Rugbysport verandert in commercieel slagveld

Vandaag gaat de 98ste editie van het Vijflandentoernooi van start, het jaarlijkse treffen tussen de vijf sterkste rugbylanden van Europa. Ondanks tegengestelde commerciële belangen.

Weinig sporten maakten de afgelopen jaren zo'n revolutie door als het rugby. Waren betalingen tot voor vier jaar geleden nog uit den boze binnen het traditionele vijftienmansrugby, anno 1999 staat de Britse volkssport meer dan ooit in het teken van het grote geld. Amateurs hebben plaatsgemaakt voor duurbetaalde professionals, met dank aan de commerciële televisie voor wie rugby gaandeweg de op één (voetbal) na belangrijkste sport is geworden.

Vandaag gaat de 98ste editie van het roemrijke Vijflandentoernooi van start, het jaarlijkse treffen tussen de vijf (op papier) sterkste rugbynaties van Europa: Engeland, Frankrijk, Ierland, Schotland en Wales. In Dublin trekken de Ieren ten strijde tegen titelverdediger Frankijk, in Edinburgh staan Schotland en Wales tegenover elkaar. Engeland komt over twee weken voor het eerst in actie in het toernooi, dat ditmaal vooral geldt als een voorbereiding op het WK, komend najaar in Wales.

Het had weinig gescheeld of Engeland was uitgesloten van deelname. Begin deze maand besloot het organisatiecomité de ploeg van bondscoach Clive Woodward te weren nadat de Engelse rugbybond, de Rugby Football Union (RFU), had geweigerd een gemeenschappelijke tv-overeenkomst te bekrachtigen. Italië was onmiddellijk bereid de plaats van Engeland over te nemen.

Niet de schorsing, maar de halsstarrige houding van de RFU wekte de woede van pers en publiek. Was het de bond in de bol geslagen, zo vroeg Engeland zich verbaasd af. Deelname aan het toernooi der toernooien, met zijn glorierijke geschiedenis die teruggaat tot 1882, op het spel zetten omwille van geld en eigenbelang – voor veel Engelsen stond het gelijk aan vloeken in de kerk. Onder druk van de publieke opinie en uit angst voor verdere represailles haalde RFU nog geen dag later bakzeil, zij het schoorvoetend.

Centraal in het conflict staat een contract dat Engeland, Frankrijk, Ierland, Schotland en Wales drie jaar geleden sloten met de BBC. Voor maar liefst 200 miljoen gulden verwierf de Britse publieke omroepzender tot 2002 het recht om wedstrijden van The Five Nations rechtstreeks op het scherm te brengen.

Vrijwel gelijktijdig echter sloot de RFU op eigen houtje een vijfjarig contract met BSkyB, de commerciële zender die ook het Engelse profvoetbal in zijn macht heeft. Waarde van de overeenkomst: ruim 275 miljoen gulden. Een astronomisch bedrag, maar begrijpelijk voor wie bedenkt dat rugby miljoenen Britten aan de buis gekluisterd houdt.

Hoewel de RFU zich nu geconformeerd heeft aan de BBC-overeenkomst en bereid zegt te zijn de opbrengsten te delen, lijkt van een oplossing pas sprake zodra de lopende contracten afgelopen zijn. Ten bewijze dat het commerciële geschil nog allerminst beslist is, legde de International Rugby Board (IRB), het overkoepelde orgaan onder wiens vlag het Vijflandentoernooi wordt gehouden, woensdag nog een boete van 200.000 gulden op aan de RFU. Als reden voerde de IRB aan dat een aantal Engelse clubs onlangs naar de Europese Commissie stapte om zodoende alsnog de tv-rechten in eigen hand te krijgen.

Het gesteggel dreigt een weerkerend ritueel te worden, waarbij beide partijen telkens op hun schreden moeten terugkeren. Want het Vijflandentoernooi kan niet zonder Engeland, net zo goed als Engeland niet zonder het Vijflandentoernooi kan. Vraag is echter hoe lang het broze huwelijk nog stand houdt onder de toenemende druk van de commercie.

Volgend jaar treedt Italië toe tot het elitegezelschap der Europese rugbynaties. Tegelijkertijd met het Zeslandentoernooi gaat een tweede landenevenement van start, een Europese eerste divisie met Georgië, Roemenië, Portugal, Spanje en Nederland.

Italië staat symbool voor de opmars van het grote geld. In 1991 bleven de Azzuri ternauwernood op de been tegen Nederland, acht jaar later gaapt een diepe kloof tussen beide landen. Met dank aan het Italiaanse kledingconcern Benetton, dat de afgelopen jaren tientallen miljoenen guldens spendeerde om Italië op de internationale rugbykaart te zetten.