Storing Franse target-component

Het Eurosysteem werd afgelopen vrijdag getroffen door een storing in de Franse component van het Target-systeem. Dit systeem, ook wel het `real-time' bruto vereveningssysteem genoemd, regelt het betalingsverkeer tussen de nationale centrale banken en de Europese centrale bank. Door de storing in de Franse component van het systeem konden betalingen van en naar Frankrijk niet worden afgewikkeld. Een aantal marktpartijen kwam hierdoor in liquiditeitsproblemen en moest zich beroepen op de relatief `dure' marginale beleningsfaciliteit, waarvan het tarief 4,5 procent bedraagt. Dat geeft aan dat er blijkbaar geen vervangend systeem is bij een dergelijke storing.

De post `marginale beleningen' steeg met ruim 6,5 miljard euro. Niet duidelijk is of het Eurosysteem dan wel de marktpartijen opdraaien voor de kosten van de storing. In samenhang met de storing steeg ook de post `overige passiva' met ruim 11 miljard euro. De mutaties in deze post weerspiegelen vooral transacties binnen het Eurosysteem.

Opmerkelijk was deze week de opnieuw forse toename van de post `verplichtingen in euro's' met 18,1 miljard euro. De toename kan voor een belangrijk deel worden toegeschreven aan de gebruikelijke belastingontvangsten van de ministeries van Financiën aan het einde van de maand. De belastingafdrachten gaan ten laste van de tegoeden die worden aangehouden bij het particuliere bankwezen en komen terecht in de schatkist. Een toename van het schatkistsaldo heeft in sommige landen een verkrappende werking op de geldmarkt.

Daarnaast heeft een aantal overheden, onder andere de Italiaanse, een belangrijk deel van hun schuld kort gefinancierd. Als deze overheden meer lenen dan aflossen, of andersom, dan zal de geldmarkt verkrappen respectievelijk verruimen.

Tegenover de geldmarktverkrappende mutaties stonden enkele verruimende mutaties, zoals de al eerder genoemde stijging van de marginale beleningen en een toename van de post `basisherfinanciering', samen goed voor een geldmarktverruimend effect van ruim 27,5 miljard euro.

De aanhouding op de kasreserverekening daalde uiteindelijk met 3,1 miljard tot 86,4 miljard euro en komt daarmee 13,4 miljard lager uit dan de door de Europese centrale bank gemaakte schatting van 98 miljard euro.

Bron: ING Economisch Bureau