...Een `ad-hococratisch' gebeuren...

Anneke van Dok komt er rond voor uit: ,,Ik zag er best tegenop om uit de leuke baan te stappen die ik eerst had. Soms lees ik nog wel eens een stuk in de krant dat over een onderwerp gaat dat ik als staatssecretaris behandelde zoals over de voorbereiding van de World Trade Organisation. Dan denk ik: gaat dat wel goed zonder mij?''

In het vorige kabinet was ze staatssecretaris voor Europese handel, en mocht ze zich in het buitenland minister noemen. Toch behoorde Van Dok allerminst tot de paarse goden. Een ijzeren garantie op terugkeer had ze daarom allerminst. Toch nam de oud-burgemeester van Velzen het risico en liet zich voor de laatste verkiezingen op de lijst voor de Tweede Kamer zetten. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld Tony van der Vondervoort, van wie niemand wist wat ze precies deed als staatssecretaris van Binnenlandse Zaken, - en niemand trouwens weet wat ze nu doet.

Het was een wondere en verbazingwekkende wereld waarin Van Dok, tegenwoordig specialist ruimtelijke ordening en midden- en kleinbedrijf, verzeild raakte. De manier waarop vorige zomer de portefeuilles werden verdeeld deed haar het meest denken aan ,,de manier waarop we vroeger de tenten op schoolkamp verdeelden: chaotisch dus''. En de samenwerking met collega's verloopt niet zo gestroomlijnd als in het kabinet. Het contact met een van haar naaste collega's, Adri Duivesteijn, kwalificeert Van Dok althans als ,,ad-hococratisch''. Maar ja, zo zit de parlementaire politiek als geheel nu eenmaal een beetje in elkaar.