VROUWTJESMUIZEN ZONDER WNT-4-GEN MISSEN GESLACHT

Wetenschappers van de Harvard University in Massachusetts en de University of Oulu in Finland hebben een gen ontdekt dat cruciaal is bij de ontwikkeling van het vrouwelijk geslachtsapparaat. Vrouwen met een mutatie in dit zogeheten Wnt-4-gen hebben masculiene trekken. (Science, 4 febr).

De ontdekking maakt een einde aan de simplistische visie dat de ontwikkeling tot vrouw een `gebrek aan keuze' zou zijn. Deze visie gaat ervan uit dat een embryo zich tot vrouw ontwikkelt als `mannelijke' signalen achterwege blijven. Met de ontdekking van het Wnt-4-gen is nu bewezen dat in elk geval de ontwikkeling van het vrouwelijk geslachtsorgaan een actief gestuurd proces is.

Bij de mens vindt de geslachtsbepaling in de zevende week van de embryonale ontwikkeling plaats. Op dat moment zijn de beginselen van een geslachtsapparaat aanwezig dat nog de mannelijke en de vrouwelijke kant op kan. Welke richting de ontwikkeling in slaat hangt onder meer af van de activiteit van sekse-bepalende genen op het Y-chromosoom (mannen hebben twee verschillende seks-chromosomen, XY, vrouwen hebben XX). Begin jaren negentig werd op het Y-chromosoom het SRY-gen (SRY staat voor sex-determining region of the Y) gevonden. Onder invloed van dit gen ontwikkelen de gonaden (de geslachtsklieren) zich tot testes (zaadballen). Het SRY-gen stimuleert de ontwikkeling van de gang van Wolff tot bijbal en zaadleider. Het SRY-gen zorgt ook voor de aanmaak van Sertoli-cellen, de steuncellen van de zaadbuisjes. Bovendien stimuleert het gen het verdwijnen van de gang van Müller. Deze buis ontwikkelt zich bij de vrouw tot de eileider, baarmoeder en een deel van de vagina.

Uit het onderzoek blijkt dat het Wnt-4-gen betrokken is bij de ontwikkeling van de gang van Müller. Deze wordt bij muizen met een mutatie in het Wnt-4-gen niet aangelegd. Voor de mannelijke muis heeft de mutatie ogenschijnlijk weinig nadeel, want de buis zou in de loop van de embryonale ontwikkeling toch al verdwijnen. Het Wnt-4-gen wordt niet afgelezen in de gang van Wolff en lijkt voor diens ontwikkeling niet van belang. Voor de vrouwelijke muizen heeft de mutatie wel gevolgen. Doordat de gang van Müller niet wordt aangelegd, ontwikkelt zich een alternatief geslachtsapparaat. De gonade bleek rond en ingekapseld, zoals bij de mannelijke dieren.

Bij de ontwikkeling van het mannelijk geslachtsapparaat spelen testosteron en andere steroïden een belangrijke rol. Testosteron wordt tijdens de ontwikkeling van de testes geproduceerd door de zogenoemde Leydig-cellen. De onderzoekers kwamen tot de ontdekking dat het Wnt-4-gen op een nog onbekende manier de aanmaak van deze steroïden onderdrukt. In vrouwtjes met een mutatie in het Wnt-4-gen kwam de synthese van het hormoon op gang in de eierstokken. Verder is bekend dat het Wnt-4-gen ook wordt afgelezen in de schors van de bijnieren, de plek waar veel hormonen – onder andere testosteron – worden aangemaakt.

De onderzoekers zagen ook een drastische afname van het aantal eicellen in de gemuteerde vrouwtjesmuizen. Ze hadden minder dan tien procent van het normale aantal eicellen. Het Wnt-4-gen heeft dus ook een rol bij de ontwikkeling van de eicellen.

Hoe het Wnt-4-gen precies werkt is nog onduidelijk. Wel stelden de Amerikanen en Finnen vast dat er nog twee andere genen een rol spelen bij de ontwikkeling van het vrouwelijk geslachtsapparaat: Wnt7a en Pax8. Deze genen worden afgelezen in de gang van Müller. En dat gebeurt pas nadat het Wnt-4-gen is geactiveerd. Is het Wnt-4-gen gemuteerd, dan worden Wnt7a en Pax8 niet afgelezen.

(Marcel aan de Brugh)