Ramptoestel had tal van gebreken

Het onderhoud van het toestel van El Al, dat op 4 oktober 1992 op de Bijlmer neerstortte, vertoonde op veel punten mankementen.

Dit bleek vanmorgen tijdens de verhoren van de parlementaire enquêtecommissie naar de toedracht van de ramp. Bovendien bevatte ook het onderzoek na de ramp naar het onderhoud van het vliegtuig enkele ernstige tekortkomingen.

De commissie onthulde dat er een overzicht bestaat van 25 pagina's met onderhoudswerkzaamheden aan de El Al-Boeing, die al enige tijd waren uitgesteld maar eigenlijk al verricht hadden moeten worden. Een van de punten op deze lijst betrof scheurtjes in twee van de vier motoren. Deze lijst is niet opgenomen in het rapport van de Nederlandse luchtvaartautoriteiten over de ramp.

De man die destijds een onderzoek had ingesteld naar het onderhoud aan het vliegtuig in de periode voor de ramp, H. van Klaveren van de Rijksluchtvaartinspectie, gaf toe dat deze lijst uitzonderlijk lang was. Ook erkende hij dat enkele vakjes op formulieren waarop technici met hun handtekening of een stempel aangeven of onderdelen van het vliegtuig deugen, oningevuld waren gebleven. Van Klaveren had het niet nodig geoordeeld hierop verder in te gaan en had aangenomen dat het onderdelen betrof die wel degelijk waren onderzocht. Hij had deze formulieren ook niet bij zijn eindrapport gevoegd.

L. O'Neill, die kort voor de ramp namens El Al aan het onderhoud van het vliegtuig op Schiphol had meegewerkt, verklaarde dat het toestel voor zover hij kon beoordelen in een goede staat had verkeerd. Gevraagd of er wel eens onregelmatigheden plaatshadden bij het onderhoud aan de vliegtuigen van El Al, vroeg O'Neill echter een schorsing van zijn verhoor om zijn advocaat te kunnen raadplegen. Hij gaf bij terugkomst op deze vraag geen rechtstreeks antwoord. Wel wilde hij hierover achter gesloten deuren meer zeggen. Hij liet evenwel doorschemeren dat het zaken betrof die hij van horen zeggen had. Ook bevestigde hij dat het wel eens voorkwam dat een hogere functionaris een handtekening zette tegen de zin van een grondwerktuigbouwkundige die zelf het onderdeel had geïnspecteerd.

Gistermiddag trok vooral het getuigenis van F. Erhart aandacht, die namens de Rijksluchtvaartdienst meewerkte aan het onderzoek naar de ramp. Erhart sprak met grote stelligheid tegen dat er zich wapens of munitie aan boord van het toestel zouden hebben bevonden. De commissie onthulde gisteren dat er een tape met telefoongesprekken bestaat van kort na de ramp, waarop El Al toegeeft dat er onder meer explosieven, munitie en gif aan boord waren. Volgens Erhart betreft het hier waarschijnlijk een misverstand.

Nieuws en achtergrond3