De mensen worden rijker

De woningmarkt in het Knooppunt Arnhem-Nijmegen (KAN) is net zo overspannen als de rest van Nederland, maar in sommige wijken en dorpen is de huizenkoorts bovengemiddeld. In dorpen als Wolfheze en Oosterbeek gaan huizen van de hand voor drie tot vier miljoen gulden. Daarvoor krijgt de koper dan een vrijstaande villa met een lapje grond erom heen.

Het is een redelijk gekkenhuis, beamen makelaars in het KAN-gebied, de regio rondom Arnhem en Nijmegen, waar in totaal 675.000 mensen wonen in 274.000 huizen. De gemiddelde woningprijs in de streek was in 1993 met 186.000 gulden nog – ver – onder het landelijke gemiddelde van zo'n 198.000 gulden. Maar inmiddels zijn de rollen omgedraaid: een woning in het KAN-gebied kostte eind 1998 gemiddeld 298.300 gulden tegen 289.600 gulden landelijk. Overigens zijn andere delen van de provincie Gelderland, waaronder de Betuwe en de Veluwe nog populairder: gekeken naar de gehele provincie bedroeg de gemiddelde huizenprijs vorig jaar 323.000 gulden (291.000 gulden in 1997).

Er is een groeiende belangstelling om te wonen in het Knooppunt Arnhem-Nijmegen, en dat heeft volgens R. Engelsing van het gelijknamige makelaarskantoor in Arnhem te maken met de steeds belangrijkere rol die de regio economisch gezien speelt. Het Knooppunt is volgens de beleidsmakers centraal gelegen tussen de Randstad en het Europese achterland, en krijgt in de nabije toekomst te maken met zaken als de Hogesnelheidslijn-Oost, de Betuwelijn, het Multimodaal Transportcentrum in Valburg. ,,Hier gebeurt het, dus hier willen de mensen wonen'', aldus Engelsing.

Om de druk op de huizenmarkt wat te verminderen, zijn er drie grote woningbouwlocaties in ontwikkeling: de Waalsprong bij Nijmegen, Schuytgraag in Arnhem en Westeraam in Elst. Deze drie locaties leveren uiteindelijk ongeveer de helft van de 63.000 woningen die er in de regio tot het jaar 2015 worden gebouwd. De eerste honderd woningen in de Waalsprong werden vorig jaar verkocht – de huizen werden meer dan vier keer overtekend. Dat zal, zo verwacht H. Bakker van Strijbosch & Thunnissen Makelaars in Nijmegen, ook het geval zijn met de zevenhonderd woningen die dit jaar in de Waalsprong worden opgeleverd. ,,Voorlopig blijft er veel meer vraag dan aanbod. De druk op de markt zal daarom nog wel enkele jaren aanhouden.'' De prijs van de woningen steeg het afgelopen jaar met bijna negen procent, tegen een landelijke stijging van iets meer dan acht procent.

Bakker kocht zelf zijn woning in 1992 tien procent boven de vraagprijs (,,ik wilde gewoon kopen'') en zag zich geconfronteerd met vrienden en kennissen die hem voor gek verklaarden. Diezelfde woning is inmiddels het dubbele in prijs waard, zegt Bakker. ,,Datzelfde zie je nu ook weer. Mensen willen koste wat kost kopen. Er werd laatst een huis getaxeerd in Nijmegen voor 425.000 gulden. De verkoper wilde er 550.00 gulden voor hebben en wist het uiteindelijk te verkopen voor 620.000 gulden. Dat was omgerekend duizend gulden per vierkante meter.'' Dat is heel veel, beaamt Bakker. Maar, zo zegt hij, de inflatie meegerekend is het nog niet veel meer dan de prijzen die er in de jaren tachtig voor huizen werden betaald. ,,Wat dat betreft zit er nog wel rek in.''

Binnen het KAN-gebied zijn er duidelijke verschillen: zo is het Overbetuwse gedeelte (Bemmel, Elst, Valburg) populairder dan de grote steden. Arnhem heeft van alle subregio's de laagste gemiddelde woningprijs – al zijn de prijzen in het welvarende Arnhem-noord en in sommige delen van de nieuwbouwwijk Arnhem-Zuid ver boven gemiddeld. De toenemende huizenverkoop en (daarmee) de prijsstijgingen zullen nog wel even doorgaan, verwachten de makelaars. ,,De mensen worden rijker, willen luxer en welvarender wonen'', aldus Engelsing. ,,Men heeft meer voor een woning over dan vroeger.'' Dat gegeven is doorgedrongen tot het Projectbureau KAN, de instelling die zich bezighoudt met een aantal regionale zaken in het KAN-gebied. Alle 25 gemeenten in het Knooppunt hebben een brief gekregen waarin wordt voorgesteld de differentiatie in de nieuw te bouwen woningen voor de komende jaren te veranderen: minder woningen in de sociale sector, aanzienlijk meer in de prijsklasse van 252.000 tot 310.000 gulden. ,,We hopen dat daarmee meer mensen een nieuw huis kunnen kopen'', aldus J. Buskens van het Projectbureau. ,,In het middensegment is tot nu toe te weinig aanbod.'' Naar verwachting zullen de gemeenten met het voorstel instemmen.