Kritiek op inspectie in zorg

De Inspectie voor de Gezondheidszorg werkt onder de maat. Tot deze conclusie komt de Algemene Rekenkamer in het onderzoeksrapport over de Inspectie voor de Gezondheidszorg dat vandaag naar de Tweede Kamer is gezonden.

De Inspectie voert geen eenduidig beleid, het toezicht is sterk verbrokkeld en wordt willekeurig uitgeoefend. Onderzoek van de Inspectie leunt te zwaar op eenzijdige informatie van betrokken artsen en directies. Ook komt zij vaak te laat of onvoldoende in actie. Met de informatie die de Inspectie levert kan de minister van Volksgezondheid zich geen betrouwbaar beeld vormen van de kwaliteit van de gezondheidszorg, zo meent de Rekenkamer.

Minister Borst (Volksgezondheid) bestrijdt deze conclusie. In een verklaring zegt zij dat ze wel degelijk een helder beeld krijgt van die kwaliteit. Maar de minister voegt daar wel aan toe dat ze zich daarbij behalve op de bevindingen van de Inspectie ook baseert op een aantal andere instituten en adviescommissies.

De Rekenkamer voerde het onderzoek uit van augustus 1997 tot maart 1998. Op 1 januari 1998 werd een nieuwe wet van kracht die drie tot dan naast elkaar opererende, 150 jaar oude, inspectiediensten samenvoegde tot de Inspectie op de Gezondheidszorg. De Hoofdinspectie kreeg op dat moment ook zeggenschap over de verschillende regionale inspecties. De Rekenkamer erkent dat dit een belangrijke stap in de goede richting is om tot een eenduidiger beleid te komen. Maar de ervaringen, op basis van de reorganisatie die vooruitlopend op de nieuwe wet werd gerealiseerd, stemmen nog niet hoopvol.

De Inspectie, die `vrij autonoom' binnen het ministerie opereert moet voor het te voeren beleid sterker door het departement worden gestuurd.

De Rekenkamer vindt ook dat de hoofdinspectie de regionale inspecties steviger moet gaan leiden. Er dient meer uniformiteit in het toezicht te komen en stelselmatig moeten de inspecteur voortaan ook nagaan wat er met hun aanbevelingen wordt gedaan.

Volgens Borst signaleert de Rekenkamer nu dezelfde problemen die de Inspectie zelf drie jaar geleden al aan de orde stelde.

Er zijn volgens haar al veel maatregelen genomen om de situatie te verbeteren. De Rekenkamer erkent dit, maar voegt er aan toe dat de resultaten daarvan nog niet echt zichtbaar zijn.