Auguste

Wij woonden hier al jaren toen ik voor het eerst in ons dorp het VVV-kantoor tegenkwam. Onopvallend, verborgen in een vaal stuk van de hoofdstraat, was op een voormalige winkel op het houtwerk onder de luifel onhandig met witte letters `Syndicat d'Initiative' geschilderd. De deur was op slot. Zoals meestal trouwens, bleek later. De ruiten van de winkel waren afgeplakt met aankondigingen en oude affiches, waaronder een prent van `Château Milandes'.

In onze bestuursvergaderingen van de ACAT, de vereniging van bedrijfshouders, kwam het VVV-kantoor een enkele keer ter sprake, maar nooit ernstig. Er werden dan grapjes gemaakt waarbij de naam `Auguste' nogal eens viel. Zo van: ,,Is de telefoon er nu aangesloten?'' En: ,,Ja, als Auguste weer tijd heeft.'' En een ander: ,,Pas op, anders treedt hij af als voorzitter.'' Om zulke dingen werd geschaterd.

Ik begreep er niets van. Onze belangen als vereniging liepen immers gelijk op met die van de VVV? Toen wij Françoise als assistente kregen toegewezen, besloot ik haar om nadere informatie te vragen. ,,Hoe zit het eigenlijk met de VVV?'' Françoise stond in nauw contact met het politieke bestuur in ons dorp. Haar antwoord kwam spoedig: ,,Ik zal je voorstellen aan Auguste Galéra.'' En dat gebeurde. Zij maakte een afspraak en op een zonnige ochtend stond ik oog in oog met een kleine tanige man, diep in de zeventig, Auguste Galéra, voorzitter van de VVV in Thenon en omgeving.

We stonden op het pleintje voor het gemeentehuis en omdat het mooi weer was, stelde hij voor te gaan zitten op een bankje, met de rug naar het gemeentehuis en uitzicht op de hoofdstraat.

Hij leek aangenaam verrast te zijn dat er iemand belang stelde in zijn bezigheden, maar maakte verder een vermoeide indruk. Met een gebaar naar het gemeentehuis achter ons, zei hij: ,,De Bousquet, onze burgemeester, heeft me gevraagd dit werk op me te nemen. Maar het valt niet mee. Weet u, we hebben maar drie tijdelijke krachten, op staatscontract. Maar die moeten opgeleid worden. En gecontroleerd. Dan is er het documentatiemateriaal, dat moet worden bijgehouden. En dan'' – hij keek gepijnigd – ,,dan zijn er de leden. Meneer, die zijn het ergst. Altijd zeuren, altijd ontevreden.''

Hij legde zijn rechterhand op zijn hart en trok een pijnlijk gezicht. ,,Ook de gezondheid moet blijven meewerken. Begrijpt u?'' Ik begreep het. ,,Dat komt'', ging hij zonder overgang verder, ,,ik ben oud-legionnair. Dat zegt u misschien niets, als buitenlander, maar meneer Bousquet des te meer. Want, weet u, wij legionnairs, wij geven nooit op.'' Hij maakte een gebaar in de ruimte. ,,Als ze allemaal de stelling verlaten hebben, dan blijven wij staan.'' Hij maakte een gebaar met zijn hand als om het begrip `allen' samen te vatten.

Nu raakte hij even in een soort extase. ,,Ik heb twee oorlogen meegemaakt, meneer. Hier en overzee. Ik heb er gezien, meneer, die kousen en schoenen uittrokken, om harder te kunnen lopen. Wij nooit, wij bleven in de stelling.'' Zijn ogen zwommen even rond. En hij slikte. ,,Maar niet allemaal, meneer. Helaas, er zijn er gebleven.'' Hij legde zijn hand op de revers van zijn jasje. ,,Het oorlogskruis, meneer, met diverse vermeldingen. Meneer Bousquet weet het allemaal. Vandaar.''

Ik wilde hem nog vragen waarom het kantoor van de VVV zo vaak gesloten bleef, maar Françoise maakte er snel een eind aan. ``Désolée, Gilbert'', zei ze (Het spijt me), ,,meneer Galéra heeft meer te doen vandaag.''

,,Dat klopt'', zei hij, ,,maar ik hoop u spoedig weer te zien. Mensen zoals u kunnen we hier goed gebruiken in Thenon. Tot ziens.''

Het mocht niet zo zijn. Een week later hoorde ik dat de voorzitter was afgetreden. ,,Hoe kwam dat?'' vroeg ik Françoise. En zij vertelde dat er een vergadering was geweest met de leden-contribuanten. Daarbij was kritiek geuit op de voorzitter. Er waren harde woorden gevallen. Auguste had de portefeuillekwestie gesteld, zoals gebruikelijk, maar men had niet gezwegen. Toen was hij onwel geworden. Men moest een dokter laten komen. Daarop had de burgemeester Auguste gevraagd tijdelijk het voorzitterschap ter beschikking te stellen. En Auguste had daarin ten slotte toegestemd. ,,Toujours fidèle au poste'', zei Françoise. Hij had niet geweken.