Steden uit de ruimte `bijlichten'

Vanaf vannacht zal een grote Russische ruimtespiegel – althans, als alles volgens plan verloopt (een eerste poging mislukte vanmiddag) – onder andere Bonn, Kiev en Moskou kunnen bijlichten. Deze spiegel, Znamja geheten, zou net zoveel licht produceren als tien volle manen. De spiegel heeft een doorsnee van 27 meter en bestaat uit flinterdun kunststof waarop aluminium is gedampt. De spiegel – Znamja betekent vaandel – is meegelift met een vrachtraket die sinds oktober aan het bemande Mir-ruimtestation zat gekoppeld.

Nadat de raket, waarin de spiegel zit opgevouwen, was afgestoten, moest het folie zich door een snelle roterende beweging ontvouwen. De kosmonauten aan boord van het ruimtestation Mir moesten vervolgens met behulp van een joystick de stand van de spiegel zodanig bijstellen dat bepaalde locaties op aarde gedurende lange tijd kunnen worden beschenen. Makkelijk is dat niet: doordat de aarde onder de spiegel doorschiet, moeten doorlopend nauwkeurige correcties worden uitgevoerd.

De ruimtespiegel is eigenlijk een overblijfsel van de Koude Oorlog. De spiegels waren bedoeld om slagvelden bij te lichten: nachtzichtapparatuur is nooit een sterke kant geweest van de Russische defensie-industrie. Maar nu deze spiegels geen militair nut meer hebben, moesten civiele toepassingen worden gevonden. Het officiële doel van het Znamja-experiment is bekijken of het mogelijk is rampgebieden 's nachts bij te lichten. Ook hopen de Russen dat steden zo'n `vaandel' huren om te bezuinigen op de straatverlichting.

Volgens – ongespecificeerde – Russische berekeningen zou de huur al binnen twee jaar winstgevend kunnen zijn.

In 2003 moet een complete constellatie van een dozijn spiegels in een baan rond de aarde worden gebracht. Die spiegels moeten elk een diameter krijgen van 200 meter. Deze cluster spiegels zou in theorie een lichtbundel met een sterkte van honderd keer die van de volle maan kunnen ontwikkelen. Of al deze wilde plannen van de grond komen is overigens maar de vraag. De Russische ruimtevaart kampt met reusachtige financiële problemen en van Westerse interesse is niets bekend. Westerse ruimtevaartorganisaties en milieubewegingen hebben protest aangetekend. Sterrenkundigen zijn bang dat hun waarnemingsapparatuur door de nachtelijke lichtbron wordt vertroebeld. Milieubeschermers vrezen dat levenscycli van planten en dieren zullen worden verstoord.