HANDTEKENING OP DE STRIPPENKAART

Sinds zijn tweede zege in de Embassy is Raymond van Barneveld de grote dartsheld en hoeft hij nooit meer post te bezorgen. Co Stompé versloeg de kampioen liefst zes keer op rij, maar de 36-jarige Amsterdammer zit nog steeds veertig uur als bestuurder op de tram.

Het is alweer bijna een maand geleden dat hij aan de Embassy meedeed, maar nog dagelijks moet Co Stompé in de tram zijn handtekening op strippenkaarten zetten. Automobilisten toeteren en fietsers zwaaien als ze de darter achter het stuur van lijn 14 zien zitten. En de Amsterdammer werd in Frimley Green al in de tweede ronde uitgeschakeld, laat staan hoe het kampioen Raymond van Barneveld vergaat. ,,Raymond wordt compleet geleefd'', weet Stompé. ,,Hij heeft geen minuut voor zichzelf en is oververmoeid, overbelast, noem het maar op.''

De gekte rondom de kampioen heeft absurde vormen aangenomen. Een fan liet deze week zelfs de beeltenis van Van Barneveld op zijn borst tatoeëren. ,,Dan ben je toch niet goed bij je hoofd?'', reageert Stompé. ,,Het is net als die man die in Amerika Jerry Springer op zijn reet heeft laten zetten. Wat bezielt zulke mensen?''

De nuchtere Amsterdammer vindt de drukte rondom Van Barneveld en het darts in het algemeen overdreven. Stompé: ,,Het toont de grote macht van de televisie. Daar zouden de mensen eens over moeten nadenken. Bepaal je de keuzes in het leven zelf of laat je die bepalen. Het staat natuurlijk buiten kijf dat Raymond een wereldprestatie heeft geleverd. Maar twee jaar geleden vond iedereen darts nog een spelletje voor alcoholisten en zuipschuiten. En nu is Van Barneveld populairder dan Jari Litmanen.''

Zelf is Stompé Europees kampioen. Maar dat toernooi kreeg nauwelijks aandacht van de media. ,,En daar draait het dus om'', weet Stompé. ,,Dat EK had net zo'n sterk deelnemersveld als de Embassy. Sterker nog, als je de Embassy wint, heb je geen titel. Ze zeggen wel dat je dan wereldkampioen bent, maar dat is dus niet zo. Het Dutch Open van dit weekeinde is eigenlijk moeilijker te winnen dan de Embassy. Er doen meer topspelers mee, er zijn 1.800 inschrijvingen en het moet in twee dagen gebeuren. De Embassy is ruim een week. Ik ben niet jaloers op Raymond, maar ik benijd hem wel. Hij verkeert in een heerlijke situatie. Ik doe er waarschijnlijk meer voor dan hij, ik weet het eigenlijk wel zeker. Maar Raymond is een natuurtalent.''

Toch kan de grote Van Barneveld niet van Stompé winnen. De laatste zes keer dat ze elkaar in een officiële wedstrijd troffen, trok de Amsterdammer aan het langste eind. ,,Dat doet hij zichzelf aan'', verklaart Barney's Angstgegner Stompé. ,,Raymond was de eerste die zei dat ik er wel zou komen. Hij weet dus als geen ander dat hij voor me moet oppassen. Dat merk je aan hem. Door al die goede resultaten ben ik zelf ook heel zeker als ik tegen hem speel.''

Zelfs op de trainingen in Breda bij hun gezamenlijke coach Tobie van Laarhoven is Stompé meestal sterker. ,,Ik denk dat van de zes keer dat we tegen elkaar spelen, ik er zo'n vier win. En dat zijn geen misselijke partijtjes. Het is hard tegen hard. We gooien vaak gemiddelden van boven de 35 punten per pijl.''

