GIFRAMP IN SPAANSE DOÑANA WERKT DOOR VIA TREKVOGELS

Onderzoek door de Spaanse Raad voor Wetenschappelijk Onderzoek (CSIC) stelt natuurbeschermers en vogelliefhebbers niet gerust. De milieuramp die het Spaanse natuurgebied Doñana in april van het afgelopen jaar trof, heeft ook nu nog flinke gevolgen voor de vogels. Op dit moment staan onder mee Nederlandse trekvogels, zoals grutto's, voor de test, in hoeverre zij zullen kunnen leven met schadelijke stoffen in hun weefsel.

Doñana heeft een voor trekvogels strategische ligging op het kortste oversteekpunt tussen West-Europa en Afrika. Zo'n zes miljoen vogels doen jaarlijks het gebied aan, profiterend van de moerassen, duinen, en zoet- en zoutwatermeren van het kustgebied in Andalusië. Door doorbraak van een dam van een afvaldepot van de naburige ijzermijn Aznalcollar werd het gebied sterk vervuild.

Ook het streng beschermde kerngebied, het Nationale Park Coto Doñana van 50.000 hectare dat wel is omschreven als het belangrijkste natte natuurgebied van West-Europa, raakte vervuild, ondanks een intensieve schoonmaakactie. Arsenicum, lood, kwik en andere voor het dierenleven schadelijke stoffen kwamen zowel in water, bodem als de voedselketen terecht.

Inmiddels blijkt de zaak even ernstig als eerder werd gevreesd. Met name arsenicum is sterk in delen van de bodem te terug te vinden, met een gehalte van tot één procent. Onderzoek bij vogels en andere aan het water gebonden dieren heeft inmiddels niet acuut dodelijke, maar niettemin aanzienlijke concentraties zware metalen aangetoond in de lever en het spierweefsel. Dat die hoeveelheden niet een direct dodelijk niveau hebben bereikt, is voor natuurbeschermers een schrale troost. Medewerkers van het onderzoeksinstituut van het park schatten dat tien procent van de globaal zeshonderdduizend Noord-Europese trekvogels die momenteel overwinteren in Doñana, genetische schade, ondergraving van de vruchtbaarheid of spierverzwakking zal ondervinden. Bovendien zullen door de winterse regens nog meer ongewenste stoffen uit drogere delen van het park hun weg hebben gevonden naar het water waar de vogels hun voedsel zoeken.

Een vertraagd effect van vergiftiging bij vogels ontstaat doordat zware metalen in de vetvoorraden worden opgeslagen. Pas wanneer die brandstoftanks op de trek worden aangesproken, krijgen die stoffen een gezondheidsondermijnend effect. Lood tast de lever, nieren en hersenen aan; kwik heeft vooral effect op de nieren.

De uiteindelijke schade zal pas later dit jaar duidelijk worden. Bijvoorbeeld wanneer grutto's (Limosa limosa), hier als weidevogel bekende steltlopers, hun weg weer naar onder meer Nederland en Engeland hebben gevonden, landen waar intensief vogelonderzoek plaatsvindt. Op hun trek van en naar de Senegal-delta pleisteren ook deze vogels in Doñana. De totale winterpopulatie van trekvogels uit Noord-Europa ligt er rond een miljoen dieren, waaronder grauwe ganzen, zwarte en gewone ooievaars, lepelaars, reigers en eenden.

Over een andere mogelijke groep slachtoffers is nauwelijks en wetenschappelijke effectrapportage te verwachten: de talrijke Afrikaanse vogels, die Doñana nu juist in de zomer bezoeken. Daarbij gaat het onder meer om flamingo's, ooievaars en roofvogels als wouwen. Zij hebben onder de vogels de eerste vervuilingsklap opgevangen. Na de omvangrijke vastgestelde sterfte ter plekke is er mogelijk flinke sterfte opgetreden op de trekweg terug. De somberste vogelonderzoekers hebben het daarbij over vele duizenden dieren. Zij benadrukken daarbij dat via hun kadavers nadelige stoffen zich verder verspreid hebben over natte natuurgebieden en onder Afrikaans dierenleven.

(Frans van der Helm)