De Hoezepoes

Een van de opmerkelijkste series platenhoezen in de Nederlandse geschiedenis werd in de jaren '50 gemaakt door fotograaf Paul Huf. Voor Philips' klassieke reeks Favourites legde hij het Engelse model Ann Pickford 51 maal vast: dromerig gedrapeerd in een stoeltje op een met rozen bezaaide vloer (Cor de Groot speelt Liszt), peinzend achter een glanzende tuba (Willem van Otterloo dirigeert César Franck) of omrankt door de mimosa's op de hoes voor de Frühlings Symphonie van Schumann. Huf en zijn `hoezepoes' werden beroemd: Annie M.G. Schmidt maakte er een versje over en het Groninger Museum wijdt er een expositie aan.

Paul Huf was net bezig met een serie reclamefoto's voor de firma Enkalon, toen Philips belde. De vraag luidde of hij een proefopname voor een platenhoes wilde maken. Huf handelde onmiddellijk. Omdat er anno 1955 nog maar nauwelijks professionele fotomodellen in Nederland werkzaam waren, had hij voor Enkalon het Engelse model Ann Pickford geëngageerd. Op dat moment bevond ze zich dan ook in zijn studio. Als ze nog één dag langer zou blijven, redeneerde Huf, konden ze meteen samen die opdracht voor Philips doen. De volgende dag fotografeerde hij haar met geloken ogen, boven de zijkant van een viool, met het f-gat als sierlijk ornament.

Na die eerste hoes, voor een vioolconcert van Brahms, zouden er nog vijftig volgen. Ann Pickford en hij hebben in totaal 51 hoesfoto's gemaakt, zegt Huf. Philips telt 52 hoezen, want één van die foto's is twee keer gebruikt. Daarna was het voorbij.

Maar vergeten is de serie nooit. In geen enkele publicatie over de geschiedenis van de fonografische industrie in Nederland ontbreekt een foto van Ann Pickford. De oorspronkelijke langspeelplaten in de oorspronkelijke hoezen zijn verzamelobjecten geworden. De originele foto's worden de komende maanden geëxposeerd in het Groninger Museum. En onder de titel Paul Huf Jubileumeditie brengt Polygram Classics deze week een box-set met vier cd's uit in de (verkleinde) verpakkingen van vroeger: dromerig gedrapeerd in een stoeltje op een met rozen bezaaide vloer (Cor de Groot speelt Liszt), met open ogen boven een aquarium met een goudvis (Hans Henkemans speelt Debussy), vaag achter drie cello-halzen (Tibor de Machula speelt Schumann, Boccherini en Haydn) en peinzend achter een uitvergroot detail van een glanzende tuba (Willem van Otterloo dirigeert César Franck). Als blikvanger op de box wordt ze omrankt door de mimosa's die Huf destijds - op zoek naar iets lenteachtigs voor de Frühlings Symphonie van Schumann – haastig kocht van een bloemenman die juist zijn fotostudio in de Amsterdamse binnenstad passeerde.

De hoezen zijn verbonden aan de serie klassieke platen die Philips in de jaren vijftig uitbracht onder de verzamelnaam Favourites. De prijs was laag gehouden (ƒ16,50) om een breed publiek te bereiken en dus moest ook in de presentatie een populaire toon worden aangeslagen. Men zocht iets anders dan de obligate portretten of borstbeelden van componisten die vaak op hoezen uit die tijd stonden, en ook iets anders dan de saai ogende zwartwitfoto's van musici of dirigenten in rok. ,,Daar was niet veel aantrekkelijks aan'', beaamt Leo Boudewijns, toenmalig employé op de klassieke afdeling. ,,En we hadden nog een zwartwitfoto van Willem van Otterloo die op zijn buik bij zijn speelgoedtreintjes lag. Maar die kon je toch óók niet op een symfonie van César Franck zetten?''

Paul Huf was naar zijn zeggen een muzikaal analfabeet, die zich echter al gauw door enkele trefwoorden op het juiste spoor liet zetten. Als iemand van Philips hem vertelde dat in de pianoconcerten van Liszt veel liefdesverdriet doorklonk, was dat voor hem voldoende om de vloer te bezaaien met uitgebloeide rozen. ,,Ik ben altijd een soort sfeeroproeper geweest'', zegt de bijna 75-jarige fotograaf, ,,en in die associatieve dingen, dat oproepen van die fantasy, heb ik me in al die hoezen natuurlijk geweldig kunnen uitleven.''

Al vanaf het begin was men er bij de platenmaatschappij van doordrongen dat hier iets bijzonders gaande was. ,,De hoezen waren zeer opvallend en voor die tijd ook zeer kostbaar om te maken'', aldus Boudewijns. ,,In het begin ontving Huf zelfs 500 gulden per foto, dat vonden wij toen veel geld. Later is Philips erin geslaagd een kwantumkorting te bedingen; toen werd het 350 gulden. Maar daar kwam het modellengeld nog bij en ook de lithografie was niet goedkoop.'' Huf stond bovendien bekend als een perfectionist, die geen enkele fase van de reproductie onopgemerkt voorbij wenste te laten gaan. Eén keer drukte hij de lithograaf op het hart dat het moest lijken alsof de kleur rood niet met inkt, maar met rode wijn was gedrukt. ,,Ik was lastig, ja'', zegt Huf. ,,Maar je ziet wat je dan bereikt: ook na 45 jaar is de drukkwaliteit van die hoezen nog steeds heel hoog.''

