Leuren met pillen

Van snelle vertegenwoordiger tot hoogopgeleide voorlichter. De artsenbezoeker is veranderd. Volgende maand verschijnt de Gedragscode Geneesmiddelen-reclame waarin zijn nederige positie strikt wordt vastgelegd.

OP HET VISITEKAARTJE van artsenbezoeker Betty Husslage staat een zwartwit pasfoto. Ze kijkt vrolijk, een tikje ondeugend. Zo'n entree geeft een meerwaarde, vindt ze. Aan het bezoek. `Goh, wat heb je gestudeerd', vraagt een huisarts geïnteresseerd als hij het kaartje beter bekijkt. Of: `bevalt het in de buitendienst?'

Betty Husslage is sinds 1 januari in dienst van een groot farmaceutisch bedrijf. Jaarlijks bezoekt ze 280 huisartsen in het rayon Midden- en Oost-Brabant. Bezoeken van tien minuten - artsenbezoekers krijgen net zoveel spreektijd als patiënten. In die tijd moet ze haar gastheer of -vrouw bekend maken met Betty Husslage, de nieuwe artsenbezoeker. Tegelijkertijd moet ze op een natuurlijke manier een cholestorolverlagend geneesmiddel of een bloeddrukverlager aanprijzen ,,zonder dat het lijkt op een kruisverhoor''.

De medicijnen die ze vertegenwoordigt, zijn niet uniek en er zijn tussen de 1.100 en 1.300 artsenbezoekers die dagelijks de weg op gaan. Hoe profileer je jezelf? ,,Met je persoonlijkheid'', zegt Betty Husslage. ,,Je moet ervoor zorgen dat jouw bezoek een meerwaarde heeft. Dat je blijft hangen. Een collega reed pas geleden een dagje met me mee. Ze zei: `jij hebt het altijd zo gezellig met de arts'.''

Dinsdag 2 februari heeft ze om 13.00 uur een afspraak met dokter P. Claassens in de Bredase volkswijk Tuinzigt. Zijn praktijk bestaat uit 3.500 personen, voornamelijk ziekenfondspatiënten. Ze heeft de huisarts al eens ontmoet maar voor de zekerheid slaat ze haar klantenbestand er nog eens op na. ,,Te gek.'' Dokter Claassens schrijft de twee medicijnen tegen hart- en vaatziekten, die Betty vertegenwoordigt, al voor aan zijn patiënten. Dat beperkt haar missie deze keer tot `relatiebeheer'. Snel stopt ze een paar folders en doseringskaarten in haar zwarte aktetas. Ze móet, móet op tijd komen. Graait nog wat plastic ballpoints bij elkaar. ,,Na het gesprek met de dokter vraag ik altijd aan de assistent: `heb je nog een pen nodig?'.''

We zijn drie minuten te laat. Excuses. Dokter Claassens haalt zijn schouders op. Hij had helemaal geen artsenbezoeker verwacht. In zijn spreekkamer wemelt het van de namen van farmaceutische bedrijven. De doos met tissues komt van MSD, het memoblokje van Glaxo. ,,Onbenulligheden'', noemt Claassens de reminders. Is hij beïnvloedbaar. ,,Ben je gek?'' Hij ontvangt al 22 jaar artsenbezoekers in zijn middagpauze, gemiddeld vier per week. Uit sociale overwegingen. ,,Het is een baan die er bijhoort. Die mensen moeten ook een boterham verdienen.''

Hij doorziet de trucs: de opbouw van een gesprek, een suggestieve vraag. ,,Jonge artsenbezoekers zijn vaak geïnstrueerd'', vindt hij. ,,Ze komen je een verhaaltje vertellen. Efficiënt en onpersoonlijk.'' Volgens F. Seegers van de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) is de artsenbezoeker veranderd van een snelle vertegenwoordiger in een hoogopgeleide voorlichter. Tachtig procent van de beroepsgroep heeft een academische of HBO-opleiding. Betty Husslage studeerde na haar HBO-v, gezondheidswetenschappen in Maastricht. Tien jaar geleden kwam een artsenbezoeker nog wel eens aanzetten met een videorecorder of het complete werk van dr. L. de Jong, herinnert Seegers zich. Daaraan kwam een einde met de Wet op het cadeaustelsel uit 1994. Sindsdien heeft de farmaceutische industrie een bewustwordingsproces ondergaan.

Dokter Claassens vindt artsenbezoekers serieuzer geworden. De voorganger van Betty Husslage reed 32 jaar lang de huisartsen in zijn rayon af. ,,Ik kende zijn gezin en hij het mijne. We vertelden elkaar vakantieverhalen en als hij vertrok, liet hij een folder achter. Dat was alles.'' Een kleine groep patiënten uit de praktijk van dokter Claassens heeft last van de bijwerkingen van medicijnen. Voor hen bieden de artsenbezoekers soms een uitkomst. ,,Via de voorlichting van zo'n vertegenwoordiger ontdek je wel eens een middel waarop een bepaalde astmapatiënt wel goed reageert.''

Volgende maand verschijnt de Gedragscode Geneesmiddelenreclame, een publicatie van onder meer Nefarma, de belangenorganisatie van farmaceutische bedrijven, de Koninklijke Maatschappij tot Bevordering van de Geneeskunst (KNMG) en de Koninklijke Maatschappij tot Bevordering van de Pharmacie (KNMP). Daarin staat de nederige positie van artsenbezoekers strikt omschreven. Hij mag geen cadeaus verstrekken van boven de vijftig gulden. Mondelinge reclame via de telefoon is niet toegestaan, frequentie en duur van de bezoeken zijn gelimiteerd en elke handeling moet aan het bedrijf dat verantwoordelijk is voor de gedragingen van de vertegenwoordiger worden gerapporteerd.

Drie jaar geleden publiceerde de KNMG al een gedragscode voor artsen: `De arts aanvaardt van het bedrijfsleven geen geschenken of andere voordelen in geld of natura, tenzij deze een geringe waarde hebben en relevant zijn voor de uitoefening van de geneeskunde'.

Huisarts Claassens accepteert een of twee keer per jaar een cursus die wordt gesponsord door een bedrijf. Niet in een Zwitsers luxe ski-oord, gewoon in het Novotel in Breda. Huisartsen zijn verplicht zich jaarlijks veertig uur bij te scholen. Hij vult wel eens een enquête in over bijwerkingen van geneesmiddelen. Daarmee verdient hij gemiddeld 35 gulden per keer. De farmaceut maakt dat bedrag desgewenst over naar Artsen zonder Grenzen of naar de Stichting Cliniclowns. ,,Het gaat zo'n bedrijf dan niet om mijn expertise, maar om het aantal patiënten dat met het medicijn wordt bereikt.''

Als Betty Husslage na zeven minuten vraagt of ze Claassens nog `heel even' wat productinformatie mag geven, schudt hij zijn hoofd. ,,Nee, ik heb er geen zin in. Bel maar met mijn assistent voor een nieuwe afspraak.'' ,,Ik dring nooit aan'', zegt Betty als we weer buiten staan. ,,Is een arts geïrriteerd, dan zeg ik hem dat gewoon. Op de training hebben we geleerd die ergernis te benoemen. En met een beetje geluk, kan ik dan nog eens bij hem terugkomen.''