Kosovo: druk op partijen wordt groter

De internationale gemeenschap vergroot de druk op de partijen in het Kosovo-overleg in het Franse Rambouillet. Het overleg verloopt moeizaam: gisteren kwamen de Serviërs en de Albanezen, anders dan de bedoeling was, met eigen eisen.

De co-voorzitters van het overleg, de ministers van Buitenlandse Zaken van Frankrijk en Groot-Brittannië, Hubert Védrine en Robin Cook, praten vandaag in Rambouillet met de bemiddelaars en de delegaties in een poging de druk te vergroten. De ministers zijn niet dagelijks in Rambouillet aanwezig. Wel staan ze dagelijks in verbinding met de bemiddelaars en brengen ze anderzijds dagelijks verslag uit aan de andere ministers van Buitenlandse Zaken van de landen van de Contactgroep voor ex-Joegoslavië (de VS, Rusland, Duitsland en Italië).

In een andere poging de druk op te voeren komen eind deze week de ministers van Buitenlandse Zaken van de zes landen van de Contactgroep bij elkaar om de voortgang te bespreken die de eerste week van de conferentie is geboekt. Formeel hebben de delegaties een week de tijd om het eens te worden over het voorlopige vredesplan dat de Contactgroep heeft opgesteld. Worden ze het niet eens, dan krijgen ze nog een extra week.

Volgens bronnen in Rambouillet weigeren de twee delegaties nog steeds aan één tafel plaats te nemen. Gisteren brachten beide delegaties bovendien voorstellen in die zowel voor de tegenpartij als voor de bemiddelaars onaanvaardbaar waren. De Serviërs eisten dat beide delegaties het ontwerp-vredesplan nu al formeel zouden ondertekenen. Ze stelden die eis omdat het vredesplan ervan uitgaat dat Kosovo in de interim-periode van drie jaar deel blijft uitmaken van Servië en Joegoslavië. De bemiddelaars wezen de eis af met het argument dat de Albanezen door hun komst naar Rambouillet al hebben aangegeven het ontwerp te onderschrijven. De Serviërs eisten bovendien dat elk punt waarover overeenstemming wordt bereikt, afzonderlijk op schrift wordt gesteld en wordt ondertekend.

De Albanezen van hun kant stelden ook eisen: een duidelijke definitie van de definitieve status van Kosovo, een referendum over de toekomst van Kosovo na de interim-periode en de ondertekening van een eventueel slotakkoord door de NAVO. De Albanezen willen verder dat er in Kosovo een onmiddellijk bestand van kracht wordt, dat moet worden gegarandeerd door de zes landen van de Contactgroep. Het Kosovo Bevrijdingsleger UÇK eiste bovendien de legering van NAVO-troepen in Kosovo direct na de ondertekening van een eventueel akkoord.

De internationale bemiddelaars Christopher Hill (VS), Wolfgang Petrisch (EU) en Boris Majorski (Rusland) reageerden negatief op die eisen. Zij willen dat de delegaties zich vooreerst geheel concentreren op het vredesplan dat ze namens de Contactgroep de partijen hebben voorgelegd. (Reuters, AFP, AP)