Hoewel ook menigeen verrukt moet zijn geweest van de muziek die op de platen was vastgelegd, besloot Philips dat de hoezen voorop stonden. Tijdens een presentatie ten overstaan van een zaal vol platenwinkeliers werden de eerste exemplaren dan ook niet uitgereikt aan de musici die er hun beste krachten aan hadden gewijd, maar aan Ann Pickford en Paul Huf – zij in avondjurk en hij in smoking, als een bruidspaar op stoeltjes op het met boeketten gedecoreerde podium.

De klassieke kritiek reageerde vanzelfsprekend als door een adder gebeten op zo veel vulgariteit. Honende opmerkingen werden gewijd aan de platenindustrie die de sacrale sfeer der klassieken te grabbel gooide door er ordinaire, commercieel bedoelde pin-up-foto's op te zetten. En tot overmaat van ramp werd het voorbeeld van Philips in de tweede helft van de jaren vijftig gevolgd door tal van andere platenmaatschappijen. Minder scrupuleus en ingetogen dan Huf, maar dat verschil werd nauwelijks opgemerkt. Annie M.G. Schmidt schreef er in 1960 het zotte nummer Hoezepoes over, in een tv-show gezongen door Conny Stuart en vervolgens op een grammofoonplaatje gezet waarvoor Paul Huf op zijn beurt het hoesportret maakte.

,,We hebben met die serie een overrompelende start gemaakt'', stelt Leo Boudewijns vast, ,,maar na drie jaar was het op. Misschien omdat de inhoud te zeer was overvleugeld door de verpakking. In elk geval verkocht het niet meer. Het was een snelle ontsteking geweest en het eindigde ook weer snel. De meeste platen bleven in die tijd jarenlang in de catalogus staan, maar deze niet.''

Wie dezer dagen een kleine wandeling maakt door een goed gesorteerde cd-zaak, treft er een grote variëteit aan hoesjes aan: schilderijen of details uit schilderijen, fotootjes die uit een reisgids afkomstig lijken, nog altijd de traditionele componistenportretten en vooral ook foto's van de uitvoerende musici. Maar op geen enkele cd in de klassieke sector valt nog een fotomodel te bekennen. ,,Nou ja, alleen nog een beetje in de sfeer van de compilatie-cd'tjes met knuffelklassieken'', zegt Paul Popma, product manager bij Polygram Classics, ,,maar die hebben meer een soft-erotische uitstraling. Verder niet, nee.''

Waarschijnlijk zal het dan ook bij deze ene heruitgave met vier van de oude Huf-hoezen blijven, verwacht hij: ,,Het heeft natuurlijk een enorm snob appeal – juist bij de groep die we voor deze box hopen te interesseren. Maar ik denk dat het eenmalig blijft, ik geloof niet dat we ze nu alle 52 op cd kunnen zetten. Nu profiteren we van een verrassingseffect, en dat is weg als je elk half jaar wéér met zo'n boxje komt.''

Evenmin ziet Popma een markt voor nieuwe hoezen volgens het Huf-procédé. ,,Tegenwoordig ligt de nadruk veel meer op de artiesten'', zegt hij. ,,Van de Negende van Bruckner kun je tegenwoordig wel 25 verschillende uitvoeringen vinden, maar er is er maar één van Chailly en dat wil je dan ook duidelijk op het hoesje laten zien. Alleen het repertoire is niet genoeg. En ik kan me trouwens ook niet zo goed voorstellen dat je nu de Negende van Bruckner zou verkopen met Naomi Campbell of Claudia Schiffer op de hoes.''

,,Nu zijn de uitvoerenden zèlf mooi geworden'', constateert de gepensioneerde Leo Boudewijns. ,,Dat waren ze vroeger niet. Althans: er werd weinig aandacht besteed aan de manier waarop zij zich vertoonden. De artiesten van nu zijn er veel meer op gespitst om er aantrekkelijk uit te zien. Dat is onderdeel geworden van hun act, een essentieel bestanddeel van het vak. Toen was het Ann Pickford, die hun plaats innam. Nu doen ze het zelf.''

Tentoonstelling `Hufs Favourites', in het Groninger Museum, Groningen, 13 febr. t/m 18 april.

Paul Huf Jubileumeditie, Philips Classics Productions 462 895-2.

Paul Huf brengt ook een boek uit met alle 51 hoesfoto`s, dat vanaf half maart te koop is in het Groninger Museum en diverse boekhandels. Prijs: ƒ75

Ter gelegenheid van zijn 75ste verjaardag wordt voorts in het Van der Togt Museum in Amstelveen een expositie ingericht van de foto's die Huf in de afgelopen vijftig jaar voor de KLM heeft gemaakt, 14 maart t/m 18 april.