Omstreden proces over `besmet bloed'

Drie Franse oud-bewindslieden moeten zich voor de rechter verantwoorden omdat ze met opzet zouden hebben gewacht met het laten testen van donorbloed.

Vandaag is het lang verwachte proces begonnen tegen de Franse oud-premier Laurent Fabius en twee voormalige ministers van volksgezondheid. Zij worden ervan beschuldigd in 1985 bewust te hebben gewacht met selecteren en testen van donorbloed. Daardoor zouden enige duizenden hemofilie- en operatiepatiënten met aids zijn besmet.

De drie socialistische ex-bewindslieden worden beschuldigd van `onopzettelijke doodslag'. Nu zij, na jaren juridische verwikkelingen, terechtstaan heeft de affaire van het met aids besmette bloed voor het eerst het niveau van de politiek verantwoordelijken bereikt. Eerder kregen de directeur van de Franse nationale transfusiedienst en drie andere direct betrokkenen straffen tot vier jaar cel. Tegen enige tientallen hoge ambtenaren lopen nog strafrechtelijke onderzoeken.

Het proces vindt plaats voor het Cour de Justice de la République, het in 1993 ingestelde bijzondere hof dat alleen bewindslieden beoordeelt. Het is in zekere zin de opvolger van het Franse Haute Cour, dat alleen over `landverraad' oordeelde en zijn autoriteit verloor na de Eerste Wereldoorlog en bij het Riom-proces tijdens de Vichy-jaren in de Tweede Wereldoorlog. Het huidige Hof bestaat uit drie beroepsrechters, zes leden van de Assemblée Nationale en zes van de Senaat.

Het proces is in veel opzichten omstreden. In veel Franse media wordt gesproken over een 'verwarring van genres': leggen de oud-bewindslieden politiek verantwoording af, of strafrechtelijk, of ook civiel, tegenover de slachtoffers en hun nabestaanden? Zoals de hoofdredacteur van Le Monde vandaag schrijft: ,,In feite moet het Hof een strafrechtelijk oordeel vellen over politieke verantwoordelijkheden.'' Volgens zijn collega van Libération is het zo ver gekomen omdat het `koninklijke stelsel' dat president De Gaulle met zijn grondwet van 1958 invoerde een hoge mate van straffeloosheid voor de hoogste politieke en ambtelijke klasse garandeert. Volgens hem is dit proces `onvermijdelijk' geworden, ,,als resultaat van een cultuur van onverantwoordelijkheid. Het moet de plichten van ministers definiëren, het is een laatste poging de politiek tot de orde te roepen''.

Het proces is de uitkomst van een pendelbeweging tussen parlement en diverse rechtsprekende instanties. Terwijl de betrokkenen hun schuld in het openbaar ontkennen, worden beschuldigingen wegens `vergiftiging' en later `doodslag' onderzocht. Uiteindelijk beslist het parlement dat het Hof van Justitie van de Republiek uitkomst moet brengen. Dit bestaat in meerderheid uit politici, die voor de gelegenheid een zwarte toga hebben aangetrokken. Een complicatie is dat de hoofdverdachte, Laurent Fabius, in het dagelijks leven voorzitter van de Assemblée Nationale is.

Ook rond de procedure bestaat grote onzekerheid. Deze wordt voor dit Hof voor het eerst gevolgd, maar nu al staat vast dat een aantal sleutelgetuigen niet zullen komen, of weigeren onder ede te getuigen. Zij behoren tot de ambtelijke adviseurs van de ministers die in een derde `besmet bloed'-proces nog met het gewone strafrecht te maken zullen krijgen – om hun eigen zaak niet te belasten met al te concrete uitspraken in deze eerdere procedure houden zij zich liever op de vlakte.

De slachtoffers (in persoon, vertegenwoordigd door hun familie of door verenigingen van hemofilie- en bloedtransfusiepatiënten) zijn zeer gespannen en over het algemeen woedend over de gang van zaken. Niet alleen wachten zij al veertien jaar op recht – sommigen kregen begin jaren '90 een bescheiden schadevergoeding als zij afzagen van verdere juridische stappen. Zij mogen nu alleen als getuigen optreden, maar geen vragen stellen en verder geen actieve rol spelen. Het Openbaar Ministerie zal nauwelijks als `aanklager' optreden: de procureur-generaal heeft al bij twee gelegenheden ontslag van rechtsvervolging gevraagd omdat hij van mening is dat politieke verantwoordelijkheden zich niet voor een rechtbank laten verantwoorden. Het is dus vooral de zeer kritische conclusie van de `Commissie van Onderzoek' van het Cour de Justice de la République die als beschuldigend document zal fungeren.

Oud-premier (1984-1986) Laurent Fabius en de ex-ministers Georgina Dufoix en Edmond Hervé, de drie verdachten, zijn evenmin gerust op de zuiverheid van het proces dat hen zeker drie weken terug in de nationale publiciteit zal brengen. In hun nadeel kan werken dat van de rechtsprekende parlementariërs er vijf tot linkse partijen behoren en zeven tot rechtse. Hun grootste bezwaar is dat zij terechtstaan in een politiek-publicitair proces dat oordeelt met de kennis van nu. Zij ontkennen dat zij de invoering van de in 1985 beschikbare Amerikaanse bloedtest hebben afgeremd om het Franse Pasteur-laboratorium kans te geven zijn achterstand in te lopen. Frankrijk liep voorop met testen, zeggen zij, al heeft het nu de helft van alle met aids besmette transfusie-slachtoffers.

    • Marc Chavannes