Ook in de kostumering waren overduidelijk kosten noch moeite gespaard. Het was vooral veel. Veel torenhoge hoofdtooien, veel chiffon, veel glanzende en glitterende stoffen, veel uitzinnige attributen. Het was eigenlijk een één en al op effect berekend spektakel.

Maar dat alles kan niet verbloemen dat het dansaandeel – en daar zou het toch in eerste instantie om moeten gaan – van een verbijsterende artistieke armoe getuigde. Ik had herhaaldelijk het gevoel dat ik naar een van die zo verguisde, ouderwetse Russische balletproducties zat te kijken, want ook hier wordt er met veel bravoure loos rond gelopen, worden armen pathetisch ten hemel geheven, wordt met onmachtige mimiek getracht iets van het verhaal duidelijk te maken en zijn passen en poses uit allerlei andere balletten aan elkaar geregen.

Ook hier heeft het corps de ballet geen andere functie dan dat van bewegend decor, zijn de duetten en soli van de hoofdpersonen nauwelijks verschillend van elkaar en zijn er voor de halfsolisten danstechnisch lastige, maar verder oninteressante en overbodige dansen ingelast. Zelfs het aandeel van de jonge balletleerlingetjes – hier Braziliaanse Oorvleugelmuisjes – werd niet meer dan wat onhandig gehups en kreeg eerder de betekenis van `de kostuums moeten op' dan een werkelijke functie.

Een lichtpunt is het aandeel van Papageno en Papagena. Die twee figuren krijgen de pittige en flitsende bewegingen die goed bij de karakters passen. De sterke persoonlijkheden van de uitstekende vertolkers Wim Broeckx en Sofiane Sylve spelen daarbij een doorslaggevende rol.

Niet dat er door de andere hoofdrolspelers niet goed gedanst werd: de Tamino van Altin Alexandros Kaftira is nobel, de Koningin van de Nacht van Anna Seidl is mooi van lijn en sterk van techniek, de Monostatos van Andrew Kelly is kwaadaardig en de Pamina van Larissa Leshnina is een wonder van delicate technische precisie. Maar als personages overtuigen ze niet.

Mozarts muzikale fruitmand is ook niet zo geslaagd als eerdere berichten hadden doen vermoeden. Op zichzelf allemaal mooie, leuke en toepasselijke composities maar het wilde geen sterk geheel worden. Heel triest is te moeten constateren dat deze geldverslindende monsterproductie zo'n volstrekte artistieke mislukking is geworden. Zou het iets te maken hebben met het feit dat deze Toverfluit toch vooral tot stand is gekomen uit commerciële overwegingen en niet vanuit een onvoorwaardelijk geloof en innerlijke noodzaak van de makers?

Gezelschap: Het Nationale Ballet. Nieuwe productie: Toverfluit. Choreografie: Wayne Eagling en Toer van Schayk. Muziek: W.A.Mozart. Decors en kostuums: Toer van Schayk. Muzikale medewerking: Het Nederlands Balletorkest o.l.v. Florian Heyerick. Muzikaal adviseur: Jan Pieter Koch. Gezien: 10/2 Het Muziektheater, Amsterdam. Aldaar t/m 2/3. Inl. (020) 551 82 25