Het moet frusterend voor Stompé zijn dat hij zich voortdurend beter toont dan Van Barneveld, maar dat de Hagenaar bijna alle eer en glorie krijgt. ,,Topsport is hard, keihard. Raymond is natuurlijk niet mijn enige tegenstander. Dat gevoel dat ik in de partijen tegen hem heb, heb ik niet tegen anderen. En je moet het nu eenmaal laten zien wanneer het echt moet. Je kan wel tweehonderd trofeeën thuis hebben staan, maar op een toernooi als de Embassy moet je het doen. Daar worden de prijzen verdeeld.''

Stompé bereikte dit jaar in Frimley Green voor het eerst de tweede ronde, maar daarin ging hij na een 2-0 voorsprong onderuit tegen landgenoot Roland Scholten. ,,Ik speelde gewoon slecht. Ik was te veel met andere dingen bezig. Ik kreeg toen ook iets onzekers over me. Dat was helemaal niet nodig, want ik denk dat ik een betere speler ben dan Scholten.''

Stompé en Van Barneveld zijn niet alleen concurrenten, maar ook vrienden. ,,We voelen elkaar goed aan. Ondanks dat we totaal verschillend zijn. Ik zie niets in al dat bijgeloof van hem. Maar we respecteren elkaar. Natuurlijk heeft hij de pest in dat hij steeds van me verliest. Raymond zei laatst dat hij op dat punt een hekel aan me begint te krijgen. Dat kan ik me wel voorstellen. Het heeft onze vriendschap niet verstoord. We hebben weinig tijd om bij elkaar thuis te komen. Vooral nu niet. Ik was toevallig vorige week even bij hem in Den Haag. Hij zou een paar uurtjes vrij hebben, maar daar kwam niets van. Het huis liep vol, de telefoon ging constant. Jezus, als je toch zo moet leven!''

Hij zegt anders te zijn dan de anderen. ,,Ik ben een gezelligheidsmens. Ik sta voor iedereen open. Dat is weleens een probleem als je een wedstrijd moet gooien. Dan moet je kwaaie zin kunnen maken. Daar heb ik moeite mee. Ik hoef ook niet zo nodig dure dingen te hebben. Ik rijd net zo lief in een auto van tien jaar oud. Ja, ik hou van sieraden, kijk maar. Ik hou van muziek, speel zelf gitaar en keyboards. En ik ben gek van sterren en planeten, kijk ook al die films daarover. Of ik ook net zoals Raymond een huis met een tuin wil? Ik zou wel groter willen wonen. Maar dat mag wat mij betreft een flat op tien hoog zijn met vijf kamers. Ik ben niet zo'n tuinman. En als ik zo hoog zit, kan ik ook meteen een goede telescoop kopen.''

Natuurlijk heeft ook Stompé de wens om professional te worden. Maar hij zou nooit geleefd willen worden zoals nu met Van Barneveld het geval is. ,,Ik zou zeker twee dagen op de tram willen blijven werken'', stelt hij. ,,Zo zou ik binding met het gewone leven houden. Wat ziet Raymond nou nog? Wat weet hij van wat er op straat gebeurt? En hij moet zo uitkijken. Als hij in Den Haag per ongeluk de roze buurt zou inwandelen, staat het meteen in Privé en Story. Die tram is rustgevend voor mij. Al die gekken die je ziet, heerlijk is dat. Mensen die de meest domme dingen vragen. Zwervers die proberen om voor niets binnen te komen. Als het koud is, mag het ook nog van me. Wie zo'n man vindt stinken, gaat dan maar lekker achterin zitten.''

In combinatie met zijn dartsactiviteiten zijn veertig uur op de tram momenteel iets te veel van het goede voor Stompé. Met de wedstrijd voor koppels – met het duo Van Barneveld/Stompé – begon gisteravond in Delden het Dutch Open, 's middags bestuurde de topdarter nog gewoon lijn 14, van Flevopark naar Slotermeer en terug – volgens zeggen de langste tramlijn van Europa. ,,Ik kon geen vrij krijgen, het was veel te druk'', zucht Stompé. ,,Ik klaag niet, hoor. Ik krijg genoeg medewerking.''

