Scholl zingt Vivaldi met huppelende souplesse

Twee seizoenen terug was de Duitse countertenor Andreas Scholl als aanstormend talent voor het eerst te gast bij de Nederlandse Bachvereniging. Inmiddels heeft zijn sterstatus die van stemgenoot Michael Chance met reden overtroffen, en staat Scholls bijdrage centraal in het programma waarmee de Nederlandse Bachvereniging deze dagen rondtrekt. Het programma met werken van J.S. Bach en diens tijdgenoten uit Venetië bood een boeiende en diverse dwarsdoorsnede van minder geijkt barokrepertoire. Zo klonk niet Vivaldi's Gloria RV 589, maar het zeer verwante (in het Cum Sancto Spiritu zelfs vrijwel identieke) Introduzione en Gloria RV 588.

De introductie biedt in de instrumentaal gecomponeerde virtuositeit van de vocale melodie al hindernissen die maar weinig contratenoren zonder verslikken zouden hebben doorstaan. Maar voor Scholl zijn halsbrekende sequenzen slechts grappige versiersels van een duidelijke lijn. Hij bracht ze met de vocaal huppelende souplesse die Vivaldi voor oren moet hebben gestaan, maar die even moeilijk te realiseren is als ze makkelijk behoort te klinken.

Het koor overtuigde zowel in Vivaldi als in Bachs Lutherse Mis in G-groot met zekere inzetten en een heldere klank. Slechts aan het einde van deze mis raakten het koor en het verder uistekend en beweeglijk spelende orkest met de muzikale veellijnigheid in de knoop, en leek er zelfs onder het viertal vocale solisten, waarin naast Scholl vooral bas Stephan MacLeod overtuigde, enige verwarring te ontstaan.

Het aandeel van Andreas Scholl beleefde een hoogtepunt in Vivaldi's cantate Cessate, omai cessate (RV 684), die ondanks de beknoptheid een beroep doet op alle vocale kleuren en dramatische nuances. Woordschilderingen zijn bij Scholl geen rationele uitvloeisels van een intelligente interpretatie, maar een direct op het gemoed werkend dramatisch middel. Scholl kan zijn kopstem ragfijn en wendbaar doen klinken, maar beschikt ook over een robuustere klank. Wanneer hij bij extreem lage noten onder woorden als morte moest terugschakelen naar het borstregister, kreeg de tekst een ongekende, contrasterende impact. Zelfs het versnellende tempo waarin hij in het Allegro zijn virtuositeiten moest voortzetten, leidde nergens tot verlies van de muzikaliteit of van de expressiviteit waarmee hij de tekst kleurt. Zo'n vocale beheersing is zeldzaam. Gelukkig is de passietijd nabij. Eind maart is Scholl in Bachs Matthäus Passion opnieuw bij de Bachvereniging te horen.

Concert: Bachs tijdgenoten uit Venetië. De Nederlandse Bachvereniging o.l.v. Jos van Veldhoven m.m.v. Andreas Scholl (alt) e.a. Gehoord: 4/2 Grote Kerk, Naarden. Herh: 5/2 Westerkerk, Amsterdam. 6/2 Martinikerk, Groningen. 8/2 De Doelen, Rotterdam. 9/2 Vredenburg, Utrecht.