Republiek

De historicus dr. P.F.M. Fontaine moet glimmend van tevredenheid zijn artikel hebben geschreven over de kansloze republiek Nederland (NRC Handelsblad, 30 januari). Anders is niet te verklaren waarom hij in alle rust en omvang de koninkrijken in de wereld opsomt, maar slechts smalende woorden vindt om het ontstaan van republieken te beschrijven: `willekeur en geweldpleging', `revolutionaire troebelen', `verloren oorlogen' en niet te vergeten `communisme'. De zes kolommen ten spijt valt tevergeefs te speuren naar een analyse van het functioneren van koningshuizen in relatie tot moderne parlementaire democratieën. De auteur knort daarentegen content: ,,De alleroudste politieke entiteiten in de wereld hadden al koningen om hen te regeren.'' Maar wat bedoelt de schrijver hiermee precies te zeggen? Regeerden koningen politieke entiteiten en doen ze dat nog steeds? Fontaines opvatting over regeren roept gemakkelijk vervelende misverstanden op. ,,Japan heeft zelfs het oudste regerende huis ter wereld'', stelt hij vast, maar hoe gedroeg dit oudst regerende huis zich tijdens de Tweede Wereldoorlog?

Dan klinkt er een boude suggestie: ,,Zijn niet de Europese koninkrijken [...] de meest stabiele democratieën?'' Een onderbouwing ontbreekt. Of laat de historicus argumentatie liever achterwege omdat hij beseft dat eerder een stabiele democratie de voorwaarde is voor een hedendaags koningshuis? In dat geval — en dit nadert de realiteit heel wat meer — past het koningshuis in een vriendelijke folkore om ook eens iets anders te stellen tegenover het kaal-politieke vertoon. Daar wordt het koningshuis door de regering zorgvuldig in bescherming genomen. En jubelt het volk.

Fontaine citeert Maurice Duverger die vindt dat je wel een republiek kunt instellen, maar zo'n republiek wil toch gauw de monarchale kant opgaan. De illustrerende namen volgen van George Washington, Charles de Gaulle, Nehru zelfs. Door hun buitengewone verdiensten werden deze lieden echter president — en geen pseudo-koning. Zij hadden daarom en gelukkig maar geen erfopvolging. Deze voorbeelden pleiten dus alleen maar voor een republiek.

    • Abe van der Werff