`Laat studenten zelf beslissen'

Studenten moeten zelf kunnen beslissen hoe zij hun opleiding in het hoger onderwijs of middelbaar beroepsonderwijs inrichten. Dat moet niet worden afgedwongen via een rigide stelsel van studiefinanciering, vindt minister L.Hermans (Onderwijs, VVD).

Studenten moeten naast hun studie kunnen werken, stage lopen of een bestuursbaantje in studentenverenigingen op zich kunnen nemen. Ze moeten in het buitenland kunnen studeren of een tijdje kunnen stoppen met hun studie, om die later weer op te pakken. We hebben immers te maken met volwassenen, zegt minister Hermans (Onderwijs) en die kunnen voor zichzelf beslissen. Hermans: ,,Dan moet de overheid de studenten niet in een keurslijf persen door te zeggen: jij moet binnen zes jaar afstuderen of anders heb je een schuld.

Hermans heeft gisteren de nota `Flexibele studiefinanciering, een stelsel dat past' voorgelegd aan de ministerraad. De zogenoemde diplomatermijn wordt verruimd van zes naar tien jaar. Daarnaast mogen studenten vanaf het studiejaar 2000/2001 tot hun dertigste jaar gebruikmaken van studiefinanciering, die ze krijgen voor de duur van hun studie (meestal vier jaar). De prestatiebeurs blijft bestaan, maar wordt versoepeld: wanneer een student binnen tien jaar afstudeert, wordt de beurs omgezet in een lening.

De reacties zijn vooralsnog overwegend positief. Zowel de HBO-raad als de overkoepelende vereniging van universiteiten (VSNU) is enthousiast over de verlenging van het diplomatermijn. Maar zij betreuren het wel, evenals de studentenbonden LSVb en ISO, dat de prestatiebeurs overeind is gebleven. En volgens premier Kok past de flexibele beurs ,,helemaal in het moderne levensgevoel''.

Het is niet voor het eerst dat Hermans zich over de studiefinanciering heeft gebogen. Eind 1997 was hij voorzitter van een commissie die op verzoek van de toenmalige minister van Onderwijs, Ritzen, suggesties deed voor herziening van het beurzenstelsel. Tot verrassing van velen diskwalificeerde Ritzen het rapport direct bij de presentatie en het verdween in een la.

Maar Hermans, nu zelf minister van Onderwijs, heeft nu flink uit zijn eigen rapport geput. Al kon hij lang niet alles doorvoeren, want het oude plan kostte eenmalig drie miljard gulden. Hermans: ,,Ik moet me natuurlijk bewegen binnen de budgettaire mogelijkheden die het regeerakkoord me biedt.''

Is het vanwege die budgettaire beperkingen niet een slap aftreksel van het plan-Hermans? Destijds wilde u een nieuw stelsel. Dit zijn aanpassingen van het oude.

,,Klopt, maar het zijn wel verregaande aanpassingen. Het belangrijkste dat ik wilde bereiken is flexibilisering van het stelsel. De student moet zijn studie naar eigen inzicht kunnen invullen. Het is mijn taak om te zorgen dat het stelsel dat niet frustreert, zoals de huidige prestatiebeurs.''

Maar u handhaaft de prestatiebeurs. Alleen de termijn waarbinnen studenten moeten afstuderen wordt verruimd.

,,Ik vind het heel terecht dat de overheid voor haar financiële bijdrage een bepaalde prestatie verwacht. Studenten hóéven geen studiefinanciering aan te vragen. Maar als ze het doen, mag de overheid zeggen: `Oké, maar ik wil dan wel dat je je studie afmaakt'. Alleen hoeft dat wat mij betreft niet onder hoge druk. Daarmee neem je alle vrijheid weg om die studie naar eigen inzicht in te vullen.''

Universiteiten en hogescholen zullen een flinke kluif krijgen aan alle studenten die zich naar believen kunnen in- en uitschrijven. En hoe zit dat met de aansluiting van het studieprogramma als iemand zich na drie jaar weer meldt?

,,Universiteiten en hogescholen hebben mij steeds gevraagd om meer autonomie. Nu krijgen ze dat. Ze zullen zelf met de studenten afspraken moeten maken over de mogelijkheden en niet elke onderwijsinstelling zal een even flexibel programma kunnen of willen bieden. De ene universiteit of hogeschool zal een programma ontwikkelen met allerlei deeldiploma's, waardoor studenten makkelijk tussentijds kunnen stoppen en weer doorgaan. Een andere instelling zal alleen een vrij strak studieprogramma bieden. Daarmee krijg je verschillen tussen instellingen en daar ben ik een groot voorstander van.''

Is het niet een groot risico dat studenten gaan werken en hun studie vervolgens nooit meer afmaken?

,,We hebben te maken met volwassen mensen. Ze weten dat ze, als ze gaan werken, hun studiebeurs voor hun dertigste moeten gebruiken. Dat is hun eigen verantwoordelijkheid en ik ben niet van plan die over te nemen. Wel kan ik me voorstellen dat eerstejaarsstudenten, die net van de middelbare school afkomen, hun studiekeuze nog niet helemaal kunnen overzien. Daarom geldt voor hen een milder regime. Ze moeten in hun eerste jaar de helft van hun studiepunten halen, maar als dat niet lukt, kunnen ze toch de hele beurs als gift ontvangen, mits ze binnen tien jaar afstuderen.''

In het regeerakkoord staat dat een leven lang leren ,,noodzakelijk is bij een steeds snellere verandering van de samenleving''. U zou dat in samenwerking met onderwijsinstellingen, bedrijven en sociale partners stimuleren. Is dat niet in tegenspraak met een beurs tot het dertigste jaar?

,,Na die leeftijd ligt de verantwoordelijkheid bij de persoon zelf. Als dat financieel een probleem is, dan is het niet aan mij om daar een oplossing voor te zoeken. Ik ben er niet voor om via het studiefinancieringsstelsel aan inkomenspolitiek te doen. Als overheid moet je zorgen dat er goede onderwijsinstellingen zijn, zodat iedereen zich een leven lang kan blijven ontwikkelen. Maar dat betekent niet dat je het gedurende je hele leven moet betalen.''

De commissie-Hermans wilde destijds de ouders verplichten 542 gulden bij te dragen aan de studiekosten van hun kind. Waarom is die verplichting nu verdwenen?

,,Op dat punt wijk ik nu af van het plan van de commissie destijds. Ouders hebben de verantwoordelijkheid om bij te dragen aan de studie van hun kinderen als ze dat kunnen. En meestal doen ze dat ook. Ouders betalen jaarlijks 2,3 miljard gulden aan de studie van hun kinderen en dan heb ik het nog niet over de tassen met eten en schone kleding die na het weekend weer meegaan. Maar als ouders te weinig willen meebetalen, dan vind ik dat je dat niet via de overheid moet afdwingen.''

Die nadruk op individualisme en eigen verantwoordelijkheid. Is dat het VVD-stempel op dit vernieuwde stelsel?

,,Ik vind dat vooral het stempel van de 21ste eeuw. De oplosssingen van gisteren zijn niet de oplossingen van morgen. Maar ik heb ongetwijfeld andere ideeën dan de vorige minister. Van mij hoeft een student niet per se binnen zes jaar af te studeren. Ik vind het belangrijk dat iemand zich naast de studie ook met andere zaken kan bezighouden.''

    • Sheila Kamerman