BNN

In NRC Handelsblad van zaterdag 30 januari wordt er een analyse gemaakt van de kijkcijfers van BNN nadat de programmering van de eerste drie maanden is gewijzigd. In dit artikel wordt de suggestie gewekt dat het `niet zo best' gaat met BNN. Dit is onjuist.

Dat de ledenaanwas er allesbehalve rooskleurig uitziet is niet correct. BNN is naast de EO de enige omroep die überhaupt nog leden wint. Het is zo dat BNN (net als elke omroep) jaarlijks te maken heeft met een verlies van bijna tien procent en dat dit nog steeds geen totaalverlies heeft opgeleverd maar juist een winst van ruim tienduizend leden. Overigens heeft BNN (gezien het huidige tijdsbeeld) van tevoren rekening gehouden met het feit dat telefonische oproepen alleen niet voldoende zouden zijn door er vanuit te gaan dat er twee grote campagnes nodig zijn om aan het benodigde ledenaantal te komen. Iets wat in het betreffende gesprek met de journalist ook ter sprake is gekomen.

BNN heeft ook niet de intentie om met Eddy Zoey en/of Ruud de Wild de populaire Dennis Pennis te vervangen maar volledig nieuwe presentatoren te introduceren die een belangrijke taak moeten gaan vervullen in de programmering van BNN op lange termijn.

Waar wellicht iets te makkelijk aan voorbij wordt gegaan is het gegeven dat BNN als omroep een ander beeld oproept dan destijds het tv-programma deed en dat het Nederlandse publiek daar aan moet wennen. Dit is iets dat volgens ons niet met BNN-moeheid te maken heeft. Dat bepaalde programma's bij het grote publiek minder aanslaan is iets wat iedere omroep, publiek of commercieel, overkomt. Het vervelende is alleen dat dat bij BNN direct opvalt. Uiteindelijk is de zendtijd beperkt tot maar vijftig minuten in de week, los van de thema-avonden en de eindexamenprogramma`s.

BNN is dan ook van mening dat het niet past om na vijf maanden al conclusies te trekken zoals dat is gebeurd in het betreffende artikel. Zoals gemeld tijdens de persconferentie voor aanvang van dit seizoen moet BNN groeien en de tijd daarvoor krijgen. Zowel in de beeldvorming bij het publiek als in haar bestaan als omroepvereniging.