Peper: probeer het niet te begrijpen

Binnen twaalf uur nadat de CAO voor het onderwijs was gesloten, werd opeens ook het muurvast zittende overleg rond die van de politie vlot getrokken. Toeval of samenhang?

Omstuwd door camera's baande minister Peper (Binnenlandse Zaken) zich een weg naar voorlopig de laatste ontmoeting met de politiebonden. Uit de kluwen klonk een vraag: heeft de zonet gesloten CAO voor het onderwijs een akkoord met de politie mogelijk gemaakt? ,,Nu is het wel gemakkelijker geworden'', antwoordde Peper. Even later was de politie-CAO een feit. De aan ruim de helft van de politiemensen per ongeluk toegezegde loonsverhoging tot zes procent, was na bijna een week geruzie omgezet in een `politieflexibiliteitstoeslag'.

Natuurlijk hebben de twee CAO's met elkaar te maken, bevestigde Peper gisteren na herhaaldelijk aandringen van vooral de oppositie bij het Kamerdebat over het gesloten politieakkoord. So what, gaf Peper aan. Vindt de Kamer het niet genoeg dat ik talloze keren toegeef dat mijn onderhandelaars fouten hebben gemaakt waardoor de politielonen tot zes procent stijgen en dat ik daar de volledige verantwoordelijkheid voor neem?

Dat was de Kamer na tien keer wel duidelijk, maar belangrijker dan de schuldvraag vond de Kamer het aanwijzen van een schuldige die in de dagen na 16 januari fouten heeft gemaakt. Dat was Peper zelf. ,,Als hij eerder had toegegeven dat er fouten waren gemaakt, dan had ons alle ellende bespaard kunnen blijven'', zei het Kamerlid Nicolaï (VVD).

Had Peper wellicht een reden zo lang met zijn, volgens de Kamer, `bekraste' verantwoordelijkheid rond te lopen? Die reden was er en lag in de ongelukkige omstandigheid dat de politie-CAO de eerste was in een reeks van acht overheids-CAO's en enkele aan de overheid gelieerde collectieve arbeidsovereenkomsten zoals voor de zorgsector. Tot overmaat van ramp had premier Kok al gezegd dat de politie-CAO een mooie spiegel kon zijn voor het door acties en stakingen geteisterde onderwijs en hun CAO-overleg.

Dat maakte het vrijwel onmogelijk voor Peper om na het constateren van de fout het akkoord van 16 januari, inclusief de forse loonstijgingen hier en daar, intact te laten. Dit zou een totaal verkeerd signaal afgeven aan de onderhandelaars van de CAO's die nog moesten komen, te beginnen met die voor de veel grotere onderwijssector. Waar jaarlijks ruim vier miljard gulden aan de politie wordt betaald, is de loonsom in het primair, voortgezet en beroepsonderwijs een kleine twintig miljard gulden. Aldus kwam ook voor de Tweede Kamer de `verbinding' tussen de onderwijs-CAO en die van de politie in beeld.

Toen bleek dat er bij de onderhandelingen over de politie-CAO een fout was gemaakt, was het dus zaak om de spiegel die Kok het onderwijs had voorgehouden, om te draaien en op de politie te richten. Eerst moest maar eens een akkoord worden bereikt tussen de onderwijsbonden en minister Hermans. Indien dat niet in loonstijgingen van zes procent zou resulteren, was de kou uit de lucht voor de politie-CAO. Intussen, hoe moeilijker Peper zou doen over de schamele 35 miljoen die de fout van zijn onderhandelaars hem kostte, hoe duidelijker hij aldus overbracht dat de salarisafspraken die op 16 januari waren gemaakt, hoogst ongebruikelijk waren.

In de periode tussen 16 januari en gisteren, draaide het om het `sector–specifiek' maken van de CAO's. In gewoon Nederlands betekent dit dat de onderwijzers niet moeten denken dat wat politieagenten krijgen, ook voor hen is weggelegd. Echter, een onderwijzer die een politieman een loonsverhoging van zes procent ziet incasseren, zal dat ook voor zichzelf willen. Een dergelijk percentage praat zich makkelijk rond, zeker als bonden het triomfantelijk op hun Internetpagina's zetten. Vandaar dat Peper en Hermans er allebei alles aan hebben gedaan om de loonstijgingen zo veel mogelijk impliciet te maken.

Hermans vond de oplossing in exotica als compententiebeloningen, eindejaarsuitkeringen en een afschaffing van salarisstops en demotie. Aldus kwamen de onderwijsbonden er met Hermans uit en opeens lag Peper ook niet meer dwars bij het maken van afspraken met `zijn' bonden. Die krijgen alsnog een loonsverhoging in de schalen 7 en 8 van vier tot zes procent waar 2,66 procent de bedoeling was. Op de loonoverzichten zijn die loonstijgingen evenwel niet meer terug te vinden, want de hoofdagenten en brigadiers krijgen de loonsverhogingen in de vorm van een `politieflexibiliteitstoeslag'.

,,Waarom alleen zij'', vroeg het Kamerlid Rietkerk (CDA) zich af. ,,Het personeel in de overige schalen zal toch ook flexibiliteit moeten betrachten?'' Daar had Peper gisteren geen antwoord op. Rietkerk zelf wel: de hele operatie van Peper is wat hem betreft cosmetica om te verdoezelen dat de lonen bij de politie wel degelijk met vier tot zes procent zullen stijgen.

Hoe gaat Peper dat betalen, wilde de Kamer weten. Gaat dat niet ten koste van de politiesterkte? Daarop kreeg de Kamer het soort antwoord waarop Peper inmiddels een patent blijkt te hebben, namelijk onbegrijpelijk. ,,Je moet het ook niet echt helemaal willen begrijpen'', had Peper die middag al gezegd.