Conflict VS/Japan met EU over G7

De Verenigde Staten en Japan hebben een Europees akkoord afgewezen voor de vertegenwoordiging van Euroland bij informele bijeenkomsten van de G7.

Volgens de Amerikanen en de Japanners zouden er teveel Europeanen aanschuiven bij informeel overleg van de ministers van de Groep van zeven industrielanden (G7). In december bereikten de ministers van Financiën van de elf landen die de euro per 1 januari invoerden na maanden een akkoord over de vertegenwoordiging. Die oplossing betekende een nederlaag voor kleinere landen als Nederland, die de kans moesten opgeven altijd een eigen vertegenwoordiger bij de G7 besprekingen te hebben. De Duitse minister van Financiën, Lafontaine, vertrok dadelijk naar Washington om daar te peilen hoe het Europese plan zou vallen. Enkele weken geleden heeft Lafontaine zijn Europese collega's laten weten dat Washington en Tokio niet te vermurwen zijn.

Duitsland is nu voorzitter van zowel de Europese Unie als van de ministers van Financiën van het eurogebied. Het is bovendien voorzitter van de G7, waarvan de ministers van Financiën op 20 februari in Duitsland bijeenkomen. Voor die tijd moet er een voor de VS en Japan aanvaardbaar voorstel komen. Maandag praten de ministers van Financiën van Euroland erover.

De zaak is ingewikkeld, omdat Duitsland, Frankrijk en Italië hun permanente lidmaatschappen van de G7 niet willen opgeven. De andere leden van de G7 zijn naast de VS, Groot-Brittannië en Canada. Het Europese akkoord van vorig jaar hield in dat de euro vertegenwoordigd zou worden door de voorzitter van de elf ministers van Financiën van Euroland, de euro-11. Dit voorzitterschap wisselt iedere zes maanden. Deze voorzitter zou ondersteund moeten worden door een van de landen van het eurogebied die permanent in de G7 zitten. President Duisenberg van de Europese Centrale Bank (ECB) zou ook aan de besprekingen van de G7 moeten deelnemen. Een vertegenwoordiger van de Europese Commissie zou een tweede rangsplaats krijgen als hulp van de voorzitter van de euro-11. De ministers van Financiën worden bij de G7 bovendien vergezeld van hun nationale centrale bankiers.

Bij de G7-bijeenkomst op 20 februari hoeft geen probleem te ontstaan, omdat Duitsland permanent lid van dit informeel overleg is en voorzitter van de euro-11. De ministers van de euro-11 willen echter geen voorlopige oplossing werken, omdat dan later moeilijker een definitieve regeling afgedwongen zou kunnen worden.