Over twee weken gaat hij met het Amsterdamse GVB praten over de mogelijkheid om werktijdverkorting te krijgen. Hij wordt dan bijgestaan door zijn manager, Rob Dingshoff, want ook Stompé heeft na de Embassy besloten met een zaakwaarnemer in zee te gaan. Hij profiteert ook van de fiks toegenomen interesse voor darts. Stompé wordt vooral gevraagd voor demonstraties – 1.650 gulden voor twee uur, bijna de helft goedkoper dan een optreden van Van Barneveld. Soms kan hij merken dat de mensen weleens iemand anders willen dan de Hagenaar, die inmiddels tot eind mei is volgeboekt. Stompé: ,,Ik ben in een sociëteit in Apeldoorn bij een bijeenkomst van notarissen en advocaten geweest. Daar moest ik van achter een scherm een paar pijltjes gooien en moest het net lijken of Erica Terpstra dat had gedaan. Was heel leuk.''

Stompé heeft zijn eigen karakteristieke manier van gooien. Je herkent hem uit duizenden. De 36-jarige Amsterdammer, die vroeger Nederlands jeugdkampioen judo was en ook nog gezellig voetbalde (,,Krat bier in het doel, sigaret in de mond, dat werk''), is een laatbloeier. Hij werkte in 1986 tijdelijk in een koffieshop en daar hing een dartsbord. Uit verveling gooide hij af en toe een paar pijlen. Stompé vond het leuk en bleek aanleg te hebben. Amper twee jaar later stond hij in de eredivisie te spelen. ,,Ik ben de beveiliging ingegaan en bij de Bevolkingsregister hing een mooi bord. Kon ik 's avonds en 's nachts lekker oefenen. Ik vroeg ook steeds aan of ik daar kon werken.''

Hij wordt sinds vorig jaar mentaal begeleid door Tobie van Laarhoven. ,,Hij is het beste wat me kon overkomen'', zegt Stompé. ,,Tobie snapt het allemaal heel goed. Hij weet op het juiste moment mijn kop leeg te praten. Storende factoren houdt hij van me weg. We zijn al een heel eind samen. Met Raymond is hij klaar. Laten we eens kijken wat wij kunnen doen, zei hij toen tegen mij. Het is onvoorstelbaar wat die man voor het Nederlandse darts doet. Ik weet niet of Raymond het zonder hem ook had gehaald.''

Stompé wordt als speler hooggewaardeerd in Engeland, de bakermat van het darts. Hij heeft daar zelfs al een bijnaam, The Match Stick, de lucifer. Stompé, 1,82 meter, is dan ook broodmager en weegt slechts 72 kilo. Die naam werd zoals gewoonlijk bedacht door de beroemde dartsspeaker Martin Fitzmaurice. ,,Daar ben ik hem dankbaar voor'', aldus Stompé. ,,Want alleen als je een bijnaam hebt tel je echt mee. En het is toch ook zo, ik ben een magere gozer. Steeds als ik weer in Engeland kom, vragen ze of ik nog ben aangekomen. Ja, zeg ik dan, zeven gram, achter mijn oren.'' Hij heeft zijn eigen beeldmerk met een mannetje van lucifers en er zijn nu ook Stompé-pijlen te koop. Die kosten 72,50 gulden voor een setje van drie, even duur als de pijlen van `Barney'.

Bijna alle experts zeggen dat Jacobus Wilhelm Stompé de Embassy kan winnen. ,,Puur qua capaciteiten denk ik dat ook'', stelt hij zelf. ,,Maar ik twijfel of ik het op het juiste moment kan waarmaken. Soms overvalt me het gevoel dat het voor mij gewoon niet is weggelegd. Je kan in grote vorm zijn, maar heb je een slechte vijf minuten dan is het met je gedaan. En de omstandigheden bij de Embassy zijn wel anders. Er staan vijf officials op het podium en er zijn vijf tv-camera's op je gericht. Natuurlijk blijf ik het proberen, volgend jaar sta ik er weer.''