The birds komen - uit India

Na het vervaarlijk klinkende blafhert – dat een gewone muntjak bleek te zijn – is er weer een exotisch dier in Nederland dat voor veel ophef in de media zorgt. Maar het vreemde is dat het ditmaal de Britse media zijn die zich opwinden over onze nieuwkomers.

Zonder dat we er zelf iets van hebben gemerkt, blijkt dat Rotterdam geterroriseerd wordt door kraaien van Indiase herkomst. Ze bereiden zich voor op een invasie van Engeland, waar zij ook dood en verderf zullen zaaien. De BBC liet dat onlangs via haar website weten, en ook The Independent pakte uit met een een lang artikel over de naderende vogelterreur.

Chris Mead, een vooraanstaand Brits vogelkenner, had gehoord dat Indiase huiskraaien (Corvus splendens) met succes broeden in Rotterdam. Mead beschrijft de dieren als `street-smart' en als een plaag voor andere dieren: ,,Ze stelen voedsel van tafels en uit winkels, roven jonge vogels uit nesten en verdrijven andere vogels van in bloei staande bomen. Ze azen op van alles en zullen samendrommen om huisdieren, vee en plaatselijk dierenleven te doden. Van nature voorkomende vogelsoorten zullen verdwijnen, omdat die niet tegen de nieuwkomers zijn opgewassen bij gebrek aan evolutionaire ervaring met de soort. De vogels moeten worden afgeschoten voor hetzelfde ook hier gebeurt.''

Zoiets vreet aan je zelfvertrouwen. Je woont in Rotterdam en je kijkt vaak naar vogels. En dan, zonder dat je iets is opgevallen, is de ondergang van de havenstad al bijna daar. Een nageslagen veldgids meldt dat de Indiase huiskraai zich graag `ship-assisted' naar nieuwe gebieden verplaatst. Zo heeft hij zich met succes in het Keniase Mombasa en in Egypte gevestigd. Rotterdam is niet zo heel ver voor een slimme huiskraai die de juiste schepen weet te kiezen. Maar waar zijn ze dan?

Uiteindelijk brengt Kees Moeliker, vogelspecialist van het Natuurmuseum Rotterdam, uitkomst. De exotische kraaien zijn al enige jaren geleden gezien. En er wordt inderdaad gebroed. Het blijkt om Hoek van Holland te gaan, vanuit Engeland bezien inderdaad Rotterdam. Moeliker citeert het tijdschrift Dutch Birding, het tijdschrift van fanatieke vogelkijkers. ,,De huiskraaien bij Hoek van Holland hadden ook dit jaar weer een succesvol broedseizoen, met één uitgevlogen jong. Inclusief het jong van vorig jaar zijn er nu vier dieren te bewonderen.''

In Rotterdam komen via de haven de meest vreemde vogels binnen, maar dan meestal als illegaal ingevoerde bagage. Moeliker vermoedt ook dat de huiskraaien hier op eigen initiatief zijn gekomen. Gewoon aan dek. ,,De tochten zijn lang, het zeemansbestaan is eenzaam, en zo'n stel meeliftende vogels biedt wat vertier aan dek. Ze krijgen regelmatig wat toegegooid.''

Hij legt een verband met de Afrikaanse Nijlgans, een nieuwe allochtone vogel die door zijn agressief gedrag de gemoederen onder Nederlandse natuurbeheerders hoog op doet laaien. Moeliker vindt de Nijlgans wel een verrijking: ,,Het zijn vogels die hun kansen grijpen, en dat kan ik wel waarderen.'' En, erg Nederlands: ,,Je doet er toch niets aan, ook niet aan die huiskraaien. Het is de huidige tijd, met intensief transport en overheersend menselijk handelen.''

Nijlganzen stemmen stadsecologen en natuurbeschermers zorgelijk door hun uitbundige kindertal. Dreigen er na Afrikaanse problemen nu Indiase? Als het eenmaal wat lekkerder loopt voor de pionierende huiskraaien, schat Moeliker in, zouden het zo'n drie, vier jongen per nest kunnen worden. ,,En dan kan het hard gaan. Wellicht dat de huiskraaien een stevig bolwerk aan de kust krijgen, waar ze dan inderdaad wat vogels verdringen.''

Maar hij verwacht niet dat de doortastende Nederlandse kraaien schuchter in een hoekje gaan zitten bij de komst van deze street-wise gelukzoekers. En die invasie van Engeland? ,,Ja, als ze in Hoek van Holland op een boot stappen, dan is het gauw gedaan. Er gaan schepen genoeg.''

Bij het naslaan van de soort in handboeken krijg je niet direct een horrorgevoel. Wat kleiner dan onze gewone zwarte kraai maar met iets langere snavel heeft de Indiase huiskraai nog het meeste weg van de dunsnavel- of Soenda-kraai (Corvus enca) die in Indonesië heel gewoon is, en die op weinig vakantiegangers de indruk maakte van gesel van stad en natuur.

Maar wie weet. Als de Engelse voorspellingen kloppen, hoeft u straks niet naar Hoek van Holland om Indiase huiskraaien te zien. Een paar jaar wachten, en ze zitten gewoon bij u op de stoep – met het bloedend kadavertje van een autochtoon vogeltje in de bek. Wel weer de deur dicht doen, want uw huisdier weten ze zo te vinden.

    • Frans van der Helm