De spanning in kleine woorden

Hier heerst het desolate hyperrealisme van Edward Hopper: de ongebruikelijke uitsnede van de flat met balkon, de twee onaanzienlijke figuurtjes achter het raam en het groenzweem over mensen en dingen dat een eeuwig soort stilstand suggereert – en dan komen die figuurtjes tot leven. ,,Waarom bel je hem niet op?'' zegt de vrouw op dwingende toon tegen de man. Allengs begrijpen we dat zijn vader op sterven ligt. Maar de man blijft koppig en mokkig. ,,Jij haat je vader niet,'' roept de vrouw. ,,Jij haat jezelf!'' De man slaakt een zucht. ,,Oh god, krijgen we die!'' antwoordt hij dan.

In de twaalfdelige serie Hallo hier aarde van Arjan Ederveen en zijn nieuwe regisseur Arnoud Holleman, die morgenavond begint bij de VPRO, bepaalt het oeuvre van Hopper (1882-1967) de vorm. Decors, belichting, uitsnedes en enscenering – alles verwijst naar de beelden die hij heeft geschilderd. De camera, en de kijker dus ook, kijkt ertegen aan. Af en toe mag hij, in die lange totalen, wel even inzoomen, maar hij mag nooit in het tafereel naar binnen. Hij blijft erbuiten staan, en vaak ziet hij de handeling dan ook alleen maar door glas.

Vervolgens heeft Ederveen zich, naar zijn zeggen, afgevraagd waar die kleine mensjes van Hopper het over zouden kunnen hebben. Vaak praten ze langs elkaar heen, vaak ook zijn ze zonder blikken of blozen in staat te schakelen tussen de ernstige vragen des levens en de vraag of de ander nog koffie wil. Zo praten mensen nu eenmaal, en zo laat hij het graag zien. Het zijn de dialogen waarin hij al eerder uitblonk, met uit het leven gegrepen zinnetjes waar steeds een vaag soort spanning onder zit. Zelden expliciet uitgesproken, maar meestal verstopt in kleine woorden die doen vermoeden dat dit gesprek al veel vaker zo is gevoerd.

Zelf speelt Ederveen in alle afleveringen de hoofdrol, terwijl tegenover hem telkens een gastacteur verschijnt. In de eerste uitzending is dat Beppie Melissen, die misschien net iets te toneelmatig blijft om dit super-naturalisme geloofwaardig te maken. Marlies Heuer doet dat, in één van de andere afleveringen, beter. Opvallend is ook de uitzending met Gerardjan Rijnders, als twee dames met zonnebrillen in ligstoelen, die onder een harde zon hun leren huid liggen te bruinen.

Zodoende keert Arjan Ederveen, twee jaar na het verbluffende quasi-realisme van 30 Minuten, terug met een programmaserie die er nadrukkelijk kunstmatig uitziet, en toch diezelfde raadselachtigheid in zich bergt. Het is tragisch, en tegelijk om te lachen. ,,Als je niet weet of je moet lachen of niet,'' beaamt de maker, ,,dan vind ik dat prettig vaarwater om in te vertoeven.''

Maar aan het eind van de avond gaat morgen ook nog een andere nieuwe creatie van hem in première – en die laat geen enkele reden tot twijfel. In de tweede helft van Hallo hier aarde, na het documentaire programma DNW, speelt Ederveen de hoogst lachwekkende heer A.E.J. `t Mannetje (de initialen zijn die van Ederveen zelf) die met zijn kwieke kuifje en strenge bril oogt als de vroegere NCRV-dagsluiter Okke Jager, maar door de melancholieke titelmuziek van Duke Ellington (Warm valley) ook herinneringen oproept aan het verhaaltje dat Simon Carmiggelt vroeger altijd voorlas aan het eind van de VARA-avond. `t Mannetje zit, de handen gevouwen, voor een scherp uitgelicht studiogordijn aan een tafel waarop een ouderwetse driepoot-microfoon staat. Hij vertelt zijn zotte verhaaltjes met een overgeaffecteerde intonatie en een ronkende dictie, die zelfs het woord soepstengels een dramatische klank geven.

Ook deze dagsluiter zal twaalf keer op het scherm verschijnen. En let op mijn woorden: hij is vast en zeker zo'n type dat school gaat maken. In een ommezien zal menigeen trachten zijn rollende `r' te imiteren en zijn verhaaltjes samen te vatten. Hij is de nieuwe Theo, of de nieuwe Peter van den Pood.

Hallo hier aarde. Ned.3, zondag, 23.00-23.29u en 24.00-0.10u.