Een antisemitisch toneelstuk?

In een serie die de `affaires' van de afgelopen decennia oprakelt, mag Fassbinder niet ontbreken. Het voornemen van de student Johan Doesburg het omstreden toneelstuk Het vuil, de stad en de dood voor zijn eindexamen aan de theaterschool op te voeren, leidde twaalf jaar geleden tot emotionele discussies tussen joden die het stuk antisemitisch vonden en kunstenaars en politici die in de bres sprongen voor de vrijheid van meningsuiting.

Het bleef niet bij discussies. Tweede Wereldoorlogdeskundige Loe de Jong verscheen in het Journaal om te vertellen dat het stuk niet mocht worden opgevoerd. Er werden demonstraties gehouden waaraan honderden geëmotioneerde en boze joodse oorlogsslachtoffers meededen. De joodse jongerenorganisatie Alle Cohens aan dek probeerde alle kaartjes voor de uitvoering op te kopen. En tenslotte werd de première verstoord door een woedend publiek.

In de documentaire De Affaire - Het vuil, de stad en de dood van Netty van Hoorn wordt de rel om het Fassbinder-stuk gereconstrueerd met oude journaalbeelden, krantenknipsels en interviews. Johan Doesburg, nu mede-artistiek leider van Het Nationale Toneel in Den Haag, vertelt dat hij het stuk wilde opvoeren omdat hij altijd al belangstelling had voor ,,Tweede Wereldoorlogachtige dingen''. Hij wist dat het stuk in Duitsland tot grote opschudding had geleid en wilde zien of het in Nederland gewoon gespeeld kon worden.

Waarom dat niet kon, maakt De Affaire niet duidelijk, net zoals het in 1987 ondanks alle commotie onduidelijk bleef. Toen vooral omdat de tekst van Het vuil, de stad en de dood nauwelijks voorhanden was. De Nederlandse vertaling, in heel kleine oplage verschenen, was al uitverkocht toen Doesburg het stuk wilde opvoeren. Het Duitse origineel was evenmin voorradig. Direct na het besluit van Doesburg het stuk toch maar niet op te voeren, verscheen de vertaling als bijlage bij de Haagse Post.

In 1999 is er geen enkele reden meer om niet uitvoerig over Fassbinders tekst van Het vuil, de stad en de dood te praten. Is het stuk inderdaad antisemitisch van karakter of probeert het juist het opkomen van antisemitisme te analyseren en is het daarmee een aanklacht tegen discriminatie van joden zoals Doesburg en de directeur van de Theaterschool beweerden?

Op deze vraag gaat Netty van Hoorn niet in. De bezwaren van joden worden afgedaan als overgevoeligheid. Wie het toneelstuk gezien of gelezen heeft, weet dat het niet slechts omstreden is omdat enkele antisemitische karakters zich zeer kwetsend uitlaten over joden. De naamloze hoofdpersoon, een bemiddelde joodse speculant die als `Rijke Jood' wordt aangeduid, is een karikatuur die zo sterk aan de demonisering van joden in de nazi-tijd herinnert dat het felle protest van de joodse gemeenschap begrijpelijk wordt.

De Affaire - Het vuil, de stad en de dood, Ned. 3, 21.08-21.43u.